Dit document is een typisch voorbeeld van crisisadministratie. In de zomer van 1939, vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog, mobiliseerde Nederland zijn leger. * **Structuur:** De tabel is zeer gestructureerd en bevat alle noodzakelijke gegevens om een marktkoopman te identificeren: naam, geboortedatum, adres en de specifieke markt waar hij werkzaam was. * **Annotaties:** De handgeschreven vinkjes en de rode letter 'F' tonen aan dat de lijst actief gecontroleerd is tegen andere registers (zoals het bevolkingsregister of de militaire registers). * **Geografie:** De genoemde adressen en markten bevinden zich hoofdzakelijk in Amsterdam (Albert Cuypstraat, Ten Katestraat, Dapperstraat, etc.). Dit suggereert een sterke lokale impact van de mobilisatie op de voedselvoorziening en handel in de stad. * **Opmerkingen:** Bij J.G. Burink staat een specifieke notitie: "buitengewoon dienstplichtige nog niet opgeroepen". Dit wijst op een verschil in militaire status tussen de mannen op de lijst.
Op **29 augustus 1939** kondigde de Nederlandse regering de Algemene Mobilisatie af. Dit was een reactie op de dreigende taal van nazi-Duitsland en de invasie van Polen die enkele dagen later (1 september) zou volgen. Tienduizenden jonge mannen moesten direct hun dagelijkse werkzaamheden staken om zich bij hun legeronderdelen te melden. Voor marktkooplieden betekende dit dat hun kramen leeg bleven, wat directe gevolgen had voor hun inkomen en de bevoorrading van de wijken. De administratie van de gemeente Amsterdam moest hierdoor in kaart brengen wie er weg was, wie er eventueel vervangen kon worden, en welke standplaatsen (zoals aangegeven met de kruisjes bij 'standplaats') tijdelijk vervallen waren. De namen op de lijst bevatten ook diverse Joodse namen (zoals Fransman, Lopes Dias, Gobits, Hijman, Schaap), wat de diversiteit van de Amsterdamse markten in die tijd weerspiegelt. Voor velen van hen zou de mobilisatie in 1939 slechts het begin zijn van een zeer tragische periode.