Aanvraagformulier voor een marktplaats op een Joodse hulpmarkt.
Origineel
Aanvraagformulier voor een marktplaats op een Joodse hulpmarkt. 27 november 1941 (oorspronkelijke datum 'October' is doorgestreept). M A R K T W E Z E N A M S T E R D A M .
Ondergeteekende (naam en voorletters): ... Halberstadt, J. ...................
geboren: .... 17 April 1896 ........... Adres: .. Albert Cuypstraat 103 ......
verzoekt een plaats te mogen innemen op de hulpmarkt:
x speeltuin Waterlooplein;
x " Gaaspstraat;
x " Joubertstraat;
met het artikel x levensmiddelen .
x textielwaren
Bovenstaande markten zijn uitsluitend toegankelijk voor Joodsche marktbezoekers.
Amsterdam, ~~October~~ 1941.
27 November
x Doorhalen wat niet gewenscht wordt. ...........................
=============================================================================
IN TE VULLEN DOOR AMBTENAREN HOOFDKANTOOR MARKTWEZEN.
1) nam plaats in op (dagmarkt .......................................
(weekmarkt(en) ..................................
2) datum van inschrijving op sollicitantenlijst .....................
(oudste datum invullen)
[Handgeschreven tekst:]
Aangezien Ondergeteekende geen voldoende goederen
heb voor een plaats op de markt te bezetten, wensch
ik voorlopig geen gebruik er van te maken
J Halberstadt
Alb Cuypstr 111
A'dam Dit document is een officieel aanvraagformulier van de gemeente Amsterdam voor een standplaats op de zogenaamde "hulpmarkten". De aanvrager is de heer J. Halberstadt, die op dat moment woonachtig was in de Albert Cuypstraat. Hij vraagt een plek aan op drie specifieke locaties: het Waterlooplein, de Gaaspstraat en de Joubertstraat. Als handelswaar worden zowel levensmiddelen als textielwaren aangekruist.
Opvallend is de handgeschreven notitie onderaan het formulier. Halberstadt ziet af van de aanvraag omdat hij niet over voldoende goederen beschikt om een kraam te vullen. Dit was een veelvoorkomend probleem voor Joodse handelaren tijdens de bezetting, aangezien zij steeds vaker werden afgesneden van leveranciers en groothandels. Er is tevens een verschil in huisnummer: het getypte gedeelte vermeldt nummer 103, terwijl de handtekening nummer 111 vermeldt. Het document dateert van november 1941, een periode waarin de Duitse bezetter de segregatie van de Joodse bevolking in Nederland in een stroomversnelling bracht. Vanaf september 1941 mochten Joden niet meer op reguliere markten komen, noch als koopman, noch als klant. Er werden aparte "Joodse markten" ingesteld op afgeschermde locaties zoals speeltuinen.
De genoemde locaties (Waterlooplein, Gaaspstraat en Joubertstraat) waren de aangewezen plekken voor deze gesegregeerde markten in Amsterdam. De tekst "Bovenstaande markten zijn uitsluitend toegankelijk voor Joodsche marktbezoekers" onderstreept het doel van de bezetter om Joden volledig te isoleren van de rest van de maatschappij. De onmogelijkheid voor Halberstadt om aan goederen te komen, illustreert de economische verstikking van de Joodse bevolking die aan de deportaties voorafging. J. Halberstadt Gemeente Amsterdam Marktwezen