Archief 745
Inventaris 745-417
Pagina 25
Dossier 10
Jaar 1943
Stadsarchief

Proces-verbaal (vervolgvel/pagina 2).

5 juli 1943.

Origineel

Proces-verbaal (vervolgvel/pagina 2). 5 juli 1943. - 2 -

Die kisten behooren mij in eigendom toe en hebben een verkoopwaarde van F. 30.
Die kisten moest ik inleveren bij de Amsterdamsche Rustcentrale aan die markt en kreeg ik daar het zoogenaamde statiegeld weer terug, welk statiegeld door mij al verkoopwaarde is aangemerkt.
Door het inleveren van die 11 kisten die aantal dus nu ontbreken lijd ik een schade van F. 22. Door mij is aan niemand vergunning gegeven die kar met kisten van die plaats weg te nemen en over de lading als eigenaar te beschikken. Die verdwenen kisten zal ik bij wederzien als soortgelijk weer herkennen, die thans nog aanwezige 8 kisten die mij toont, herken ik als die kisten, die als lading op mijn kar hebben gestaan deze voormiddag en dus bij mijn ingebruik waren" -
Voorgelezen volhardt en teekend aangever met mij, verbalisant.

(Handtekening) J. Schouten.
(Handtekening) J.F. Boon.

 En verklaar ik verbalisant, dat na het overbrengen van den verdachte DRENTH naar het bureau van politie Marnixstraat door mij achter die verwarmingbuizen in mijn kantoor werd gevonden een papieren portefeuille met een bedrag van F. 29,50 aan papiergeld, bestaande uit 2 bankbiljetten elk van F. 10 1 zilverbon van F. 2,50 en 7 zilverbons van elk F. 1. Gevraagd door mij aan dien verdachte, of die portefeuille met inhoud in zijn bezit was geweest antwoordde hij bevestigend hij zou dat geld daar neergeworpen uit angst voor de politie een bedrag van F. 11. daarvan zou hij hebben gekregen van die bedoelde jongen, die hem de kar met 8 kisten hebben overgegeven. Zijn verklaring van verhoor wordt in het hierbijgaand proces-verbaal gerelateerd.
 Daarin verklaart hij, dat hij F. 16. van dien jongen zou hebben gekregen en heeft hij die verklaring afgelegd in het bijzijn van zijn moeder. De schade door aangever SCHOUTEN thans geleden bedraagt F. 22. De moeder, van die verdachte stemde toe, dat SCHOUTEN geen schade zal ondervinden van het toe doen van haar zoon. Daarna is het door mij in beslaggenomen geld ten bedrag van F. 29,50 verminderd met een bedrag van F. 22. zijnde F. 16. van het door dien verdachte verkregene en F. 6. van het overige en is dat bedrag van F. 22. op last van den Commissaris van Politie in het 4 de District aan SCHOUTEN teruggegeven en de rest is door mij aan de moeder van verdachte ter hand gesteld.
 Bovendien SCHOUTEN wederom in het bezit gesteld van de kar met de 8 kisten.
 Naardien anderen jongen door verdachte bedoeld, zal door mij een nader onderzoek worden ingesteld en zal bij positief resultaat hiervan bij nader in te zenden proces-verbaal blijven.
 Hiervan op ambtseed opgemaakt dit proces-verbaal te Amsterdam en gesloten en geteekend op den 5den Juli 1943

Gezien:
De Commissaris van
Politie in District
4.

Ingezonden aan het Hoofdbureau van Politie, bureau Kinder-Politie alhier op den Juli 1943.

De onbezoldigd veldwachter voornoemd,
(Handtekening) J.F. Boon. Dit document is het tweede blad van een proces-verbaal betreffende een diefstal van een kar met kisten (waarschijnlijk groentekisten gezien de referentie naar de "markt").

Kernpunten:
1. Schadebepaling: De aangever, Schouten, verklaart dat 11 kisten ontbreken, wat een schade van 22 gulden betekent (gebaseerd op de waarde van het statiegeld).
2. Vondst: De politie vindt na de aanhouding van de verdachte (Drenth) een portefeuille verstopt achter de verwarmingsbuizen op het politiebureau aan de Marnixstraat. Hierin zit 29,50 gulden.
3. Bekentenis: De verdachte geeft toe de portefeuille daar te hebben gedumpt uit angst voor de politie. Hij claimt een deel van het geld te hebben gekregen van een medeplichtige ("die andere jongen").
4. Schadeherstel: De schade van Schouten (22 gulden) wordt direct vergoed uit het bij de verdachte aangetroffen geld, op last van de Commissaris. De kar met de overgebleven 8 kisten wordt eveneens geretourneerd.
5. Moeder: De moeder van de verdachte is aanwezig bij het verhoor, wat suggereert dat de verdachte minderjarig is. Dit wordt bevestigd door de aantekening onderaan dat het stuk wordt doorgezonden naar het bureau "Kinder-Politie". Het document dateert van 5 juli 1943, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. Hoewel de politieke situatie niet direct in de tekst wordt benoemd, is het een voorbeeld van de dagelijkse politiezorg die tijdens de oorlog gewoon doorging.

Interessant is het gebruik van "zilverbons". Tijdens de oorlog werd metaal (waaronder zilveren munten) schaars en door de bezetter ingevorderd. Als vervanging werden papieren zilverbons uitgegeven. In de tekst is sprake van bons van 2,50 en 1 gulden.

De "Amsterdamsche Rustcentrale" (waarschijnlijk een typefout voor de 'Fustcentrale') aan de markt verwijst naar het systeem van emballagebeheer op de groothandelsmarkten (zoals de Centrale Markthallen aan de Jan van Galenstraat). Het document geeft een inkijkje in de directe afhandeling van kleine criminaliteit: de politie nam blijkbaar ter plekke het besluit om het gestolen of met diefstal verdiende geld direct te gebruiken om de schade van het slachtoffer te vergoeden.

Samenvatting

Dit document is het tweede blad van een proces-verbaal betreffende een diefstal van een kar met kisten (waarschijnlijk groentekisten gezien de referentie naar de "markt").

Kernpunten:
1. Schadebepaling: De aangever, Schouten, verklaart dat 11 kisten ontbreken, wat een schade van 22 gulden betekent (gebaseerd op de waarde van het statiegeld).
2. Vondst: De politie vindt na de aanhouding van de verdachte (Drenth) een portefeuille verstopt achter de verwarmingsbuizen op het politiebureau aan de Marnixstraat. Hierin zit 29,50 gulden.
3. Bekentenis: De verdachte geeft toe de portefeuille daar te hebben gedumpt uit angst voor de politie. Hij claimt een deel van het geld te hebben gekregen van een medeplichtige ("die andere jongen").
4. Schadeherstel: De schade van Schouten (22 gulden) wordt direct vergoed uit het bij de verdachte aangetroffen geld, op last van de Commissaris. De kar met de overgebleven 8 kisten wordt eveneens geretourneerd.
5. Moeder: De moeder van de verdachte is aanwezig bij het verhoor, wat suggereert dat de verdachte minderjarig is. Dit wordt bevestigd door de aantekening onderaan dat het stuk wordt doorgezonden naar het bureau "Kinder-Politie".

Historische Context

Het document dateert van 5 juli 1943, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. Hoewel de politieke situatie niet direct in de tekst wordt benoemd, is het een voorbeeld van de dagelijkse politiezorg die tijdens de oorlog gewoon doorging.

Interessant is het gebruik van "zilverbons". Tijdens de oorlog werd metaal (waaronder zilveren munten) schaars en door de bezetter ingevorderd. Als vervanging werden papieren zilverbons uitgegeven. In de tekst is sprake van bons van 2,50 en 1 gulden.

De "Amsterdamsche Rustcentrale" (waarschijnlijk een typefout voor de 'Fustcentrale') aan de markt verwijst naar het systeem van emballagebeheer op de groothandelsmarkten (zoals de Centrale Markthallen aan de Jan van Galenstraat). Het document geeft een inkijkje in de directe afhandeling van kleine criminaliteit: de politie nam blijkbaar ter plekke het besluit om het gestolen of met diefstal verdiende geld direct te gebruiken om de schade van het slachtoffer te vergoeden.

Locaties

Amsterdam (Politiebureau Marnixstraat / District 4).

Kooplieden in dit dossier 43

Amerika 10.800.- P'end. 200 - Gelderl 18.100 - Westl. 100 - Utrecht 1.900.- [bovenliggend: Limburg 5.400]
Gelderl 2700. Amerika 41.000.
H.J.J.Lazenschütz
H.J.L.Gastagé
Jamaica 900 - Santos 800
J.Fraan
Alle 43 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 5