Archief 745
Inventaris 745-417
Pagina 145
Dossier 92
Jaar 1943
Stadsarchief

Handgeschreven conceptnotitie of ambtelijk memorandum.

20 augustus 1943.

Origineel

Handgeschreven conceptnotitie of ambtelijk memorandum. 20 augustus 1943. In verband met het bepaalde in het
derde lid van artikel 35 van het Reglement op de
Centrale Markt wordt dezen handelaars auto-
matisch de toegang tot de C.M. ontnomen
voor den ~~periode~~ duur der straf hun door
de Inspectie voor de Prijsbeheersching opgelegd.
~~Aangezien deze gevallen dierhalve in~~
~~tegenstelling tot die gevallen~~ de uitsluiting van
deze personen, in tegenstelling tot overtreding
van anderen aard (waarvoor de strafmaat wordt
bepaald bij Besluit van den Burg.), niet te uwer
kennis zou komen, zal ik U desvervolge
~~hiervan~~ opgave doen toekomen.

[Rechtsonder:]
JLA 20/8 43 [Paraph]

[Linksonder in kader:]
bijlage maken volgens model
v.h. Bureau Het document is een ambtelijke krabbel of concept waarin een procedurele wijziging of verduidelijking wordt voorgesteld betreffende de handhaving op de Centrale Markt (waarschijnlijk die van Amsterdam).

De kern van de tekst is dat handelaren die een straf krijgen opgelegd door de Inspectie voor de Prijsbeheersching, op basis van het marktreglement (art. 35, lid 3) automatisch voor de duur van die straf de toegang tot de markt wordt ontzegd. De schrijver merkt op dat, omdat deze specifieke uitsluitingen niet via een officieel Besluit van de Burgemeester verlopen (zoals bij andere overtredingen wel het geval is), de geadresseerde hier normaal gesproken niet van op de hoogte zou zijn. Daarom wordt voorgesteld om voortaan periodiek opgaven (lijsten) van deze gevallen te versturen.

De tekst bevat diverse doorhalingen en correcties, wat wijst op een conceptversie. De spelling (zoals "Prijsbeheersching" en "dezen") is typerend voor de vroege 20e eeuw en de ambtelijke stijl van die tijd. Dit document dateert uit augustus 1943, midden in de Duitse bezetting van Nederland. De Centrale Markt was in deze periode een cruciaal knooppunt voor de voedselvoorziening. De Inspectie voor de Prijsbeheersching speelde een centrale rol in het bestrijden van de zwarte handel en het handhaven van de door de bezetter en de Nederlandse overheid vastgestelde maximumprijzen.

Handelaren die zich niet aan de prijsvoorschriften hielden, liepen het risico op zware straffen, waaronder tijdelijke of permanente uitsluiting van de handel op de markt. Dit document illustreert de bureaucratische afhandeling van dergelijke economische sancties en de informatie-uitwisseling tussen verschillende takken van het gemeentelijk en landelijk apparaat tijdens de oorlogsjaren. De afkorting "Burg." verwijst naar de Burgemeester, in die tijd een regeringscommissaris aangesteld door de bezetter.

Samenvatting

Het document is een ambtelijke krabbel of concept waarin een procedurele wijziging of verduidelijking wordt voorgesteld betreffende de handhaving op de Centrale Markt (waarschijnlijk die van Amsterdam).

De kern van de tekst is dat handelaren die een straf krijgen opgelegd door de Inspectie voor de Prijsbeheersching, op basis van het marktreglement (art. 35, lid 3) automatisch voor de duur van die straf de toegang tot de markt wordt ontzegd. De schrijver merkt op dat, omdat deze specifieke uitsluitingen niet via een officieel Besluit van de Burgemeester verlopen (zoals bij andere overtredingen wel het geval is), de geadresseerde hier normaal gesproken niet van op de hoogte zou zijn. Daarom wordt voorgesteld om voortaan periodiek opgaven (lijsten) van deze gevallen te versturen.

De tekst bevat diverse doorhalingen en correcties, wat wijst op een conceptversie. De spelling (zoals "Prijsbeheersching" en "dezen") is typerend voor de vroege 20e eeuw en de ambtelijke stijl van die tijd.

Historische Context

Dit document dateert uit augustus 1943, midden in de Duitse bezetting van Nederland. De Centrale Markt was in deze periode een cruciaal knooppunt voor de voedselvoorziening. De Inspectie voor de Prijsbeheersching speelde een centrale rol in het bestrijden van de zwarte handel en het handhaven van de door de bezetter en de Nederlandse overheid vastgestelde maximumprijzen.

Handelaren die zich niet aan de prijsvoorschriften hielden, liepen het risico op zware straffen, waaronder tijdelijke of permanente uitsluiting van de handel op de markt. Dit document illustreert de bureaucratische afhandeling van dergelijke economische sancties en de informatie-uitwisseling tussen verschillende takken van het gemeentelijk en landelijk apparaat tijdens de oorlogsjaren. De afkorting "Burg." verwijst naar de Burgemeester, in die tijd een regeringscommissaris aangesteld door de bezetter.

Kooplieden in dit dossier 43

Amerika 10.800.- P'end. 200 - Gelderl 18.100 - Westl. 100 - Utrecht 1.900.- [bovenliggend: Limburg 5.400]
Gelderl 2700. Amerika 41.000.
H.J.J.Lazenschütz
H.J.L.Gastagé
Jamaica 900 - Santos 800
J.Fraan
Alle 43 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 5