Ambtsverslag / Rapport
Origineel
Ambtsverslag / Rapport MARKTWEZEN – AMSTERDAM
No. 77/46/1 M. 1943 (handgeschreven: 11/8)
R A P P O R T
Ondergeteekenden, J.H. de Grebber en B. Felthuis, beiden Controleur bij het Marktwezen, rapporteeren U het navolgende;
Op Donderdag, 30 Juli 1943, deed J. F. Barands, Sub. Leider van het Plaatselijk Verdeelkantoor "Amsterdam", aangifte dat er valsche groenten en fruit bonnen in omloop zijn. De grossiers, H. van Bezooyen, fa. Pilles & Zn en de firma Bijl, hadden op hun opplakvellen bonnen zitten, die sterk afweken van het gebruikelijke lettertype. Volgens deze grossiers hadden zij bedoelde bonnen van den groentenhandelaar L. Wortel ontvangen.
Op 6 Augustus 1943 hebben wij op het kaartenkantoor van de Centrale Markt ontboden; Laurentius, Johannes Wortel, geboren te Amsterdam, 31 Maart 1906, Nederlander sedert geboorte en wonende te Amsterdam, Knollendamstraat no. 32, 1e etage. Aldaar bleek hij in zijn bezit te hebben; 5 groentekaarten, Controlenummers 20154 tot en met 20159. Verder vonden wij in zijn portemonnaie aan losse bonnen; 2 stuks genummerd 30; 9 stuks genummerd 48; 11 stuks genummerd 49. Van deze 22 losse bonnen waren er 9 stuks waarschijnlijk vervalscht en wel 4 stuks genummerd 48 en 5 stuks genummerd 49. Het lettertype van de waarschijnlijk vervalschte bonnen week geheel af van die, welke aan de bonkaarten zaten.
Wortel verklaarde ons desgevraagd het volgende; "Ik heb deze losse bonnen ongeveer twee weken geleden gekocht vóór het terrein van de Centrale Markt alhier van een mij onbekende persoon. Ik heb voor de andijvie bonnen (48) en voor de Wortelen bonnen (49) Fl. 15 betaald. Ik beken, dat ik meerdere malen van mij onbekende personen bonnen heb gekocht. Zoo betaalde ik voor een z.g. appelbon f. 8.- en voor een z.g. pruimenbon F. 2.-. De door mij op deze wijze opgekochte bonnen leverde ik bij verschillende grossiers (o.a. de fa. Bezooyen) in en ontving ik daarvoor groenten en fruit. Ik doe zulks al gedurende 5 á 6 weken. Op deze wijze verkreeg ik meer groenten dan mij eigenlijk toekwam. Indien ik had geweten dat het met die gekochte bonnen niet in den haak was, had ik er nooit aan begonnen. Het was mij echter bekend, dat de verkoop van losse bonnen verboden is."
Bij informatie bij het Plaatselijk Verdeelkantoor "Amsterdam", bleek het mij, 1e rapporteur, dat Wortel voornoemd, 6 bonkaarten was toegewezen. De in zijn bezit zijnde bonkaarten no. 20154 tot en met 20159 waren dus door Wortel op rechtmatige wijze verkregen.
De legitimatiekaart K 1154 ten name van L.J. Wortel, hebben wij ingenomen en bij dit rapport gevoegd. De hierboven bedoelde losse bonnen gaan eveneens hierbij.
Wij voegen hier nog aan toe, dat Wortel ons heeft verklaard, (ingevoegde tekst met pijl: dat hij) de hierboven bedoelde onbekende persoon, bij wederzien zal herkennen.
Waarvan dit rapport te Amsterdam op 6 Augustus 1943.
De Controleurs voornoemd,
(getekend) J.H. de Grebber
(getekend) B. Felthuis
(Handgeschreven tekst in rood/bruin:)
Wortel heeft tot de herhaalde onbekende niet aan kunnen wijzen 26/8-43 [Paraaf]
Aan;
Den Heer Directeur van het Marktwezen ALHIER.
(Handgeschreven aantekeningen linksonder:)
In verband hiermede zaak nog enige dagen aanhouden... (rest slecht leesbaar) 24-8-43. * Inhoud: Het document beschrijft een onderzoek naar fraude met distributiebonnen tijdens de Tweede Wereldoorlog. Een handelaar, L.J. Wortel, werd betrapt op het gebruik van valse bonnen die hij op de zwarte markt had gekocht bij de Centrale Markt in Amsterdam.
* Taalgebruik: Het rapport is opgesteld in een formele, ambtelijke stijl met de kenmerkende spelling van die tijd (bijv. "rapporteeren", "valsche", "vóór").
* Administratieve sporen: Er zijn diverse handgeschreven kanttekeningen en correcties aanwezig. Een rode aantekening van 26 augustus 1943 meldt dat de verdachte de onbekende verkoper uiteindelijk niet heeft kunnen aanwijzen.
* Status: Het is een officieel bewijsstuk waarbij ook de legitimatiekaart van de verdachte in beslag werd genomen. Tijdens de Duitse bezetting van Nederland (1940-1945) was er een schaarste aan goederen, waardoor een strikt distributiestelsel met bonkaarten noodzakelijk was. Dit systeem leidde tot een omvangrijke zwarte markt waar bonnen werden verhandeld of vervalst. Het "Marktwezen Amsterdam" hield toezicht op de eerlijke handel op de markten. Dit specifieke geval uit augustus 1943 illustreert hoe handelaren probeerden meer voorraad te bemachtigen dan hun rechtmatige toewijzing toeliet, en hoe de autoriteiten (vaak Nederlandse ambtenaren in dienst van de bezetter of de gemeente) hierop controleerden. De Centrale Markt (tegenwoordig Food Center Amsterdam aan de Jan van Galenstraat) was een brandpunt voor dergelijke illegale handel.