Archief 745
Inventaris 745-417
Pagina 356
Dossier 28
Jaar 1943
Stadsarchief

Archiefdocument

24 februari 1943. Dossier: 168, 85/3/2

Origineel

24 februari 1943. [Handgeschreven, blauw potlood:] 26/2
[Handgeschreven, blauw:] [onleesbaar]
[Gestempeld, blauw:] No. 85/3/2 M. 1349
[Gedrukt:] Afschrift
No.168 L. M. 1933
[Gemeentewapen van Amsterdam]

De BURGEMEESTER ~~EN WETHOUDERS~~ VAN AMSTERDAM,

Gezien het schrijven van den Directeur van het Marktwezen dd. 13 Februari 1943, no. 85/6/1 M. houdende mededeeling dat door S. Abram geen gebruik meer wordt gemaakt van de hem bij beschikking dd. 29 November 1938, no. 811 L.M. verleende vergunning om op een anderen dan voor de markt bestemden tijd kramen op te zetten of te hebben op de markten Zwanenburgwal, Uilenburg, Nieuwmarkt en het Waterlooplein;

Heeft goedgevonden bovenaangehaalde vergunning hierbij in te trekken.

GM

Amsterdam, 24 Februari 1943.
De Burgemeester voornoemd,
(get.) Voute [paarse stempel]

De Gemeentesecretaris,
(get.) J. F. FRANKEN [paarse stempel]

[Handgeschreven, blauwe inkt:]
Groeneveld
noteren op de kramenlijst!

[Handgeschreven, zwarte inkt:]
Genoteerd
opbergen
Rg. 9/3 43. Dit document is een administratieve afwikkeling van de intrekking van een marktvergunning. De vergunning uit 1938 gaf de heer S. Abram het recht om buiten de reguliere markttijden kramen te plaatsen op vier specifieke locaties. De reden voor intrekking is zakelijk geformuleerd: er wordt "geen gebruik meer" van gemaakt.

Opvallend is de doorhaling van "EN WETHOUDERS" in de aanhef. Dit is kenmerkend voor de bezettingstijd, waarin het 'leidersbeginsel' werd ingevoerd en de burgemeester (in dit geval de collaborerende Edward Voûte) alleenverantwoordelijk was, zonder controle door een college of raad.

De handgeschreven notities onderaan tonen de interne ambtelijke route: een instructie aan een ambtenaar (Groeneveld) om de administratie ("kramenlijst") bij te werken, gevolgd door een bevestiging van archivering op 9 maart 1943. De historische context van dit document is buitengewoon beladen. De datum, februari 1943, valt midden in de periode van de grootschalige deportaties van de Joodse bevolking uit Amsterdam. De genoemde locaties (Zwanenburgwal, Uilenburg, Nieuwmarkt en Waterlooplein) vormden het hart van de Joodse buurt.

De naam 'S. Abram' is zeer waarschijnlijk een Joodse naam. Dat de vergunninghouder in februari 1943 geen gebruik meer maakte van zijn marktvergunning, was vrijwel zeker geen vrijwillige keuze. Tegen deze tijd waren Joodse Amsterdammers al grotendeels uit het economische leven verbannen, gedwongen verhuisd naar de 'Joodse wijken' of reeds gedeporteerd naar kampen als Westerbork, en van daaruit naar de vernietigingskampen.

Dit document is een voorbeeld van de 'banaliteit van het kwaad': terwijl een hele bevolkingsgroep werd uitgemoord, zette de gemeentelijke bureaucratie de administratieve handelingen rondom vrijgekomen marktplaatsen en ingetrokken vergunningen onverstoorbaar voort. Het markeert de administratieve uitwissing van een Joodse ondernemer uit het Amsterdamse stadsbeeld. S. Abram Gemeente Amsterdam Marktwezen Puls

Samenvatting

Dit document is een administratieve afwikkeling van de intrekking van een marktvergunning. De vergunning uit 1938 gaf de heer S. Abram het recht om buiten de reguliere markttijden kramen te plaatsen op vier specifieke locaties. De reden voor intrekking is zakelijk geformuleerd: er wordt "geen gebruik meer" van gemaakt.

Opvallend is de doorhaling van "EN WETHOUDERS" in de aanhef. Dit is kenmerkend voor de bezettingstijd, waarin het 'leidersbeginsel' werd ingevoerd en de burgemeester (in dit geval de collaborerende Edward Voûte) alleenverantwoordelijk was, zonder controle door een college of raad.

De handgeschreven notities onderaan tonen de interne ambtelijke route: een instructie aan een ambtenaar (Groeneveld) om de administratie ("kramenlijst") bij te werken, gevolgd door een bevestiging van archivering op 9 maart 1943.

Historische Context

De historische context van dit document is buitengewoon beladen. De datum, februari 1943, valt midden in de periode van de grootschalige deportaties van de Joodse bevolking uit Amsterdam. De genoemde locaties (Zwanenburgwal, Uilenburg, Nieuwmarkt en Waterlooplein) vormden het hart van de Joodse buurt.

De naam 'S. Abram' is zeer waarschijnlijk een Joodse naam. Dat de vergunninghouder in februari 1943 geen gebruik meer maakte van zijn marktvergunning, was vrijwel zeker geen vrijwillige keuze. Tegen deze tijd waren Joodse Amsterdammers al grotendeels uit het economische leven verbannen, gedwongen verhuisd naar de 'Joodse wijken' of reeds gedeporteerd naar kampen als Westerbork, en van daaruit naar de vernietigingskampen.

Dit document is een voorbeeld van de 'banaliteit van het kwaad': terwijl een hele bevolkingsgroep werd uitgemoord, zette de gemeentelijke bureaucratie de administratieve handelingen rondom vrijgekomen marktplaatsen en ingetrokken vergunningen onverstoorbaar voort. Het markeert de administratieve uitwissing van een Joodse ondernemer uit het Amsterdamse stadsbeeld.

Genoemde Personen 1

Locaties

Nieuwmarkt Waterlooplein

Producten

Olie & Techniek: Lood Olie & Techniek: Olie Textiel & Kleding: Kleding Textiel & Kleding: Stof Textiel & Kleding: Textiel Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis Vleeswaren: Hart Vleeswaren: Vlees

Thema's

Jodenster/Maatregelen Kamp Westerbork

Organisaties

Gemeente Amsterdam Marktwezen Puls

Kooplieden in dit dossier 43

Amerika 10.800.- P'end. 200 - Gelderl 18.100 - Westl. 100 - Utrecht 1.900.- [bovenliggend: Limburg 5.400]
Gelderl 2700. Amerika 41.000.
H.J.J.Lazenschütz
H.J.L.Gastagé
Jamaica 900 - Santos 800
J.Fraan
Alle 43 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 5