Dienstverslag / Rapportage
Origineel
Dienstverslag / Rapportage 23 december 1940 (met kanttekening van 2 januari 1941) D. Postma (waarschijnlijk havenmeester of opzichter) No 21/2/1 M.1941 15/1
Rapport
In de Zoutkeetskade bij de firma Jouvenage (brandstoffenmarkt no 14) is grootendeels gezonken de schuit no 3106. groot 41 ton.
Deze schuit is 10 December 1940 op de brandstoffenmarkt gekomen voor rekening van Jouvenage en is per week betaald t/m Zaterdag 21 December 1940. De schuit was 17 December al gedeeltelijk gezonken, maar toen nog 3/4 beladen met brandstoffen en door mij toen in rekening gebracht.
Thans 23 December 1940 heb ik de schuit (na telefonische bespreking met U) niet in rekening gebracht. De schuit is zoo goed als leeg.
Die brandstoffen die er nog op zitten, zitten in het ijs en zijn zoolang de schuit niet geligt is, slecht leverbaar. In normale omstandigheden was de schuit reeds van de markt geweest.
Terecht lijkt mij dit geval als force majeure te moeten beschouwen.
Aan den Heer Amsterdam,
Inspecteur 23 December 1940.
v/h Marktwezen. [Handtekening: D. Postma]
[Linksonder handgeschreven toevoeging in zwarte inkt:]
Th. Muller ter kennisneming.
2-1-'41
[Handtekening: de Haan]
[Onderaan in potlood:]
inschrijven en bergen * Situatie: Een schuit (no. 3106) met een capaciteit van 41 ton, geladen met brandstoffen (waarschijnlijk kolen of turf), is op de Amsterdamse brandstoffenmarkt aan de Zoutkeetskade gezonken.
* Kernprobleem: Het gaat hier om een administratieve en financiële afhandeling van de marktgelden. Omdat de schuit gezonken is en vastgevroren ligt in het ijs, kan de resterende lading niet gelost worden en kan het schip de markt niet verlaten.
* Advies: De rapporteur (Postma) adviseert om voor de periode na 21 december geen liggeld meer in rekening te brengen, omdat er sprake is van force majeure (overmacht) door de weersomstandigheden (ijs) en het noodlot (het zinken).
* Personen: De firma Jouvenage was een bekende brandstoffenhandel in Amsterdam. De inspectie van het Marktwezen hield toezicht op de betalingen voor standplaatsen en ligplaatsen. Dit document dateert uit de eerste winter van de Duitse bezetting (1940-1941). Deze winter was uitzonderlijk streng. De vermelding dat de brandstoffen "in het ijs" zitten, duidt op de zware vorstperiode die in december 1940 inviel. Brandstofvoorziening was cruciaal en strikt gereguleerd in oorlogstijd; het feit dat een schuit met brandstof onbereikbaar was door ijsvorming en averij, was een serieus incident voor de stedelijke distributie. De term "geligt" is een verouderde spelling van "gelicht" (het boven water halen van een vaartuig). De firma Jouvenage was een bekende brandstoffenhandel in Amsterdam. De inspectie van het Marktwezen hield toezicht op de betalingen voor standplaatsen en ligplaatsen.