Handgeschreven zakelijke brief.
Origineel
Handgeschreven zakelijke brief. 5 november 1941. L. Pinto, Scheldeplein 16 III, Amsterdam. Inspecteur van het Marktwezen van Amsterdam, Jan van Galenstraat 14. Nº 20/35/1 M. 1341 7/11 Amsterdam den 5. Nov. 41
Insp.
Aan het Marktwezen
van Amsterdam,
J. v. Galenstraat 14.
Mijnheer,
Naar aanleiding van Uw schrijven
d.d. 3 dezer, moet ik U tot mijn spijt
berichten, dat ik door ziekte, dezen winter
niet in staat ben, van een der markten
gebruik te maken. Zou ik echter weer
op een der markten kunnen, hoop ik, dat
U mij dan van dienst zoudt willen
zijn.
Hoogachtend
L. Pinto
Scheldeplein 16 III * Inhoud: De heer L. Pinto reageert op een eerdere brief van het Marktwezen (gedateerd 3 november 1941). Hij laat weten dat hij deze winter vanwege gezondheidsredenen geen gebruik kan maken van een marktstandplaats in Amsterdam. Hij spreekt de hoop uit dat hij in de toekomst, zodra hij weer in staat is op de markt te staan, opnieuw een beroep mag doen op de diensten van de instantie.
* Stijl: Formeel en beleefd. Het handschrift is een vlot, hellend cursief (Latijns schrift), kenmerkend voor de eerste helft van de 20e eeuw.
* Administratieve sporen: De diverse stempels en nummers bovenin duiden op een zorgvuldige archivering door de gemeente Amsterdam. De Jan van Galenstraat was de locatie van de Centrale Markthallen. * Tijdsbeeld: De brief is geschreven tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog.
* Sociale context: De achternaam 'Pinto' is van Sefardisch-Joodse origine. De Rivierenbuurt (Scheldeplein) was een wijk waar in 1941 veel Joodse Amsterdammers woonden.
* Historische achtergrond: In 1941 werden Joodse burgers door de bezetter steeds verder geïsoleerd. Vanaf het najaar van 1941 werden Joodse marktkooplieden geweerd van de reguliere markten en werden zij gedwongen op speciaal aangewezen "Joodse markten" te staan. Hoewel Pinto in deze brief "ziekte" opgeeft als reden voor zijn afwezigheid, valt deze correspondentie precies in de periode van de toenemende uitsluiting van Joden uit het economische leven in Amsterdam. Het is denkbaar dat persoonlijke gezondheidsklachten samenvielen met de onmogelijke werkomstandigheden voor Joodse handelaren in die tijd. L. Pinto Gemeente Amsterdam Marktwezen
Samenvatting
- Inhoud: De heer L. Pinto reageert op een eerdere brief van het Marktwezen (gedateerd 3 november 1941). Hij laat weten dat hij deze winter vanwege gezondheidsredenen geen gebruik kan maken van een marktstandplaats in Amsterdam. Hij spreekt de hoop uit dat hij in de toekomst, zodra hij weer in staat is op de markt te staan, opnieuw een beroep mag doen op de diensten van de instantie.
- Stijl: Formeel en beleefd. Het handschrift is een vlot, hellend cursief (Latijns schrift), kenmerkend voor de eerste helft van de 20e eeuw.
- Administratieve sporen: De diverse stempels en nummers bovenin duiden op een zorgvuldige archivering door de gemeente Amsterdam. De Jan van Galenstraat was de locatie van de Centrale Markthallen.
Historische Context
- Tijdsbeeld: De brief is geschreven tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog.
- Sociale context: De achternaam 'Pinto' is van Sefardisch-Joodse origine. De Rivierenbuurt (Scheldeplein) was een wijk waar in 1941 veel Joodse Amsterdammers woonden.
- Historische achtergrond: In 1941 werden Joodse burgers door de bezetter steeds verder geïsoleerd. Vanaf het najaar van 1941 werden Joodse marktkooplieden geweerd van de reguliere markten en werden zij gedwongen op speciaal aangewezen "Joodse markten" te staan. Hoewel Pinto in deze brief "ziekte" opgeeft als reden voor zijn afwezigheid, valt deze correspondentie precies in de periode van de toenemende uitsluiting van Joden uit het economische leven in Amsterdam. Het is denkbaar dat persoonlijke gezondheidsklachten samenvielen met de onmogelijke werkomstandigheden voor Joodse handelaren in die tijd.