Besluit (Extract uit het Boek der Besluiten van de Burgemeester van Amsterdam).
Origineel
Besluit (Extract uit het Boek der Besluiten van de Burgemeester van Amsterdam). 10 december 1943. No.47/14 L.M.1943
Straf bezoekers Centrale Markt
[Handgeschreven paraaf/aantekening in rood en zwart potlood]
E x t r a c t
[Paars stempel:] No. 77/80/5 M. 1943 [Handgeschreven:] 31/12
uit het Boek der Besluiten
van den Burgemeester van Amsterdam
Vrijdag, 10 December 1943
Op voorstel van den Wethouder voor de Levensmiddelen, Wasch- en schoonmaak-, bad- en zweminrichtingen wordt het volgende besluit genomen:
De Burgemeester van Amsterdam;
Gelet op de bepalingen van de Achtste Verordening van den Rijkscommissaris voor het bezette Nederlandsche gebied betreffende bijzondere maatregelen op administratiefrechtelijk gebied (Verordeningenblad voor het bezette Nederlandsche gebied, Stuk 33, No. 152 Gemeenteblad 1941, afdeeling 4, volgno. 517);
Gezien het rapport van den Directeur van den Dienst van het Marktwezen dd. 30 November 1943 No. 77/80/3 M.;
Gelet op art. 35 van het Reglement op de Centrale Markt;
B e s l u i t :
den termijn van veertien dagen, gedurende welken de Directeur van het Marktwezen den toegang tot de Centrale Markt heeft ontzegd aan D.J. Bohle en C. de Bruyn, wegens het zich schuldig maken aan diefstal van een handkar, waarop zich een aantal ledige kisten bevonden, met ingang van 15 December 1943 voor den tijd van zes maanden te verlengen, derhalve tot en met 14 Juni 1944.
Afschrift van dit besluit zal worden gegeven aan de afdeelingen Levensmiddelen, Wasch- en schoonmaak-, bad- en zweminrichtingen (3 stuks).
Voor eensluidend extract,
de Gemeentesecretaris,
C.K.
[Handgeschreven paraaf]
[Rond stempel met handtekening en datum:] 13/12 43
[Handgeschreven paraaf]
(get.) J. F. FRANKEN
[Handgeschreven in de linker marge:] Pakhuis 84 * Inhoud: Het document betreft een officieel besluit van de burgemeester van Amsterdam om een toegangsverbod voor de Centrale Markt drastisch te verlengen. Twee individuen, D.J. Bohle en C. de Bruyn, werden betrapt op de diefstal van een handkar met lege kisten. De initiële straf van 14 dagen ontzegging (opgelegd door de Directeur van het Marktwezen) wordt door de burgemeester verhoogd naar zes maanden.
* Juridische grondslag: Het besluit steunt op de "Achtste Verordening van den Rijkscommissaris" (Seyss-Inquart). Dit wijst op de verregaande administratieve bevoegdheden die de bezetter aan het lokale bestuur had gegeven om de openbare orde en economie te handhaven.
* Administratieve weg: Het voorstel kwam van de Wethouder voor Levensmiddelen (L.M.). De uitvoering en administratieve verwerking werd gedaan door de Gemeentesecretarie (ondertekend door J.F. Franken). * Tijdsbeeld: Het document dateert uit december 1943, midden in de Tweede Wereldoorlog. Nederland was bezet door nazi-Duitsland. De burgemeester van Amsterdam op dat moment was Edward Voûte, een collaborerend bestuurder.
* Economische situatie: Tijdens de bezetting was er een grote schaarste aan goederen, voedsel en transportmiddelen (zoals handkarren en kisten). Diefstal op de Centrale Markt, het distributiehart van de stad, werd daarom zeer hoog opgenomen. De Centrale Markt (tegenwoordig het Food Center Amsterdam aan de Jan van Galenstraat) was cruciaal voor de voedselvoorziening.
* Bestuurlijke repressie: Het gebruik van verordeningen van de Rijkscommissaris in een lokaal besluit over marktdiefstal illustreert hoe de juridische structuren van de bezetter doordrongen tot in de kleinste details van het stedelijk beheer. De zware straf (zes maanden ontzegging van toegang tot de werkplek/markt) had grote sociaal-economische gevolgen voor de betrokkenen.