de Boer.
Bekijk Verhaal ➔AI-Synthese 55
De Boer is een marktkoopman met een standplaats op de Ten Katemarkt. In 1941 werd zijn echtgenote, Mejuffrouw A. de Boer (geb. 1908), toegestaan als assistente te werken bij zijn kraam, mits het tot wederopzegging. In 1943 wordt hij geassocieerd met de Jan Evertsenstraat (mogelijk verhuizing of administratieve vermelding), waar een bijstandsvergunning voor zijn moeder werd aangevraagd en afgekeurd door ambtenaar De Boer. Meer details over zijn specifieke producten en verdere lotgevallen zijn niet bekend uit de beschikbare data.
Lotgevallen
Relaties
Handel
Bron-evidence
Deze gebeurtenissen staan op documenten die aan deze persoon gekoppeld zijn, maar zijn nog niet als hard persoonsfeit bevestigd.
Het verzoek van A. J. Timmermans om aan zijn echtgenoote toe te staan dat de marktkraamman J. Rine op diens plaats op de markt aan de Ten Katestraat te moge assisteeren, moet m.i. worden afgewezen.
Mr. Vrij advies 12-5-’39
proeven 8-6-’39 de Boer
Ik stel U thans voor hem het recht te ontzeggen om gedurende 4 dagen een plaats op een der markten in te nemen, wel op 26-27-28 en 29 Maart 1940.
Archiefdocumenten
Administratief formulier/memo (Bijblad) van een overheidsinstantie (waarschijnlijk de gemeente Amsterdam, afdeling Marktzaken).
* **Onderwerp:** Het document betreft een formeel verzoek van een marktkraamhouder, J. Dagloonder, om officiële toestemming te krijgen voor hulp bij zijn kraam. * **Inhoud:** J. Dagloonder is de houder van vergunning V.K.K. 466 voor de Albert Cuypmarkt. Hij verzoekt of zijn zoon, T. Dagloonder, hem mag assisteren. De ambtenaar benadrukt in het advies expliciet dat het gaat om "assisteren" en "niet vervangen". Dit is een cruciaal juridisch onderscheid in marktreglementen: de vergunninghouder moet in principe zelf aanwezig zijn. * **Besluitvorming:** Het proces verliep vlot in oktober 1939. Het advies werd gegeven op 9 oktober, de formele goedkeuring volgde op de 12e, een modelbrief (bevestiging) werd verstuurd op de 13e, en het dossier werd op de 16e definitief administratief verwerkt. * **Terminologie:** "V.K.K." staat waarschijnlijk voor Vergunning Kaart Kamer, een term die vaker voorkomt in oude Amsterdamse marktadministratie. "m.i." is de afkorting voor "mijns inziens".
Administratieve kaart/notitie betreffende een marktvergunning.
Dit document is een intern verslag van een ambtenaar (vermoedelijk De Boer) aan de afdeling Algemene Zaken van de gemeente Amsterdam. Het betreft een verzoek van ene A.J. Timmermans om zijn echtgenote als assistente te laten werken bij de marktkraam van J. Rine op de Ten Katemarkt (plaats 302). De ambtenaar adviseert negatief op dit verzoek om de volgende redenen: 1. **Financiële verstrengeling:** Rine heeft 50 gulden geleend van Timmermans. 2. **Oneigenlijk motief:** Timmermans wil zijn vrouw daar niet hebben om te helpen, maar om Rine te controleren zodat hij zijn schuld afbetaalt. 3. **Geen noodzaak:** De ambtenaar stelt vast dat Rine eigenlijk geen assistentie nodig heeft voor zijn bedrijfsvoering. De conclusie is hard: de ambtenaar noemt het een "echt knoeirommeltje" (een louche zaak) en adviseert het verzoek af te wijzen zonder de werkelijke reden (de lening en het wantrouwen) aan de betrokkenen mede te delen ("zonder motief").
Administratief bijblad/notitieblad (Model No. 14, Algemene Zaken).
Dit document is een administratief dossierstuk (een 'bijblad') met betrekking tot het marktwezen in Amsterdam, specifiek over een standplaats op het **Amstelveld**. Uit de opeenvolging van aantekeningen kan het procesverloop worden gereconstrueerd: 1. **Aanvraag:** Er is op 23 oktober 1939 een verzoek binnengekomen (no. 24/29/1) voor "uitstel plaatsbez." (uitstel van plaatsbezetting). Dit duidt waarschijnlijk op een marktkoopman die zijn toegewezen plek op dat moment niet kon innemen. 2. **Actie:** Op 25 oktober wordt besloten de persoon op te roepen ("Oproepen"). Er volgen twee oproepen: op 27 oktober en op 3 november 1939. 3. **Inlichtingen:** Op 8 november geeft Controleur de Vries inlichtingen over de zaak. 4. **Afhandeling:** Op 14 november 1939 concludeert een ambtenaar (mogelijk 'dellaer') dat de zaak "als afgedaan kan worden beschouwd", met een verwijzing naar een rapport van de Controleur Marktopzicht. 5. **Archivering:** Op 15 november wordt het stuk definitief geparafeerd voor het archief.
Administratief bijblad/registratiekaart van de gemeente (waarschijnlijk Amsterdam).
* **Status van de aanvraag:** Het document legt het proces vast van een aanvraag door J.A. Faber. Aanvankelijk was er een oproep om een "voorkeurskaart" op te halen, maar uiteindelijk werd het verzoek afgewezen. * **Reden van afwijzing:** De afwijzing ("kan m.i. niet worden ingewilligd") is gebaseerd op een negatief advies van de "Hr. Wolff" en verwijst expliciet naar een rapport van de "Marktopzichter". Dit suggereert dat Faber een vergunning of standplaats op een markt ambieerde. * **Locatie:** De vermelding van "Prinsengracht 277" duidt op Amsterdam. * **Administratieve gang:** Het document toont een typische ambtelijke verwerking uit de jaren '30, waarbij verschillende functionarissen (Wolff, de Boer) hun fiat of advies op dezelfde kaart noteerden. De rode cijfers onderaan zijn waarschijnlijk een verwijzing naar het definitieve dossiernummer of de opvolgende actie.
Administratief bijblad / dossierkaart (Model No. 14, Algemene Zaken).
Dit document is een administratief bijblad dat werd gebruikt om de voortgang van een specifiek dossier of verzoek binnen een gemeentelijke organisatie bij te houden. Het onderwerp betreft de toewijzing of registratie van marktplaatsen. Uit de chronologie van de aantekeningen valt het volgende proces af te leiden: 1. **16 juni 1939:** Het document wordt doorgezonden of geregistreerd onder nummer 20/18/1. 2. **Actie:** Er is een vraag gesteld of de heer P. Mullens moet worden opgeroepen ("Oproepen?") in verband met een openstaande kwestie over een marktplaats ("hangt plaats op de markt"). 3. **21 juni 1939:** De oproep is verzonden ("opger. per 21/6 '39"). 4. **Afhandeling:** Ambtenaar De Boer merkt het dossier dezelfde dag aan als "afgedaan", omdat P. Mullens in de tussentijd actie heeft ondernomen en zich voor meerdere markten heeft laten inschrijven. 5. **23 juni 1939:** Een laatste controle of goedkeuring vindt plaats, gemarkeerd met een paraaf en datum onderaan de kaart.
Ambtelijke notitie / handgeschreven memorandum.
De notitie betreft de afhandeling van een verzoek van mevrouw J. Witzenhausen-Brilleman. Zij vraagt toestemming om haar achttienjarige zoon Leo als assistent te laten werken bij haar marktkraam op het Mosplein. De ambtenaar H. Dijkema adviseert positief ("geen bezwaar"), maar stelt een harde voorwaarde: alleen deze specifieke zoon mag helpen. De aanwezigheid van andere zonen of personeel ("knecht") is expliciet verboden. Opvallend is de procedurele strengheid: de vrouw is persoonlijk "ontboden" om deze voorwaarde aan te horen, en er wordt gedreigd met onmiddellijke intrekking bij de kleinste overtreding. De doorgehaalde tekst "niet vermeld f 7" wijst mogelijk op een administratieve onduidelijkheid over verschuldigde marktgelden of leges. De afkorting "Z.O.Z." (Zie Ommezijde) duidt aan dat er op de achterkant van het origineel waarschijnlijk nog meer informatie staat.
Ambtelijke notitie / memorandum betreffende marktvergunningen.
* **Handschrift:** Het betreft een vlot, ambtelijk cursief handschrift uit de eerste helft van de 20e eeuw. De tekst is goed leesbaar, met typische afkortingen uit de bureaucratie van die tijd. * **Terminologie:** * *M.i.:* Mijns inziens. * *Steun of werkverschaffing:* De sociale voorzieningen voor werklozen tijdens de crisisjaren en het begin van de bezetting. * *Dir. M.W.:* Directeur van het Marktwezen. * *Weth.:* Wethouder. * **Inhoud:** De kern van het document is een sanering van marktplaatsvergunningen. Kooplieden die al geruime tijd (sinds eind 1939) een uitkering ontvangen en hun kraam niet meer bemannen, verliezen hun recht op een vaste standplaats. Men wil de marktruimte niet onnodig "vrijhouden" in afwachting van een "normale toestand".
Administratief bijblad/notitie van een gemeentelijke of politiële instantie.
* **Onderwerp:** Het document betreft de administratieve afhandeling van een ventvergunning voor een persoon genaamd Van Kasteel. * **Inhoud:** Er wordt vastgesteld dat de heer Van Kasteel in het bezit is van een vergunning voor de verkoop van consumptie-ijs. Er wordt expliciet opgemerkt dat hij "uitsluitend met ijs" vent, wat duidt op de specifieke aard van zijn handel of de beperkingen van zijn vergunning (bijvoorbeeld geen andere etenswaren). * **Procesgang:** * **27 april:** Document doorgezonden. * **29 april:** Controlerapport opgesteld door De Boer (district West). * **3 mei:** Opnieuw een aantekening/paraaf door De Boer. * **4 juni:** Laatste afhandeling of archivering ("opt" mogelijk voor "opgenomen" of "opvolging") met initialen.
Ambtelijke notitie of besluitlijst betreffende disciplinaire maatregelen.
Het document is een administratief overzicht van sancties voor marktkooplieden die de regels hebben overtreden. De strafmaat is opgebouwd in gradaties: 1. **Waarschuwen:** De lichtste vorm voor Houthuysen, Roodveldt en Hanjas. 2. **Voorwaardelijke straffen:** Locher en Walg krijgen een voorwaardelijke schorsing van één dag. 3. **Tenuitvoerlegging (In werking):** Bij Van Cleef wordt een oude voorwaardelijke straf ("v.v.w." staat waarschijnlijk voor 'vorige voorwaardelijke') van twee dagen gecombineerd met één dag voor een nieuw vergrijp, totaal drie dagen uitsluiting. 4. **Recidive:** Het geval van M. Polak is het ernstigst. Omdat hij al eerder geschorst was voor hetzelfde feit, wordt voorgesteld hem voor vier aaneengesloten dagen de markttoegang te ontzeggen eind maart 1940. De rode kruisen en dossiernummers (zoals 25/51/...) wijzen op een zorgvuldige archivering en afhandeling door een marktmeester of gemeentelijke instantie.
Ambtelijke correspondentie / dossierstuk (Model No. 14, Algemene Zaken).
Het document betreft een verzoek van marktkoopman J. Steenman, die standplaats nummer 338 G op de Albert Cuypmarkt in Amsterdam bezet. Uit de tekst blijkt dat Steenman zijn recht op de standplaats tijdelijk was kwijtgeraakt, vermoedelijk vanwege een openstaande schuld. Omdat deze schuld inmiddels is voldaan, adviseert de behandelend ambtenaar (mogelijk de heer De Boer) positief over het herstel van zijn rechten. Naast het terugkrijgen van zijn plek, wordt er ook toestemming gegeven voor een 'uitstel van plaatsbezetting' voor de duur van drie maanden. Dit betekent dat hij zijn plek drie maanden lang niet hoeft in te nemen zonder deze kwijt te raken. Er wordt verwezen naar een achterliggend rapport van de Chef Marktopzichter voor verdere details. De verschillende data en parafen aan de rechterkant tonen de administratieve afhandeling van het dossier gedurende de maand januari 1941.
Administratief bijblad/memo (waarschijnlijk van de Gemeente Amsterdam, Marktwezen).
Dit document betreft een administratieve afhandeling van een verzoek door marktkraamhouder C. Spils. Spils heeft een vaste staanplaats (nummer 72) op de Westermarkt/Westerstraat in Amsterdam. Op 24 april 1941 was hij gewaarschuwd vanwege een betalingsachterstand van het marktgeld. Uit de aantekeningen blijkt dat Spils wegens ziekte heeft verzocht om gedurende drie maanden zijn plaats niet te hoeven bezetten. De ambtenaren (De Boer en Th. Wolff) gaan hiermee akkoord, mits het wekelijkse marktgeld wel gewoon wordt doorbetaald tijdens zijn afwezigheid. Er wordt expliciet verwezen naar een bijgevoegde doktersverklaring als bewijs voor zijn ziekte. De verschillende data en initialen tonen het proces van advisering en besluitvorming binnen de gemeentelijke afdeling.
Ambtelijke notitie / intern memo betreffende marktvergunningen.
Het document is een administratieve opvolging van achterstallige betalingen door marktkooplieden of stalhouders op het Maasplein. De tekst schetst een escalatieproces: 1. **Dreiging:** Vanwege oplopende schulden wordt voorgesteld de vergunning van de heer Brand in te trekken via de Wethouder. 2. **Waarschuwing:** De heren Wayeres en Jansen krijgen een laatste waarschuwing om hun schulden te voldoen. 3. **Resultaat:** Een dag later (28 maart) is er een afspraak met Jansen. Medio april blijkt dat Brand zijn schuld heeft voldaan, terwijl andere achterstallige "kramers-verhuurders" alsnog officieel zijn gewaarschuwd. 4. **Referenties:** Er wordt verwezen naar dossiernummers (85/1/14, 15 en 17), wat duidt op een gestructureerd archiefsysteem.
Administratief voorblad of bijblad bij een dossier van een overheidsinstantie.
Dit document fungeert als een administratieve geleidekaart of registratieblad voor een specifiek dossieronderdeel (bijblad) binnen het Ministerie van Algemene Zaken. Het dossiernummer is 33/48 uit 1941. Uit de aantekeningen kunnen we de volgende gang van zaken afleiden: 1. **16 juli 1941:** Het document wordt doorgezonden. 2. **21 juli 1941:** W. de Wolff verzoekt om iets "af te voeren m.c.v." (waarschijnlijk 'met correspondentie-vel'). De ambtenaar De Boer tekent hiervoor. 'Afvoeren' betekent in deze administratieve context het verwijderen van een naam of zaak uit een actieve lijst of register. 3. **28 juli 1941:** De actie is uitgevoerd en geregistreerd op de "C.W." (waarschijnlijk de Centrale Weeklijst, een standaard administratief instrument in die tijd). 4. **27 november:** Het dossier wordt definitief opgeborgen (gearchiveerd) in sectie B. Onderaan staat het modelnummer van het formulier (Model No. 14) en de drukkerij-informatie, waaruit blijkt dat dit type formulier in oktober 1937 in een oplage van 10.000 stuks is gedrukt.
Administratief dossierblad/memo van de gemeente Amsterdam (Algemene Zaken).
* **Kern van de zaak:** Het document betreft de marktkoopman S. Fransman, die een standplaats (nummer 327) had op de Ten Katemarkt in Amsterdam. Hij had voorheen vrijstelling van het betalen van marktgeld omdat hij een steunuitkering ("ondersteuning") ontving. * **Wijziging status:** De administratie stelt vast dat zijn laatste uitkering op 29 maart 1941 is stopgezet. Hierdoor vervalt zijn vrijstelling en moet hij vanaf 27 maart (of april, afhankelijk van de interpretatie van "27 uit j.l.") weer marktgeld betalen. * **Verzoek om afwezigheid:** Er is een verzoek ingediend om de marktplaats twee maanden niet te hoeven bezetten. Ambtenaar De Boer adviseert positief op 18 april 1941, mits Fransman het verschuldigde marktgeld gedurende zijn afwezigheid wekelijks blijft doorbetalen om zijn rechten op de plek te behouden. * **Afhandeling:** Op 25 april 1941 wordt dit definitief geaccordeerd ("Acc.") en wordt er een standaardbrief ("modelbriefje") verzonden.
Administratief advies/notitie op een voorgedrukt formulier (Bijblad).
Dit document is een ambtelijk advies betreffende een verzoek van een zekere A.J. Mollema. Mollema heeft verzocht om zich te laten bijstaan door Mejuffrouw A. de Boer (geboren op 22 augustus 1908). De tekst stelt dat er "mijns inziens" (m.i.) geen bezwaar bestaat tegen dit verzoek, mits het "tot wederopzegging" is. De verschillende data tonen de administratieve gang van zaken: * **22-2-41:** Eerste advies van Th. Renz. * **26-2-41:** Datum op de hoofdstempel. * **6-3-41:** Ondertekening door De Boer (mogelijk een afdelingshoofd of de ambtenaar die de beslissing bevestigt). * **10-3-41:** Waarschijnlijk de datum van definitieve afhandeling of archivering (geparafeerd met HWC). De toevoeging "modelbriefje" in groen potlood suggereert dat deze tekst als blauwdruk diende voor de formele beschikking die naar de verzoeker is gestuurd.
Ambtelijke notitie of marginaal besluit op een los blad.
De tekst is opgedeeld in twee duidelijke segmenten: 1. **Referentie naar eerdere actie:** De bovenste drie regels vermelden een dossiernummer (30/29/2) en een datum (4 oktober 1836). Hierin wordt vastgesteld dat er op die datum "assistentie" (bijstand of ondersteuning) is toegekend voor de zoon, Jacob Monterinus. De schuine streep aan het einde markeert de afsluiting van deze referentie. 2. **Actueel verzoek:** Het onderste gedeelte is een korte instructie van een ambtenaar genaamd "de Boer". Hij richt zich op 9 december 1842 tot "Th Rens" met het verzoek om advies uit te brengen over deze zaak. De schrijfstijl is een typisch 19e-eeuws administratief handschrift. De term "assistentie" werd in die periode vaak gebruikt in de context van armenzorg of financiële tegemoetkomingen voor specifieke noden (zoals onderwijs of medische kosten).
Handgeschreven verzoekschrift met ambtelijke kanttekeningen en stempels.
Het document is een formeel verzoek van P. Koning aan de gemeentelijke instanties (vermoedelijk de Marktdienst) om zijn moeder officieel als helpster ("bijstandsvergunning") te laten registreren bij zijn verkoopkar in de Jan Evertsenstraat. De ambtelijke reactie onderaan, geschreven door een ambtenaar genaamd De Boer, is echter negatief. Uit de notitie blijkt dat P. Koning al vaker gewaarschuwd is omdat hij zijn moeder de standplaats liet exploiteren zonder dat hijzelf aanwezig was. De ambtenaar adviseert het verzoek af te wijzen omdat hij vermoedt dat de aanvraag slechts een juridische dekmantel is om de moeder de vaste standplaats te laten overnemen. Het document eindigt abrupt midden in een zin ("dat de moeder"), wat suggereert dat de tekst op een volgende pagina of de achterzijde doorliep.
Handgeschreven ambtelijke notitie op gelinieerd papier.
De notitie betreft een administratieve mededeling aan een zekere heer Ab. (waarschijnlijk Abraham) v. Iperen. Hem is te verstaan gegeven dat hij voor een bepaalde zaak contact moet opnemen met het "Bedrijfschap" in Den Haag. De tekst bevat een latere toevoeging in rode inkt ("erkenning?"), wat suggereert dat de aard van de aanvraag of de reden voor het doorverwijzen te maken had met een officiële erkenning. De ondertekening door "deBoer" en de latere aftekening "Gezien 30-5-'44" duiden op een hiërarchisch administratief proces binnen een kantoor of instantie.
Ambtsverslag / Interne correspondentie betreffende markttoezicht.
Het document is een verslag van een ordeprobleem op een markt in een Amsterdamse "volksbuurt" tijdens de Tweede Wereldoorlog. De kern van het probleem is de "vischaanvoer". In 1944 was voedsel schaars; de aankomst van verse vis leidde onvermijdelijk tot grote toeloop en potentiële onrust onder de hongerige bevolking. De marktopzichter, Rijgwart, trekt aan de bel omdat hij de veiligheid niet kan garanderen met de beperkte middelen die hij heeft. Opvallend is de bureaucratische gang van zaken: de eerste aanvraag bij het lokale bureau aan de Admiraal de Ruijterweg levert niets op, waarna er "hogerop" (bij de heer Gaaikema) moet worden bemiddeld. Uiteindelijk worden er twee politieruiters en een opperwachtmeester ingezet, wat tot een "rustig" verloop leidt. De rode aantekening onderaan dient als een formele instructie voor de toekomst: bij tekort aan manschappen moet men direct het hoofdkantoor inschakelen.
Handgeschreven kwitantie of bewijs van aanvoer.
Het document is een kort zakelijk briefje of bewijs van ontvangst, gedateerd midden in de Tweede Wereldoorlog. Het betreft de registratie van een partij vis (schol). Opvallend is het verschil tussen de aangevoerde hoeveelheid (50 kg) en de uiteindelijk afgegeven hoeveelheid (47 kg). Dit kan duiden op uitval, verlies door schoonmaken of een correctie tijdens de weging. De vermelding "(0.89)" achter de schol zou kunnen verwijzen naar een prijs per eenheid (gulden) of een specifieke partijcode. De ondertekening door J. Reny suggereert dat deze persoon de vis in ontvangst nam of de transactie ter plekke valideerde. Enkele dagen later, op 23 februari 1944, is het document gecontroleerd voor het dossier door een persoon genaamd de Boer.
Handgeschreven notitie/kwitantie op een gelig kartonnetje.
Dit document is een bewijs van aanvoer en afgifte van vis (schol) op de Lindengracht in Amsterdam tijdens de Tweede Wereldoorlog. * **Aanvoer:** J. Kroon heeft 120 pond schol aangeleverd tegen een prijs van 0,89 gulden per pond. * **Afgifte:** Er is 57 kilogram afgegeven. In die tijd werd een "pond" vaak gelijkgesteld aan 500 gram, dus 120 pond komt overeen met 60 kg. De 57 kg die daadwerkelijk is afgegeven suggereert een klein verlies of een specifieke toewijzing. * **Controle:** Linksonder is een aantekening te zien van een controle die enkele dagen later plaatsvond, op 23 februari 1944, vermoedelijk ondertekend door een controleur genaamd de Boer. * **Handschrift:** Het betreft een vlot, zakelijk handschrift in inkt.
Handgeschreven memo of verslag op een los vel papier.
Het document is een korte notitie waarin de verklaring van een zekere J. Hellegers wordt vastgelegd. Hij wordt blijkbaar verdacht van het illegaal venten (straatverkoop) van bloemen. Hellegers ontkent dit en stelt dat hij slechts éénmaal op een zaterdagochtend zijn broer – die wél bloemenventer is – heeft geholpen door de kar vast te houden. De tekst benadrukt de medische status van Hellegers: hij mag absoluut niet werken en moet zes weken volledige rust houden. Om dit te verifiëren wordt verwezen naar Dr. D. v.d. Sande van de polikliniek van het Binnengasthuis in Amsterdam, inclusief de specifieke uren waarop de arts raadpleegbaar is. Het document is ondertekend door 'de Boer', waarschijnlijk een controleur of administratief medewerker.
Koopliedenlijsten
Onbekend
Relevante Archieffragmenten
# TRANSCRIPTIE Mr. de Boer. (onderstreept)
M. de Haan.
# TRANSCRIPTIE [Centraal op het blad geschreven in rood potlood:] Mr de Boer ___________
# TRANSCRIPTIE aanvoer 14 Dec In Kalestraat Zoetwatervisch (voorw) van A Fonn . a B Fonn en W Ruiter 80p 40p + 40p. aanvoerders A Fonn <s>||||</s> <s>||||</s> <s>||||</s> <s>||||</s> <s>||||</s> <s>||||</s> <s>||||</s> <s>||||</s> <s>||||</s> <s>||||</s> <s>||||</s> <s>||||</s> <s>||||</s> <s>||||</s> || Ik heb alleen vink af laten houden van de aanvoerder doch **niet** van de beide andere aanv...
# TRANSCRIPTIE Prof.Ir.B.v.d.Burg, hoogleeraar Landbouw Hoogeschool Ir.Alph.Roebroek, Directeur-Generaal v.d.Landbouw. Notaris G.Sluis, penningmeester, giro no.22046.