Ambtelijke correspondentie / brief.
Origineel
Ambtelijke correspondentie / brief. 18 maart 1941 (met handgeschreven aantekening "verzonden 15/3"). De Directeur (vermoedelijk van de Marktdienst). [Handgeschreven rechtsboven: In Müller]
D/HG.
20/13/1 M.
n 3
[Handgeschreven: verzonden 15/3]
18 Maart 1941
Restitutie marktgeld in ver-
band met nieuw artikel 16
Reglement op de markten.
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
Onder terugzending van de met Uw kantbrieven d.d.
10 en 17 Februari jl. om advies ontvangen stukken no.54/1
L.M.1941 en 229 L.M.1941 heb ik de eer U te berichten, dat
met ingang van 1 Februari jl. een aanvulling en wijziging van
het Reglement op de Markten in werking is getreden; artikel
16 eerste lid van dit Reglement bepaalt vanaf dezen datum
onder andere, dat een zelfde persoon ten hoogste over een
vaste plaats op een algemeene dagmarkt kan beschikken. Een
aantal marktkooplieden, dat meer dan één vaste plaats op een
algemeene dagmarkt bezet, heeft derhalve met ingang van 10
Februari voor deze plaatsen moeten bedanken. Een achttal van
deze kooplieden heeft, krachtens de artikelen 16 en 17 van de
Verordening op de heffing van markt-, standplaats- en vent-
gelden, het verschuldigde marktgeld op 1 Januari jl. bij
vooruitbetaling voor het eerste halfjaar van 1941 betaald;
zij hebben mij verzocht hun restitutie van teveel betaald
marktgeld te verleenen. Ik acht dit verzoek billijk en heb
mitsdien de eer U beleefd te verzoeken wel te willen bevorde-
ren, dat bij besluit van den Regeeringscommissaris, ingevolge
artikel 36 van de Verordening op de heffing van markt-,
standplaats- en ventgelden aan de, op bijgaande staat, ver-
melde personen op gronden van billijkheid restitutie van reeds
betaald marktgeld wordt verleend tot een bedrag, zooals achter
ieders naam is vermeld.
De Directeur, * Inhoud: De directeur adviseert de wethouder om over te gaan tot terugbetaling (restitutie) van marktgeld aan acht kooplieden. Door een wijziging in het reglement per 1 februari 1941 mag een koopman nog maar één vaste plek hebben. Omdat sommigen al voor het hele eerste halfjaar hadden betaald voor meerdere plekken die ze nu moesten opgeven, is terugbetaling op grond van "billijkheid" (redelijkheid) gewenst.
* Juridische basis: Er wordt verwezen naar de "Verordening op de heffing van markt-, standplaats- en ventgelden" (artikelen 16, 17 en 36) en het "Reglement op de Markten" (artikel 16).
* Terminologie: "Alhier" is een typische ambtelijke term die aangeeft dat de geadresseerde zich in dezelfde gemeente bevindt. "Kantbrief" verwijst naar een korte mededeling in de kantlijn van een ander document of een begeleidend schrijven. * Historische context: Het document dateert van maart 1941, tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog.
* Bestuurlijke context: De vermelding van de "Regeeringscommissaris" is cruciaal. Tijdens de bezetting werden gemeenteraden buiten werking gesteld en kregen burgemeesters (vaak NSB-ers) of regeringscommissarissen de beslissingsbevoegdheid. Besluiten over financiën en verordeningen moesten via dit gezag lopen.
* Maatschappelijke context: De maatregel om het aantal standplaatsen per persoon te beperken tot één kan duiden op een poging om schaarse handelsruimte eerlijker te verdelen of om meer controle uit te oefenen op de distributie van levensmiddelen in een tijd van toenemende schaarste.