Ambtelijk advies / Rapportage betreffende belastingzaken.
Origineel
Ambtelijk advies / Rapportage betreffende belastingzaken. Februari 1941. Schriftelijk bevestigd
A. Mohr, Noorderkerkstraat 16-I Stad, die
voor het kalenderjaar 1941 ligplaats heeft
ingenomen aan de Brandstoffenmarkt onder
meer met een vaartuig No 4422 groot 17 ton,
heeft mondeling medegedeeld, dat hij dit vaartuig
heeft verkocht aan C. Bol te Alkmaar.
Het vaartuig heeft de Brandstoffenmarkt
op 20 Februari 1941 verlaten.
Mohr, die verzocht heeft om het marktgeld
over 1941 in vier termijnen te mogen betalen,
heeft voor bovengenoemd vaartuig 1/4 van
f 17.00 of f 4.25 betaald. Hij verzoekt om
restitutie van te veel betaalde belasting over
het tijdvak 1 Januari 1941 t/m 19 Februari 1941.
en vervolgens om kwijtschelding van de verdere
betaling van de belasting na laatstgenoemden
datum. Het verzoek is m.i. billijk.
m.i. kan Wethouder voorstellen om aan
A. Mohr op gronden van billijkheid krachtens
art 36 der V.A. [?] teruggaaf van reeds betaald
marktgeld te verleenen ten bedrage van f 1.27
en op dezelfde gronden krachtens art 10 van
deze verordening kwijtschelding te verleenen
tot een bedrag van f 12.75.
Indien Mohr het marktgeld zou
hebben betaald tegen het maand- resp week-
tarief zou hij van 1 Jan t/m 19 Februari
verschuldigd zijn geweest:
1 x 17 x f 0.10 = f 1.70 (1 maand)
3 x 17 x f 0.02⁵ = f 1.28 (3 weken)
----------
f 2.98 Het document is een ambtelijke voordracht gericht aan de Wethouder (vermoedelijk van Financiën of Marktwezen) in Amsterdam. De kern van de zaak is een verzoek van de heer A. Mohr om een financiële correctie.
Mohr had voor het hele jaar 1941 een ligplaats gehuurd op de Brandstoffenmarkt voor zijn vaartuig van 17 ton. Omdat hij het schip in februari verkocht aan een koper uit Alkmaar, maakte hij na 20 februari geen gebruik meer van de markt.
De ambtenaar rekent voor dat Mohr reeds één termijn van f 4.25 (een kwart van het jaargeld van f 17.00) had voldaan. Door het werkelijke gebruik om te rekenen naar de geldende maand- en weektarieven, stelt de ambtenaar vast dat Mohr over de periode 1 januari tot 19 februari slechts f 2.98 verschuldigd was. Het verschil (f 4.25 minus f 2.98 = f 1.27) moet volgens de ambtenaar worden teruggegeven, terwijl het resterende bedrag van het jaarcontract (f 12.75) kwijtgescholden dient te worden. Dit document stamt uit februari 1941, de periode van de Duitse bezetting van Nederland. Ondanks de oorlogssituatie bleven de gemeentelijke administratieve processen en de handhaving van lokale verordeningen (zoals marktgeld) gewoon doorgaan.
De "Brandstoffenmarkt" in Amsterdam was een belangrijke plek voor de handel in kolen, turf en hout, essentieel voor de energievoorziening van de stad. Dat de koper van het vaartuig uit Alkmaar komt, duidt op de levendige binnenvaartverbindingen tussen de Noord-Hollandse steden. Het adres van Mohr (Noorderkerkstraat 16) bevindt zich in de Jordaan, een buurt die destijds nauw verbonden was met de watergebonden handel en bedrijvigheid. De nauwkeurigheid van de berekening (tot op de cent en gebruikmakend van breuken zoals 0.02⁵) is typerend voor de bureaucratische zorgvuldigheid van die tijd.