Getypte brief (vermoedelijk een kopie of doorslag).
Origineel
Getypte brief (vermoedelijk een kopie of doorslag). 7 april 1941. De Directeur (van de betreffende gemeentelijke dienst, vermoedelijk Dienst der Markten). Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen. Extra [handgeschreven in paars]
HG.
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
20/1/14 M. 7 April 1941.
Ten vervolge op mijn brief d.d. 31 Maart jl. (No.20/1/13 M.) heb ik de eer U beleefd te verzoeken wel te willen bevorderen, dat het navolgende communiqué deze week in de pers wordt opgenomen:
"De Regeeringscommissaris voor Amsterdam brengt ter openbare kennis van marktbezoekers en marktkooplieden, dat de markten hier ter stede, in verband met de verduisteringsmaatregelen uiterlijk een half uur vóór zonsondergang door de marktkooplieden moeten zijn ontruimd.
Derhalve moeten de markten op Zaterdag 19 April a.s. uiterlijk om 20.15 uur zijn ontruimd".
De Directeur, * Inhoud: Het document is een formeel verzoek om een publieke mededeling (communiqué) in de kranten te plaatsen. De kern van de boodschap is dat markten in Amsterdam vanwege de geldende verduisteringsvoorschriften een half uur voor zonsondergang volledig ontruimd moeten zijn. Er wordt een specifiek voorbeeld gegeven voor zaterdag 19 april 1941, waarbij 20:15 uur als uiterste tijdstip wordt gesteld.
* Bestuurlijke context: De brief is gericht aan de "Wethouder voor de Levensmiddelen". In de periode van de bezetting bleven sommige wethouders (of hun vervangers onder de nieuwe orde) verantwoordelijk voor de distributie en voedselvoorziening, een cruciaal onderdeel van het stadsbestuur tijdens de oorlog.
* Taalgebruik: Het taalgebruik is uiterst formeel en ambtelijk ("heb ik de eer U beleefd te verzoeken", "wel te willen bevorderen"), wat typerend is voor die tijd, zelfs onder de druk van de bezettingsomstandigheden. Dit document is geschreven in april 1941, slechts enkele maanden na de Februaristaking. Als gevolg van die staking was het Amsterdamse gemeentebestuur door de Duitse bezetter ontbonden en was Edward Voûte aangesteld als regeringscommissaris (met de bevoegdheden van burgemeester en wethouders).
De verduisteringsmaatregelen (luchtbescherming) waren strikt en bedoeld om geallieerde piloten te verhinderen steden als navigatiepunt te gebruiken. Deze maatregelen hadden een enorme impact op het dagelijks leven; winkels en markten moesten hun openingstijden aanpassen aan het daglicht. De precisie van de instructie (een half uur vóór zonsondergang) en de communicatie via de pers laten zien hoe de bezettingsbureaucratie de burgerbevolking tot in de kleinste details reguleerde.
Samenvatting
- Inhoud: Het document is een formeel verzoek om een publieke mededeling (communiqué) in de kranten te plaatsen. De kern van de boodschap is dat markten in Amsterdam vanwege de geldende verduisteringsvoorschriften een half uur voor zonsondergang volledig ontruimd moeten zijn. Er wordt een specifiek voorbeeld gegeven voor zaterdag 19 april 1941, waarbij 20:15 uur als uiterste tijdstip wordt gesteld.
- Bestuurlijke context: De brief is gericht aan de "Wethouder voor de Levensmiddelen". In de periode van de bezetting bleven sommige wethouders (of hun vervangers onder de nieuwe orde) verantwoordelijk voor de distributie en voedselvoorziening, een cruciaal onderdeel van het stadsbestuur tijdens de oorlog.
- Taalgebruik: Het taalgebruik is uiterst formeel en ambtelijk ("heb ik de eer U beleefd te verzoeken", "wel te willen bevorderen"), wat typerend is voor die tijd, zelfs onder de druk van de bezettingsomstandigheden.
Historische Context
Dit document is geschreven in april 1941, slechts enkele maanden na de Februaristaking. Als gevolg van die staking was het Amsterdamse gemeentebestuur door de Duitse bezetter ontbonden en was Edward Voûte aangesteld als regeringscommissaris (met de bevoegdheden van burgemeester en wethouders).
De verduisteringsmaatregelen (luchtbescherming) waren strikt en bedoeld om geallieerde piloten te verhinderen steden als navigatiepunt te gebruiken. Deze maatregelen hadden een enorme impact op het dagelijks leven; winkels en markten moesten hun openingstijden aanpassen aan het daglicht. De precisie van de instructie (een half uur vóór zonsondergang) en de communicatie via de pers laten zien hoe de bezettingsbureaucratie de burgerbevolking tot in de kleinste details reguleerde.