Archiefdocument
Origineel
4 september 1943. No. 85/24/2 M. 1943 10/9 [handgeschreven/stempel]
Afschrift
No. 589 L. M. 1943
De BURGEMEESTER EN WETHOUDERS VAN AMSTERDAM,
Gezien het schrijven van den Directeur van het Marktwezen dd. 29 Juli 1943, no. 85/24/1 M., houdende mededeeling, dat door K.R. May, wonende Foeliedwarsstraat 54, alhier, geen gebruik meer wordt gemaakt van de hem bij beschikking van Burgemeester en Wethouders dd. 26 April 1939, no. 350 L.M. verleende toestemming om op een anderen dan voor de markt bestemden tijd, op de markten Noordermarkt en Uilenburg, kramen op te zetten of te hebben;
Heeft goedgevonden bovenaangehaalde beschikking hierbij in te trekken.
Amsterdam, 4 September 1943.
GM
De Burgemeester voornoemd,
(get) Voûte [paars stempel]
De Gemeentesecretaris,
(get) G. SPROUT l.s. [paars stempel]
[handgeschreven notitie rechtsonder:]
genoteerd.
opbergen
HS.
[paraf] * Inhoud: Dit document betreft het formeel intrekken van een speciale vergunning die in 1939 was verleend aan een zekere K.R. May. Met deze vergunning mocht hij buiten de reguliere markttijden kramen plaatsen op de Noordermarkt en de markt in de Uilenburg. De reden voor intrekking is dat de vergunninghouder er "geen gebruik meer" van maakt.
* Vorm: Het is een "afschrift", een officieel duplicaat voor de administratie. De handtekeningen van de burgemeester en de secretaris zijn vervangen door stempels met hun namen, voorafgegaan door "(get)", wat staat voor "getekend".
* Taalgebruik: Het document is opgesteld in de formele ambtelijke stijl van de jaren '40, gekenmerkt door archaïsche naamvallen ("van den Directeur", "bestemden tijd") en lange, samengestelde zinnen. * Historische periode: Het document is gedateerd in september 1943, midden in de Tweede Wereldoorlog tijdens de Duitse bezetting van Nederland.
* Bestuur: Edward Voûte, wiens naam op het document staat, was de regeringscommissaris-burgemeester van Amsterdam tijdens de bezetting. Hoewel hij geen lid was van de NSB, werkte hij nauw samen met de bezetter.
* Locatie en Personages: De Foeliedwarsstraat en de markt op de Uilenburg bevonden zich in het hart van de oude Joodse buurt van Amsterdam. In september 1943 was de deportatie van de Joodse bevolking uit Amsterdam bijna voltooid. De droge constatering dat de heer K.R. May "geen gebruik meer maakt" van zijn vergunning moet in dit licht worden gezien; het is zeer aannemelijk dat hij ofwel gedeporteerd was, of was ondergedoken. Het archiefstuk is daarmee een indirecte getuigenis van de Holocaust in Amsterdam. K.R. May Gemeente Amsterdam Marktwezen NSB