Dienstverslag / Ambtsrapport.
Origineel
Dienstverslag / Ambtsrapport. J. H. de Grebber, Ambtenaar bij het Marktwezen. De Heer Directeur van het Marktwezen alhier (Amsterdam). [Linksboven, getypt:]
DIENST VAN HET MARKTWEZEN
te
A M S T E R D A M
[Rechtsboven, handgeschreven:]
Ph. De Haan [?]
[Midden, getypt:]
In opdracht van den Heer Directeur van het Marktwezen alhier, heb ik, J. H. de Grebber, Ambtenaar bij het marktwezen, op Woensdag, 16 Februari 1944, contrôle gehouden bijden verkoop van visch in de Albert Cuypstraat alhier. Bij het verlaten van de verkoophal heb ik onderstaande personen staande gehouden en gecontroleerd:
Postimius; Proost; C. Persoon; Molenaar; v.d. Ploeg.
Zij hadden alleen het toegestane kwantum, zijnde 2 k.g. visch, op hun kar liggen.
De uitgang welke uitkomt in de Govert Flinckstraat is tijdens den verkoop gesloten geweest.
Waarvan dit rapport te Amsterdam op 17 Februari 1944.
De Ambtenaar voornoemd,
[Handtekening: J.H. de Grebber]
J. H. de Grebber.
[Linkermarge, handgeschreven:]
Gezien 21-2-44
delbaer [?]
doss. contrôle
[Linksonder, getypt:]
Aan
Den Heer Directeur van het Marktwezen
A L H I E R
[Onderaan, stempels en handgeschreven nummers:]
Nº 20/8/16 M. 1944 2 ½ / 2 * Inhoud: Het document is een formeel rapport van een marktambtenaar aan zijn directeur betreffende een uitgevoerde controle op de visverkoop in de Albert Cuypstraat. De ambtenaar rapporteert dat vijf met name genoemde handelaren (Postimius, Proost, C. Persoon, Molenaar en v.d. Ploeg) zich hielden aan het toegestane rantsoen van 2 kilogram vis per kar. Tevens meldt hij dat een specifieke uitgang (naar de Govert Flinckstraat) afgesloten bleef om de ordentelijke gang van zaken te waarborgen.
* Taalgebruik: Het rapport is opgesteld in de formele, ambtelijke stijl van de jaren '40, inclusief de toenmalige spelling (bijv. "visch", "bijden", "kwantum", "alhier").
* Administratieve sporen: De handgeschreven aantekening in de marge ("Gezien 21-2-44") en het dossiernummer onderaan duiden op de interne verwerking van het rapport binnen de gemeentelijke administratie. Dit document stamt uit februari 1944, tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was er sprake van extreme voedselschaarste en was vrijwel alles op de bon.
De "Dienst van het Marktwezen" had de taak om de handel op de markten streng te reguleren. De genoemde controle op het "toegestane kwantum" van slechts 2 kg vis per kar illustreert de strikte rantsoenering. Ambtenaren hielden scherp toezicht om de zwarte handel tegen te gaan en te zorgen dat de weinige beschikbare middelen volgens de distributieregels werden verkocht. Dat de uitgang naar de Govert Flinckstraat gesloten bleef, was waarschijnlijk een maatregel om de stroom kopers te beheersen en te voorkomen dat mensen ongemerkt goederen de markt op of af konden smokkelen buiten de officiële controlepunten om. De Albert Cuypmarkt was (en is) een centraal punt voor de voedselvoorziening in Amsterdam, wat dergelijke controles in oorlogstijd essentieel maakte voor de autoriteiten. C. Persoon H. de Grebber J.H. de Grebber Marktwezen