Handgeschreven administratief registerblad of overzichtslijst.
Origineel
Handgeschreven administratief registerblad of overzichtslijst. 11 maart 1941. 6 w. 10/2. 3 60.
Marktkooplieden, die, op grond van intrekking
van hun plaatsen ingevolge artikel 16 (nieuw)
v.h. Reglement d/d Markten, in aanmerking komen
voor restitutie van reeds betaald marktgeld.
(In de marge geschreven:)
(namelijk van 1/1 - 10/2)
tegen 6 weken 1.05 p.w. 6.30
| Namen | Adressen | Markt | bedrag |
|---|---|---|---|
| M. Markus V | Hemonystraat 52 II | Waterlooplein | 23.70 - 16.30 = 7.40 |
| I. Blitz V | Waterlooplein 57 I | Dapperstraat | 12.- - 3.60 = 8.40 |
| J. Schoonewolf | Ruysbroekstraat 85 | id | 12.- - 3.60 = 8.40 |
| H. Winnik | Mijdrechtstraat 23 hs | id | 12.- - 3.60 = 8.40 |
| J.F. Kemper | Lauriergracht 98 II | id | 12.- - 3.60 = 8.40 |
| L. Winnik | Waterlooplein 49 hs | id | 12.- - 3.60 = 8.40 |
| J. Hijman | Smitsstraat 19 hs | id | 12.- - 3.60 = 8.40 |
| G. J. Vos V | Jac. van Lennepstr. 143 hs | Lindengr. | 23.70 - 16.30 = 7.40 |
Betrokkenen hebben van hun
plaats gebruik kunnen maken 11 Maart 1941
van 1/1 '41 - 10/2 '41. Dus 6 weken. [Handtekening] Het document is een nauwkeurige administratieve verantwoording voor het terugbetalen van marktgeld aan acht specifieke kooplieden in Amsterdam. De berekening is gebaseerd op het feit dat zij slechts tot 10 februari 1941 (6 weken van het jaar) gebruik hebben kunnen maken van hun standplaats.
In de tabel zien we:
* Namen: Verschillende namen met vinkjes, wat duidt op controle of uitvoering van de betaling.
* Adressen: Amsterdamse adressen, waaronder de Hemonystraat en het Waterlooplein.
* Markten: Genoemd worden het Waterlooplein, de Dapperstraat en de Lindengracht.
* Berekening: Het betaalde bedrag minus de kosten voor de 6 gewerkte weken resulteert in het restitutiebedrag (bijv. 8,40 of 7,40 gulden). Dit document stamt uit een kritieke periode in de geschiedenis van Amsterdam tijdens de Tweede Wereldoorlog. De datum, 11 maart 1941, valt kort na de Februaristaking (25-26 februari 1941), die was uitgebroken als protest tegen de Jodenvervolging.
De "intrekking van plaatsen ingevolge artikel 16 (nieuw)" verwijst naar de systematische uitsluiting van Joodse Amsterdammers uit het openbare leven door de Duitse bezetter. In februari 1941 werd besloten dat Joden niet langer op de reguliere markten mochten staan. De namen op de lijst (zoals Markus, Blitz, Winnik en Hijman) zijn overwegend Joods.
Dit document is een kille, bureaucratische weerslag van een tragische gebeurtenis: terwijl de kooplieden hun bron van inkomsten verloren door discriminerende nazi-wetgeving, handelde de Amsterdamse administratie de financiële kant "keurig" af volgens de nieuwe reglementen. Het markeert het moment waarop Joodse Amsterdammers definitief uit het straatbeeld van de markten werden verdreven.