Brief (doorslag/archiefkopie)
Origineel
Brief (doorslag/archiefkopie) 19 juli 1941 De Directeur (van een onbekende gemeentelijke dienst, mogelijk Publieke Werken of Marktwezen) Den Heer Directeur der Stadsreiniging, Amsterdam (Verzonden 21/7) [handgeschreven] HG.
den Heer Directeur
der Stadsreiniging,
Kwakerstraat 1,
Amsterdam-West.
Wijk 12.
21/15/1 M. 19 Juli 1941.
Hiermede heb ik de eer U beleefd te verzoeken in het water
van de Da Costakade, waar een brandstoffenmarkt is gevestigd, voor
de perceelen no.133 tot en met 165, te doen baggeren.
De Directeur, De brief is een formeel, ambtelijk verzoek tussen twee directeuren van Amsterdamse gemeentelijke diensten. De toon is uiterst beleefd ("heb ik de eer U beleefd te verzoeken"). Het doel van het schrijven is puur praktisch: de waterweg bij de Da Costakade moet gebaggerd worden.
Opvallende details:
* Handtekening/Kenmerk: Er staat een handgeschreven aantekening "Verzonden 21/7", wat aangeeft dat de brief twee dagen na datering is verstuurd. Rechtsboven staan de initialen "HG.", waarschijnlijk van de opsteller of typist.
* Locatie: De specifieke nummers (133 t/m 165) duiden het exacte gedeelte van de Da Costakade aan waar de werkzaamheden nodig zijn.
* Functie: Er wordt expliciet vermeld dat er een "brandstoffenmarkt" gevestigd is. Dit verklaart de urgentie; brandstofschepen (vaak beladen met kolen) hadden een zekere diepgang nodig om de kade te kunnen bereiken. Het document dateert uit juli 1941, ruim een jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. Ondanks de oorlogssituatie ging het dagelijks beheer van de stad Amsterdam door.
De Da Costakade in Amsterdam-West was in die tijd een belangrijke plek voor de overslag van goederen. Brandstoffenmarkten waren essentieel voor de energievoorziening van de burgers, aangezien de meeste huizen destijds nog met kolenkachels werden verwarmd. Door de schaarste tijdens de oorlogsjaren was de efficiënte distributie van brandstoffen van vitaal belang. Het baggeren zorgde ervoor dat de schepen die de brandstof aanvoerden niet aan de grond liepen en hun lading veilig konden lossen. De Dienst der Stadsreiniging was destijds gehuisvest aan de Kwakerstraat 1, in het gebouw dat tegenwoordig bekend staat als de 'Hallen'.
Samenvatting
De brief is een formeel, ambtelijk verzoek tussen twee directeuren van Amsterdamse gemeentelijke diensten. De toon is uiterst beleefd ("heb ik de eer U beleefd te verzoeken"). Het doel van het schrijven is puur praktisch: de waterweg bij de Da Costakade moet gebaggerd worden.
Opvallende details:
* Handtekening/Kenmerk: Er staat een handgeschreven aantekening "Verzonden 21/7", wat aangeeft dat de brief twee dagen na datering is verstuurd. Rechtsboven staan de initialen "HG.", waarschijnlijk van de opsteller of typist.
* Locatie: De specifieke nummers (133 t/m 165) duiden het exacte gedeelte van de Da Costakade aan waar de werkzaamheden nodig zijn.
* Functie: Er wordt expliciet vermeld dat er een "brandstoffenmarkt" gevestigd is. Dit verklaart de urgentie; brandstofschepen (vaak beladen met kolen) hadden een zekere diepgang nodig om de kade te kunnen bereiken.
Historische Context
Het document dateert uit juli 1941, ruim een jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. Ondanks de oorlogssituatie ging het dagelijks beheer van de stad Amsterdam door.
De Da Costakade in Amsterdam-West was in die tijd een belangrijke plek voor de overslag van goederen. Brandstoffenmarkten waren essentieel voor de energievoorziening van de burgers, aangezien de meeste huizen destijds nog met kolenkachels werden verwarmd. Door de schaarste tijdens de oorlogsjaren was de efficiënte distributie van brandstoffen van vitaal belang. Het baggeren zorgde ervoor dat de schepen die de brandstof aanvoerden niet aan de grond liepen en hun lading veilig konden lossen. De Dienst der Stadsreiniging was destijds gehuisvest aan de Kwakerstraat 1, in het gebouw dat tegenwoordig bekend staat als de 'Hallen'.