Handgeschreven notitie/kladblaadje.
Origineel
Handgeschreven notitie/kladblaadje. markten
Uilenburg
Waterlooplein
Nieuwmarkt
uitzoeken
vaste kooplieden met 1. levensmiddelen
2 kleeding
joden
standplaatsen idem
naam — artikel Dit document is een ambtelijke of administratieve notitie betreffende de organisatie van markten in Amsterdam. De schrijver somt drie bekende markten op in wat van oudsher de Jodenbuurt was: Uilenburg, het Waterlooplein en de Nieuwmarkt.
De instructie "uitzoeken" duidt op een inventarisatie van "vaste kooplieden", onderverdeeld in de categorieën levensmiddelen en kleding. De expliciete vermelding van "joden" en "standplaatsen idem" suggereert dat er een aparte registratie of segregatie van Joodse marktkooplieden en hun vaste plekken moest plaatsvinden. De vage regel onderaan ("naam - artikel") geeft het format aan voor deze registratie.
Het handschrift is haastig maar goed leesbaar, wat past bij een intern werkdocument of een geheugensteuntje voor een ambtenaar. Gezien de genoemde locaties en de nadruk op het registreren van Joodse kooplieden, dateert dit document vrijwel zeker uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945), waarschijnlijk uit de eerste helft van 1941.
Vanaf begin 1941 voerden de Duitse bezetters in nauwe samenwerking met de gemeente Amsterdam maatregelen in om Joden te isoleren uit het economische leven. In juli 1941 werd het Joodse marktkooplieden verboden om nog langer op reguliere markten te staan; zij werden verbannen naar speciaal aangewezen "Joodse markten" op locaties zoals het Waterlooplein en de Uilenburgerstraat.
Dit document lijkt een administratieve voorbereiding te zijn op deze segregatie: het in kaart brengen van wie waar stond en wat zij verkochten, om zo de fysieke scheiding van Joodse en niet-Joodse handelaren te kunnen uitvoeren. Gemeente Amsterdam
Samenvatting
Dit document is een ambtelijke of administratieve notitie betreffende de organisatie van markten in Amsterdam. De schrijver somt drie bekende markten op in wat van oudsher de Jodenbuurt was: Uilenburg, het Waterlooplein en de Nieuwmarkt.
De instructie "uitzoeken" duidt op een inventarisatie van "vaste kooplieden", onderverdeeld in de categorieën levensmiddelen en kleding. De expliciete vermelding van "joden" en "standplaatsen idem" suggereert dat er een aparte registratie of segregatie van Joodse marktkooplieden en hun vaste plekken moest plaatsvinden. De vage regel onderaan ("naam - artikel") geeft het format aan voor deze registratie.
Het handschrift is haastig maar goed leesbaar, wat past bij een intern werkdocument of een geheugensteuntje voor een ambtenaar.
Historische Context
Gezien de genoemde locaties en de nadruk op het registreren van Joodse kooplieden, dateert dit document vrijwel zeker uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945), waarschijnlijk uit de eerste helft van 1941.
Vanaf begin 1941 voerden de Duitse bezetters in nauwe samenwerking met de gemeente Amsterdam maatregelen in om Joden te isoleren uit het economische leven. In juli 1941 werd het Joodse marktkooplieden verboden om nog langer op reguliere markten te staan; zij werden verbannen naar speciaal aangewezen "Joodse markten" op locaties zoals het Waterlooplein en de Uilenburgerstraat.
Dit document lijkt een administratieve voorbereiding te zijn op deze segregatie: het in kaart brengen van wie waar stond en wat zij verkochten, om zo de fysieke scheiding van Joodse en niet-Joodse handelaren te kunnen uitvoeren.