Ambtelijke notitie op een voorgedrukt formulier (Bijblad).
Origineel
Ambtelijke notitie op een voorgedrukt formulier (Bijblad). [Kader linksboven, deels gedrukt, deels ingevuld]
BIJBLAD VAN:
M. No. 20/9/1 1941
DOORGEZONDEN: 11/2 - ’41.
[Rechtsboven, handgeschreven in zwarte inkt]
Oproepen z.p. [zo spoedig mogelijk]
14-2-’41
deHaer
[Midden, handgeschreven in zwarte inkt]
Kan als afgedaan worden beschouwd. 19/2 ’41
J. Verduin bij mij ontboden en de verschil-
lende door hem in zijn brief naar voren
gebrachte punten besproken.
Hem in kennis gesteld met de nieuwe
wijzigingen in het reglement op de markt.
[Onder de tekst, rechts]
20-2-’41
deHaer
[Midden onder, handgeschreven in groene/blauwe inkt]
vpb. [paraaf] 24/2 ’41
[Onderaan, handgeschreven in rode inkt]
m. de Haer bespreken op 27/2/’41 [paraaf]
[Linksonder, gedrukt]
Alg. Zaken Model No. 14
10.000-10-1937-1016 Het document is een administratief verslag van de afhandeling van een kwestie betreffende een zekere J. Verduin. Uit de tekst blijkt dat Verduin een brief had gestuurd met bepaalde punten (mogelijk bezwaren of vragen). Naar aanleiding hiervan is hij op 14 februari 1941 opgeroepen en op 19 februari "ontboden" bij de ambtenaar (deHaer).
Tijdens dit gesprek zijn de punten uit zijn brief besproken en is hij formeel op de hoogte gesteld van nieuwe wijzigingen in het marktreglement. De ambtenaar merkt de zaak op 19/20 februari aan als "afgedaan". De latere krabbels in groene en rode inkt wijzen op de interne roulatie van het document binnen de afdeling Algemene Zaken, waarbij nog een vervolgbespreking met deHaer gepland stond op 27 februari. Dit document stamt uit februari 1941, de periode van de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. In deze tijd werden marktreglementen vaak aangepast vanwege de distributie van goederen, schaarste en de toenemende uitsluiting van Joodse kooplieden van de markten. Hoewel de specifieke aard van de "wijzigingen" hier niet wordt genoemd, past het proces van het ontbieden van burgers om hen te conformeren aan nieuwe regels in het strakke ambtelijke apparaat van die tijd. Het gebruik van specifieke kleuren inkt (blauw/groen en rood) was gebruikelijk in de overheidsadministratie om verschillende stadia van controle of verschillende functionarissen aan te duiden.
Samenvatting
Het document is een administratief verslag van de afhandeling van een kwestie betreffende een zekere J. Verduin. Uit de tekst blijkt dat Verduin een brief had gestuurd met bepaalde punten (mogelijk bezwaren of vragen). Naar aanleiding hiervan is hij op 14 februari 1941 opgeroepen en op 19 februari "ontboden" bij de ambtenaar (deHaer).
Tijdens dit gesprek zijn de punten uit zijn brief besproken en is hij formeel op de hoogte gesteld van nieuwe wijzigingen in het marktreglement. De ambtenaar merkt de zaak op 19/20 februari aan als "afgedaan". De latere krabbels in groene en rode inkt wijzen op de interne roulatie van het document binnen de afdeling Algemene Zaken, waarbij nog een vervolgbespreking met deHaer gepland stond op 27 februari.
Historische Context
Dit document stamt uit februari 1941, de periode van de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. In deze tijd werden marktreglementen vaak aangepast vanwege de distributie van goederen, schaarste en de toenemende uitsluiting van Joodse kooplieden van de markten. Hoewel de specifieke aard van de "wijzigingen" hier niet wordt genoemd, past het proces van het ontbieden van burgers om hen te conformeren aan nieuwe regels in het strakke ambtelijke apparaat van die tijd. Het gebruik van specifieke kleuren inkt (blauw/groen en rood) was gebruikelijk in de overheidsadministratie om verschillende stadia van controle of verschillende functionarissen aan te duiden.