Archiefdocument
Origineel
27 april 1944 $N^o$ 84/57/1
M. 1944 [stempel: 17 / 7]
GEMEENTE AMSTERDAM
No. 1885a Arb. 1943.
Onderwerp:
Bijdrage Gemeente
in spaarfondsen.
Amsterdam, 27 April 1944.
In mijn rondschrijven van 25 November 1943, No. 1885 Arb., betreffende de bijwerking van de personeelskaarten met de gegevens over 1943, verzocht ik op pagina 3, 4e alinea, mij voortaan ieder jaar, vóór het einde van de maand Maart, een opgave te doen toekomen van de bijdrage der Gemeente in het spaarfonds der arbeidscontractanten over het voorgaande kalenderjaar.
Bedoeld wordt dus het bedrag, dat voor rekening van uw diensttak in het spaarfonds is gestort of daarvoor is gereserveerd. De bijdrage van het personeel behoort daarin dus niet begrepen te zijn, aangezien deze reeds vermeld wordt op de personeelskaarten en op de lijsten van zg. losse arbeidscontractanten.
Gevraagd werd voorts de opgave te splitsen in ambtenaren en werklieden, terwijl deze zoowel de arbeidscontractanten voor werkzaamheden van bijzonderen (voortdurenden) aard als voor werkzaamheden van zeer tijdelijken aard (zg. los personeel) dient te omvatten.
Voor zoover bedoelde opgave voor uw diensttak nog niet is ingezonden, verzoek ik U de inzending daarvan te willen bespoedigen en van een en ander voor volgende jaren aanteekening te doen houden.
De Wethouder voor de Arbeidszaken,
F. P. GUÉPIN.
[Handgeschreven links:]
n.v. geen spaarfonds
[Onderaan:]
Heeren Hoofden van Diensten
Bedrijven en Administratiën.
[Handgeschreven rechtsonder:]
door a.o.h. [onzeker]
[Voetnoot:]
Stadsdrukkerij Amsterdam 9590-4-44-100 Dit document is een herinnering (rappel) aan een eerdere instructie uit november 1943. De essentie is de administratieve verantwoording van gemeentelijke bijdragen aan spaarfondsen voor personeel met een arbeidscontract (niet in vaste dienst).
Belangrijke elementen:
* Strikt onderscheid: Er moet scherp onderscheid worden gemaakt tussen de bijdrage die de gemeente (de werkgever) stort en de eigen bijdrage van het personeel.
* Categorisering: De gegevens moeten gesplitst worden naar rang (ambtenaren vs. werklieden) en naar aard van het dienstverband (vast vs. los personeel).
* Deadline: De informatie moet jaarlijks vóór eind maart binnen zijn.
* Handgeschreven kanttekening: De opmerking "n.v. geen spaarfonds" links suggereert dat dit specifieke exemplaar toebehoorde aan een dienst waarvoor de regeling niet van toepassing was of die geen spaarfonds beheerde. Het document dateert uit april 1944, de late fase van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. Ondanks de oorlogsomstandigheden en de naderende bevrijding, bleef de bureaucratie van de Gemeente Amsterdam nauwgezet functioneren.
De ondertekenaar, Frans Peter Guépin, was in die tijd wethouder in de door de bezetter gecontroleerde gemeenteraad. Hij was een lid van de NSB, wat kenmerkend is voor de bestuurlijke samenstelling van Amsterdam in die periode, nadat democratisch gekozen wethouders waren vervangen door collaborateurs. De term "Arbeidszaken" in deze context is beladen, aangezien dit departement in die jaren vaak betrokken was bij de registratie van personeel voor de Arbeitseinsatz (gedwongen tewerkstelling in Duitsland), hoewel dit specifieke document een puur administratieve, financiële inslag lijkt te hebben betreffende lokale personeelsvoorzieningen. P. Gu Gemeente Amsterdam NSB