Getypte brief (doorslag/archiefexemplaar).
Origineel
Getypte brief (doorslag/archiefexemplaar). 8 maart 1943. De Directeur (vermoedelijk van de Dienst voor de Levensmiddelen of een gerelateerde gemeentelijke afdeling). Hmuysen [handtekening]
*)
vD/SV
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r.
85/1/1 M. 8 Maart 1943.
Onder terugzending van het met Uw kantbrief d.d.
15 Februari jl. ter verdere behandeling ontvangen
stuk no. 125 L.M.'43 heb ik de eer U te berichten,
dat een aan F. Wayeret verleende kramenvergunning
op 10 Februari jl. onder no. 125 L.M.'43 wegens wan-
betaling door den Burgemeester werd ingetrokken.
Wayeret wil thans f 25.- vooruitstorten en zal
dan zorgdragen, dat dit bedrag steeds bij mijn dienst
als depôt aanwezig is. Aangenomen kan worden, dat
het gebeurde voor Wayeret een ernstige les is geweest.
Mijnnerzijds bestaat derhalve geen bezwaar, dat hij
nog voor één keer in het bezit van een kramenvergun-
ning wordt gesteld.
Zoo U aan mijn opvatting Uw goedkeuring kunt
hechten, dan ligt het in mijn voornemen om Wayeret
te laten weten, dat bij eenigen achterstand in be-
taling zijn vergunning zonder waarschuwing zal worden
ingetrokken.
De Directeur, De brief betreft een ambtelijk advies over het herstellen van een marktvergunning (kramenvergunning) van een zekere heer F. Wayeret. De vergunning was op 10 februari 1943 door de burgemeester ingetrokken vanwege wanbetaling.
Wayeret heeft een voorstel gedaan om een borgsom van 25 gulden als depot bij de betreffende dienst te storten om toekomstige betalingen te garanderen. De Directeur van de dienst adviseert de Wethouder om akkoord te gaan met een eenmalige nieuwe kans voor de betrokkene, echter onder de strikte voorwaarde dat bij elke volgende betalingsachterstand de vergunning onmiddellijk en zonder waarschuwing definitief zal worden ingetrokken. Het document dateert uit maart 1943, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. Ondanks de oorlogssituatie bleven de lokale bureaucratische processen, zoals het beheer van marktvergunningen, gewoon doorgaan.
De rol van de "Wethouder voor de Levensmiddelen" was in deze periode cruciaal vanwege de schaarste en de rantsoenering van goederen. Markthandelaren speelden een rol in de distributie van voedsel en goederen, maar stonden onder streng toezicht van het gemeentebestuur. De burgemeesters hadden in deze periode (onder het bezettingsregime) uitgebreide bevoegdheden en konden eigenhandig vergunningen intrekken. Deze brief toont de formele, strenge maar soms ook nog pragmatische wijze waarop ambtelijke diensten omgingen met overtredingen door burgers in een tijd van economische nood. F. Wayeret