Dienstbrief / Ambtelijke correspondentie.
Origineel
Dienstbrief / Ambtelijke correspondentie. 18 april 1944. De Directeur (vermoedelijk van de Gemeentelijke Vischmarkt Amsterdam). Den Heer Directeur van de Gemeentelijke Distributiedienst, Amstel 1, Amsterdam-Centrum. [Linksboven, getypt:]
8a/43/1M. SV.
[Bovenaan, handgeschreven in blauwe inkt:]
Verzonden 18/4
[Linksboven, doorgestreept met X-en:]
XXXXXX
ter attentie van
den heer Stoot.
[Rechtsboven, getypt:]
18 April 1944.
[Geadresseerde:]
Den Heer Directeur van de
Gem.Distributiedienst,
Amstel 1,
Amsterdam-Centrum.
[Inhoud:]
In bijlage dezes heb ik de eer U een vijftal ingevulde aanvraagformulieren voor rijwielbanden te doen toekomen, voor welke aanvragen ik Uw speciale aandacht vraag. De aanvragen hebben betrekking op personen werkzaam aan de Gemeentelijke Vischmarkt alhier als speciale deskundigen. Het is voor de voorziening met visch van deze Gemeente dringend noodzakelijk, dat genoemde personen over een goed berijdbaar rijwiel beschikken.
Inwilliging van deze verzoeken zal dan ook door mij op zeer hoogen prijs worden gesteld.
De Directeur,
[Linksonder, handgeschreven handtekeningen/namen:]
C.v.Harten
m. Lootjes
Stiphout
Thijssen
Wettes
[Rechtsonder, handgeschreven nummer:]
38671 Dit document is een formele aanvraag voor de toewijzing van schaarse goederen (rijwielbanden) tijdens de Duitse bezetting van Nederland. De toon is uiterst beleefd en ambtelijk ("heb ik de eer U", "op zeer hoogen prijs worden gesteld").
Kernpunten uit de tekst:
1. Schaarste: In 1944 waren rubberen banden bijna niet te verkrijgen voor burgers. Men had een officiële vergunning of toewijzing van de Distributiedienst nodig.
2. Argumentatie: De afzender gebruikt het belang van de voedselvoorziening ("voorziening met visch") als zwaarwegend argument om de aanvraag prioriteit te geven. De medewerkers worden getypeerd als "speciale deskundigen".
3. Logistiek: De namen onderaan de brief corresponderen waarschijnlijk met de vijf personen voor wie de aanvraag is ingediend. Historische context:
De datum, 18 april 1944, plaatst dit document in de late fase van de Tweede Wereldoorlog. De bezetting zorgde voor een enorme tekort aan grondstoffen. Fietsen waren het belangrijkste vervoermiddel, maar door het gebrek aan rubber reden veel mensen op "surrogaatbanden" of houten banden.
De Gemeentelijke Vischmarkt:
De vismarkt in Amsterdam was een cruciaal punt voor de voedselvoorziening van de stad. In een tijd waarin vlees en andere proteïnen schaars waren, was de aanvoer van vis essentieel. De directeur van de markt probeert hier via officiële weg de mobiliteit van zijn sleutelpersoneel te waarborgen.
Distributiedienst:
De Gemeentelijke Distributiedienst zetelde aan de Amstel 1 (de Stopera staat daar tegenwoordig). Zij beheerden de distributie van nagenoeg alles: van voedselbonnen tot vergunningen voor textiel en vervoersmiddelen. De handgeschreven aantekening "Verzonden 18/4" en het dossiernummer onderaan duiden op een zorgvuldige administratieve verwerking in een tijd van bureaucratische controle onder het bezettingsregime.