Archiefdocument
Origineel
28 september 1943 (28/9 '43) No. 77/65/2 M. 1943 5/10 / Adam., 28/9 '43
In aanvulling van bijgaand rapport van Controleur Vis, deel ik U het volgende mede.
M. J Kitz, in het bezit van een grossierskaart, toonde deze op mijn navraag den Directeur doch weigerde hem zijn kaart te overhandigen als motief aan- voerende „ De kaart is mijn eigendom die geef ik nooit uit mijn handen.” Van de Directeur hem daarop gelastte de markt te verlaten zeide hij „ Ik ga nooit de markt af en liep weg in de richting van het nabij gelegen pakhuis D 6 van zijn vader. Controleur Vis kwam hem juist tegemoet. De Directeur gelastte Vis de man te arresteren en van het marktterrein te verwijderen. Terwijl ik Contr. Vis in het pakhuis wilde assisteren riep de Directeur mij naar buiten en zeide dat Kitz in elk geval geen toegang tot de C.M. zou worden verleend en ik verder zou onderzoeken wie van uit de wagon had geschreeuwd „ je gaat er niet af hoor.” Bij navraag aan verschillende personen in de buurt van de wagon kon ik er niet achter komen wie dit had geroepen.
Kitz heb ik medegedeeld, dat hij niet zou worden toegelaten. Hij zeide dat hij den Directeur op het terrein zou opzoeken en hem zijn verontschuldiging zou aanbieden. Dit heb ik even later den Directeur medegedeeld.
[Ondertekening: onleesbaar, mogelijk Joz L...]
Kantlijnnotitie:
Weet Keisner wie die man was?
Onderaan:
Den Heer Bedrijfschef C.M. Het document is een ambtelijk verslag van een ordeprobbleem op een marktterrein, zeer waarschijnlijk de Centrale Markt (C.M.) in Amsterdam tijdens de Duitse bezetting.
De kern van het conflict is een autoriteitskwestie: de heer M.J. Kitz, een grossier, weigert zijn legitimatiebewijs (grossierskaart) af te geven aan de Directeur. De weigering wordt gevolgd door een bevel het terrein te verlaten, wat Kitz eveneens negeert. Hij vlucht naar het pakhuis van zijn vader. Er is sprake van een arrestatiebevel door de directeur aan controleur Vis.
Interessant is de vermelding van een onbekende derde die vanuit een wagon bemoeizuchtige kreten slaakt ("je gaat er niet af hoor"), wat duidt op een gespannen sfeer op de werkvloer. Uiteindelijk bindt Kitz in en biedt hij zijn excuses aan, waarschijnlijk uit vrees voor permanente ontzegging van de toegang tot de markt, wat voor een grossier in oorlogstijd bedrijfseconomische zelfmoord zou betekenen. Dit document dateert uit september 1943. De Centrale Markt in Amsterdam was tijdens de Tweede Wereldoorlog een cruciaal en streng gecontroleerd knooppunt voor de voedselvoorziening. Toegang was strikt gereguleerd via grossierskaarten.
In deze periode stond de markt onder streng toezicht van zowel de Nederlandse directie als de Duitse bezetter (via de Dienststelle van de Beauftragte). Een incident zoals hier beschreven, waarbij een handelaar de autoriteit tart, werd in die tijd hoog opgenomen. De term "C.M." verwijst naar de Centrale Markthallen aan de Jan van Galenstraat. De handgeschreven notitie in de kantlijn ("Weet Keisner wie die man was?") suggereert dat er een vervolgonderzoek liep naar de identiteit van omstanders die zich met het incident bemoeiden.