Ambtelijk rapport/brief betreffende een tuchtkwestie op een vismarkt.
Origineel
Ambtelijk rapport/brief betreffende een tuchtkwestie op een vismarkt. De volgende personen heb ik na herhaalde
lastgeving en onder heftig protest met behulp
van de politie uit de loods van Kroker moeten
verwijderen en ik stel U dan ook voor deze twee visch-
kooplui te schorsen. Het zijn: ~~[doorgehaald]~~ C. Persoon en
S. Ekkeboom. Dan verzoek ik U den Heer
Hey, gedurende de tijd (dat) U de vischverkoop regelt,
zich niet in de loods van Kroker vertoont, daar hij mij
tegenwerkt. Een heer (Thie) geeft toestemming visch
door te houden, buiten mijn weten. Dit duld
ik niet. Dan heb ik verschillende politie instanties
en een Inspectrice van de voorkeurskaarten van de
Nederlandsche Volksdienst bij mij gehad ~~voor~~
2 pond visch. Geen heb ik wegens mijn instructies
moeten weigeren. Wanneer ik aanstonds niet meer
de volle 100% medewerking heb van de politie
in het bijzonder, dan weet U de oorzaak. Dit is mijn
ondervinding van het staplein.
[Ondertekend met een paraaf/symbool]
[Marginale aantekeningen in de kantlijn en onderaan:]
(Links in rood potlood): 90/9/2
(Midden):
C. Persoon
S. Ekkeboom
oproepen spoed
door Th. Sieburgh ernstig onderhouden
(Rechts onder):
D op 1/II '43
gehoord Th Sieburgh
Heeft al wat
besproken is, ontkend
zeer onredelijk was. Heb
er in geen geval water
over gegooid.
Ernstig gewaar-
schuwd.
[Paraaf] De auteur van dit schrijven (vermoedelijk een marktmeester of controleur) rapporteert over ernstige wanorde en insubordinatie in de visloods van Kroker. Twee vishandelaren, Persoon en Ekkeboom, zijn na een conflict door de politie verwijderd. De auteur klaagt bovendien over corruptie of vriendjespolitiek: andere functionarissen (Hey en Thie) zouden hem tegenwerken of eigenmachtig handelen.
Een cruciaal element in de tekst is de weigering van de auteur om vis af te staan aan de politie en een inspectrice van de Nederlandsche Volksdienst (NVD). Dit wijst op een strikte naleving van de distributieregels, ondanks druk van instanties die nauw verbonden waren met het bezettingsregime. Uit de latere aantekeningen onderaan blijkt dat de beschuldigden op 1 februari 1943 zijn verhoord door Th. Sieburgh. Zij ontkenden de aantijgingen, waaronder een specifiek incident waarbij met water gegooid zou zijn. De zaak werd afgedaan met een "ernstige waarschuwing". Dit document biedt een inkijkje in de dagelijkse spanningen tijdens de Duitse bezetting van Nederland in 1943. In deze periode was voedsel schaars en de handel streng gereguleerd via het distributiestelsel. De vermelding van de Nederlandsche Volksdienst (een nationaalsocialistische hulporganisatie) en de voorkeurskaarten plaatst het incident direct in de context van de nieuwe orde. Het feit dat zelfs politieagenten probeerden buiten de officiële weg om vis te bemachtigen, illustreert de corruptie en de druk waaronder ambtenaren en markttoezichthouders destijds werkten. Het "staplein" verwijst hoogstwaarschijnlijk naar een stationsplein waar vis direct vanaf de haven of de trein werd verhandeld. C. Persoon S. Ekkeboom Politie