Inspectierapport (groentewinkels).
Origineel
Inspectierapport (groentewinkels). MARKWEZEN AMSTERDAM
R A P P O R T
-------------------------
Ondergeteekende, J. H. de Grebber, Controleur bij het Mark-
wezen, rapporteert U het navolgende:
Van Maandag, 17 Januari totoen met Zaterdag, 22 Januari 1944
heb ik onderstaande groentewinkels gecontroleerd:
| Naam | Adres | Bijzonderheden. |
|---|---|---|
| 17-1 | J. van Eck. | Tuinstraat 44 |
| 19-1. | K. Gerrits | Insulindeweg 141 |
| 19-1. | H. Stam | Javastraat 120 |
| 20-1 | G. Tromp | Cillierstraat |
| 21-1 | H. W. Koenders | Hemonystraat 31 |
| 21-1 | H. R. Oele | Rijnstraat 103 |
| 21-1 | H. Hendriks | Rietwijkerstraat 18 |
| 21-1 | J. Visser | Legmeerplein |
[Paars stempel:] N^o 20/8/8
[Paars stempel:] M. 1944 7/2
[Rode markering rechtsonder] Het document is een getypt weekverslag, aangevuld met handgeschreven gegevens, van een controleur van de Amsterdamse marktpolitie. Het bevat een overzicht van inspecties bij acht verschillende groentewinkels verspreid over de stad (o.a. in de Jordaan, Oost, de Pijp en de Rivierenbuurt).
Uit het rapport blijkt dat de meeste winkeliers zich aan de regels hielden ("geen" bijzonderheden). Er zijn echter twee uitzonderingen:
1. H.W. Koenders (Hemonystraat) kreeg een waarschuwing vanwege het niet (correct) voeren van een prijsbord. Dit was een administratieve overtreding.
2. H.R. Oele (Rijnstraat) was onderwerp van een officieel "Rapport" (proces-verbaal). Dit wijst op een ernstigere overtreding van de geldende bepalingen.
Onderaan staan administratieve stempels, waarbij de "M. 1944 7/2" waarschijnlijk de datum van archivering of verwerking aangeeft (7 februari 1944). Tijdens de Duitse bezetting was de voedselvoorziening in Nederland onderworpen aan een zeer streng distributiesysteem. De overheid (en de bezetter) wilde prijsopdrijving en de zwarte markt bestrijden. Het Markwezen Amsterdam was belast met de controle op naleving van deze regels in de detailhandel.
Winkeliers waren verplicht om prijzen duidelijk zichtbaar te maken op prijsborden en mochten producten alleen verkopen tegen de officieel vastgestelde prijzen en tegen inlevering van distributiebonnen. Een "rapport" van een controleur zoals De Grebber kon leiden tot zware sancties, variërend van hoge boetes tot de gedwongen sluiting van de winkel door de 'Prijsbeheersing'. Begin 1944 nam de schaarste in de steden toe, waardoor de druk op winkeliers en de intensiteit van de controles groeiden. G. Tromp H. Hendriks H. Stam H. de Grebber H.R. Oele H.W. Koenders J. Visser J. van Eck K. Gerrits R. Oele W. Koenders
Samenvatting
Het document is een getypt weekverslag, aangevuld met handgeschreven gegevens, van een controleur van de Amsterdamse marktpolitie. Het bevat een overzicht van inspecties bij acht verschillende groentewinkels verspreid over de stad (o.a. in de Jordaan, Oost, de Pijp en de Rivierenbuurt).
Uit het rapport blijkt dat de meeste winkeliers zich aan de regels hielden ("geen" bijzonderheden). Er zijn echter twee uitzonderingen:
1. H.W. Koenders (Hemonystraat) kreeg een waarschuwing vanwege het niet (correct) voeren van een prijsbord. Dit was een administratieve overtreding.
2. H.R. Oele (Rijnstraat) was onderwerp van een officieel "Rapport" (proces-verbaal). Dit wijst op een ernstigere overtreding van de geldende bepalingen.
Onderaan staan administratieve stempels, waarbij de "M. 1944 7/2" waarschijnlijk de datum van archivering of verwerking aangeeft (7 februari 1944).
Historische Context
Tijdens de Duitse bezetting was de voedselvoorziening in Nederland onderworpen aan een zeer streng distributiesysteem. De overheid (en de bezetter) wilde prijsopdrijving en de zwarte markt bestrijden. Het Markwezen Amsterdam was belast met de controle op naleving van deze regels in de detailhandel.
Winkeliers waren verplicht om prijzen duidelijk zichtbaar te maken op prijsborden en mochten producten alleen verkopen tegen de officieel vastgestelde prijzen en tegen inlevering van distributiebonnen. Een "rapport" van een controleur zoals De Grebber kon leiden tot zware sancties, variërend van hoge boetes tot de gedwongen sluiting van de winkel door de 'Prijsbeheersing'. Begin 1944 nam de schaarste in de steden toe, waardoor de druk op winkeliers en de intensiteit van de controles groeiden.