Archief 745
Inventaris 745-417
Pagina 257
Dossier 27
Jaar 1943
Stadsarchief

Getypte brief met handgeschreven kanttekeningen.

4 december 1943. Van: Waarschijnlijk de directeur van de Centrale Markt te Amsterdam (naam niet zichtbaar op de scan). Aan: De Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, Amsterdam.

Origineel

Getypte brief met handgeschreven kanttekeningen. 4 december 1943. Waarschijnlijk de directeur van de Centrale Markt te Amsterdam (naam niet zichtbaar op de scan). De Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, Amsterdam. [Handgeschreven in blauw potlood/inkt bovenaan:]
Verzonden 6/12
Bedr Chef [?]

[Getypte tekst:]
77/78/4M. 1. 4 December 1943 RP 1/1

Den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r.


In bijlage dezes heb ik de eer U een af-
schrift te doen toekomen van een op 22 November 1943
door een controleur van mijn dienst opgemaakt rap-
port, waaruit blijkt, dat C.Meyer, geboren 1 April
1917, wonende Lindengracht 165, alhier zich op de
Centrale Markt heeft schuldig gemaakt aan verduis-
tering van 10 kisten bospeen ten nadeele van de
Nederlandsche Veiling en P.S.Koster Sr., geboren
20 Jannari 1903, wonende J.M.Kemperstraat 26 huis,
alhier die zich op de Centrale Markt heeft schuldig
gemaakt aan heling van 10 kisten bospeen. Meyer is
in dienst van de op de Centrale Markt gevestigde
N.V. Nederlandsche Veiling terwijl Koster Sr. als
kooper (winkelier) toegang tot de Centrale Markt
heeft.

Ingevolge het bepaalde in artikel 35 lid 1
van het Reglement op de Centrale Markt heb ik Meyer
en Koster Sr. voornoemd gestraft met ontneming van
het recht van toegang tot die markt voor den tijd
van 14 dagen.

Ik ben van meening, dat Meyer en Koster Sr.
voor langeren tijd van de Centrale Markt moeten worde
den geweerd en ik geef U mitsdien beleefd in over-
weging wel te willen bevorderen, dat Meyer en Koster
Sr. in aansluiting op mijn straf, overeenkomstig het
bepaalde in het Tweede lid van bovenaangehaald ar-
tikel, door den Burgemeester van Amsterdam worden
gestraft met ontneming van het recht van toegang,
voor wat betreft Ch.Meyer voor onbepaaldentijd,
zulks met ingang van Maandag 20 December 1943 en
Koster voor 4 maanden en wel met ingang van 8 Janu-
ari 1944. Ten aanzien van Koster is dan rekening ge-
[Einde pagina] * Inhoud: De brief doet verslag van een diefstal op de Centrale Markt in Amsterdam. C. Meyer, een werknemer van de "Nederlandsche Veiling", heeft 10 kisten bospeen verduisterd. P.S. Koster Sr., een winkelier met toegang tot de markt, heeft deze kisten opgekocht (heling).
* Juridische basis: De opsteller van de brief heeft reeds een tijdelijke straf van 14 dagen ontzegging opgelegd op basis van artikel 35 lid 1 van het Marktreglement. Hij verzoekt de Wethouder nu om bij de Burgemeester te pleiten voor een veel zwaardere straf op basis van lid 2 van datzelfde artikel.
* Voorgestelde strafmaat: Voor Meyer, die als werknemer het vertrouwen heeft beschaamd, wordt een levenslang (onbepaalde tijd) verbod gevraagd. Voor Koster, de heler, wordt een verbod van vier maanden voorgesteld.
* Taalgebruik: Het document is opgesteld in de formele, ambtelijke stijl van die tijd ("heb ik de eer U een afschrift te doen toekomen", "mitsdien beleefd in overweging"). Er staat een kleine typefout in de tekst ("Jannari" in plaats van "Januari" en "worde den" in plaats van "worden"). * Tweede Wereldoorlog: Het document dateert uit december 1943, midden in de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was voedsel schaars en de distributie ervan streng gereguleerd via een bonnensysteem.
* Voedselvoorziening: De "Wethouder voor de Levensmiddelen" speelde een cruciale rol in het beheer van de schaarse voorraden. Diefstal en heling van voedsel (zoals bospeen) werden in deze context niet slechts als gewone criminaliteit gezien, maar als een ernstige ondermijning van de officiële voedselvoorziening. Dit verklaart de roep om zeer strenge straffen, zoals een levenslang marktverbod.
* De Centrale Markt: De Centrale Markt (tegenwoordig het Food Center aan de Jan van Galenstraat) was de spil van de Amsterdamse voedselhandel. Controle op wie de markt mocht betreden was essentieel om de zwarte handel tegen te gaan.
* Bestuur onder bezetting: Hoewel het document een interne Nederlandse ambtelijke correspondentie lijkt, stond het gehele gemeentebestuur in 1943 onder toezicht en controle van de Duitse bezetter. De burgemeester van Amsterdam was in deze periode de pro-Duitse Edward Voûte.

Samenvatting

  • Inhoud: De brief doet verslag van een diefstal op de Centrale Markt in Amsterdam. C. Meyer, een werknemer van de "Nederlandsche Veiling", heeft 10 kisten bospeen verduisterd. P.S. Koster Sr., een winkelier met toegang tot de markt, heeft deze kisten opgekocht (heling).
  • Juridische basis: De opsteller van de brief heeft reeds een tijdelijke straf van 14 dagen ontzegging opgelegd op basis van artikel 35 lid 1 van het Marktreglement. Hij verzoekt de Wethouder nu om bij de Burgemeester te pleiten voor een veel zwaardere straf op basis van lid 2 van datzelfde artikel.
  • Voorgestelde strafmaat: Voor Meyer, die als werknemer het vertrouwen heeft beschaamd, wordt een levenslang (onbepaalde tijd) verbod gevraagd. Voor Koster, de heler, wordt een verbod van vier maanden voorgesteld.
  • Taalgebruik: Het document is opgesteld in de formele, ambtelijke stijl van die tijd ("heb ik de eer U een afschrift te doen toekomen", "mitsdien beleefd in overweging"). Er staat een kleine typefout in de tekst ("Jannari" in plaats van "Januari" en "worde den" in plaats van "worden").

Historische Context

  • Tweede Wereldoorlog: Het document dateert uit december 1943, midden in de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was voedsel schaars en de distributie ervan streng gereguleerd via een bonnensysteem.
  • Voedselvoorziening: De "Wethouder voor de Levensmiddelen" speelde een cruciale rol in het beheer van de schaarse voorraden. Diefstal en heling van voedsel (zoals bospeen) werden in deze context niet slechts als gewone criminaliteit gezien, maar als een ernstige ondermijning van de officiële voedselvoorziening. Dit verklaart de roep om zeer strenge straffen, zoals een levenslang marktverbod.
  • De Centrale Markt: De Centrale Markt (tegenwoordig het Food Center aan de Jan van Galenstraat) was de spil van de Amsterdamse voedselhandel. Controle op wie de markt mocht betreden was essentieel om de zwarte handel tegen te gaan.
  • Bestuur onder bezetting: Hoewel het document een interne Nederlandse ambtelijke correspondentie lijkt, stond het gehele gemeentebestuur in 1943 onder toezicht en controle van de Duitse bezetter. De burgemeester van Amsterdam was in deze periode de pro-Duitse Edward Voûte.

Kooplieden in dit dossier 43

Amerika 10.800.- P'end. 200 - Gelderl 18.100 - Westl. 100 - Utrecht 1.900.- [bovenliggend: Limburg 5.400]
Gelderl 2700. Amerika 41.000.
H.J.J.Lazenschütz
H.J.L.Gastagé
Jamaica 900 - Santos 800
J.Fraan
Alle 43 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 5