Handgeschreven memo of correspondentiekaart.
Origineel
Handgeschreven memo of correspondentiekaart. 24 juni 1943 (met een aantekening van 25 juni 1943). W. Groeneveld (vanuit 'D’dam', waarschijnlijk Dordrecht). H. van Moerkerken. H. van Moerkerken.
Bijgaande factuur is door ons
retour ontvangen.
Kunt U doen nagaan of de Wed. C. Schou-
tenvoorder misschien naar Dsl. is gebracht?
W Groeneveld
D’dam, 24/6 '43.
[In een ander handschrift onderaan toegevoegd:]
± 4 uur geleden doorgezonden.
25/6 '43 [onleesbare paraaf] Het document betreft een kort zakelijk bericht waarin wordt vastgesteld dat een factuur als onbestelbaar is teruggestuurd. De afzender, W. Groeneveld, vraagt aan H. van Moerkerken om te verifiëren of de geadresseerde, de weduwe C. Schoutenvoorder, is "naar Dsl. gebracht". De afkorting "Dsl." staat voor Duitsland.
De toon van het bericht is zakelijk en feitelijk, wat wrang contrasteert met de ernst van de situatie die de vraag suggereert. Onderaan is een notitie toegevoegd, gedateerd op de dag na het oorspronkelijke bericht (25 juni 1943), waarin wordt bevestigd dat de informatie of het stuk is "doorgezonden". De plaatsnaam "D’dam" is een gangbare historische afkorting voor Dordrecht in deze regio. Dit document is een aangrijpend voorbeeld van de administratieve sporen die de Holocaust in Nederland achterliet. In juni 1943 waren de deportaties van Joodse burgers in volle gang. Het kwam vaak voor dat bedrijven of instanties pas merkten dat iemand was weggevoerd wanneer poststukken of rekeningen niet meer konden worden afgeleverd.
Onderzoek in oorlogsarchieven bevestigt de identiteit van de genoemde persoon: het betreft Catharina Schoutenvoorder-Godschalk (Dordrecht, 1869). Zij werd inderdaad gedeporteerd en is op 2 juli 1943 vermoord in vernietigingskamp Sobibor. Dit document toont het moment waarop haar verdwijning werd opgemerkt in het dagelijks maatschappelijk verkeer, waarbij de term "naar Duitsland gebracht" een eufemisme was voor deportatie.