Archiefdocumenten

Archief 745 | 745-272 | Pagina 15 | 1939

Brief (slotpagina en postscriptum).

* **Inhoud:** Dit is het slot van een formele brief waarin de afzender, Th. Neerings, hoopt op een positief antwoord. In het postscriptum wordt een referentie opgegeven: de heer H. Brouwer, werkzaam bij de Nederlandsche Linoleumfabriek in Krommenie. * **Toon en Stijl:** De taal is zeer formeel en hoffelijk, kenmerkend voor zakelijke of officiële correspondentie uit de eerste helft van de 20e eeuw. De afsluiting "Uwedele dw. dnr," staat voor "Uwedele's dienstwillige dienaar". De aanspreektitel "Well edele Heer" duidt eveneens op een formeel respectniveau. * **Geografische details:** Het adres van de afzender bevindt zich in Amsterdam-Zuid (Frans Halsstraat 81). De referentie is gevestigd in Krommenie, Noord-Holland.

Archief 745 | 745-284 | Pagina 113 | 1939

Document

* **Kernboodschap:** De schrijver waarschuwt de ontvanger (geadresseerd als UEd, *Uw Edelheid*) voor de misleidende claims van een concurrent. De concurrent zou beweren regelmatig diverse goederen ("andere handel") aan te bieden, terwijl dit volgens de schrijver in werkelijkheid zeer zelden gebeurt. * **Terminologie:** * **"UEd"**: Een formele afkorting voor 'Uw Edelheid', gebruikelijk in zakelijke correspondentie uit die tijd. * **"Voorgeven"**: Gebruikt in de betekenis van pretenderen of ten onrechte beweren. * **"Stekken"**: De vermelding van 'stekken' onderaan de tekst suggereert dat de handel betrekking heeft op de tuinbouw of boomkwekerij. * **Schrijfstijl:** De toon is zakelijk en defensief, bedoeld om de eigen positie te beschermen ten opzichte van een rivaal.

Archief 745 | 745-288 | Pagina 135 | 1939

Briefkaart (postwaarde-stuk) met voorgedrukte postzegel.

De tekst op deze kaart vormt het slot van een formele correspondentie. De afzender, W.R.S. Rheing-Köth, spreekt de verwachting uit dat de geadresseerde (de directeur van de groothandelsmarkt) een verzoek positief zal beantwoorden ("niet te leur zult stellen"). Uit het postscriptum blijkt dat het verzoek betrekking heeft op een collecte. De toevoeging dat de collecte "van alle gezindten" is, is historisch relevant; in het verzuilde Nederland van 1939 was het essentieel om aan te geven of een goed doel een specifieke religieuze achtergrond had of juist algemeen (interconfessioneel) was, om zo een breder draagvlak voor medewerking te creëren. De toon is uiterst beleefd en respectvol, wat gebruikelijk was voor zakelijke communicatie met autoriteitsfiguren in die periode.

Archief 745 | 745-284 | Pagina 186 | 1939

Getypte brief (doorslag of kopie).

* **Inhoud:** De brief is een formele klacht over het wangedrag van een mede-marktkoopman genaamd Maykels. De afzender, M. Polak, klaagt over beledigingen aan het adres van hem en zijn vrouw, en over smaad ("leugens tegenover marktbezoekers") die zijn handel schaadt. * **Conflict:** Hoewel beiden lid zijn van de organisatie "Mercurius", acht Polak deze vereniging niet bij machte het probleem op te lossen. Hij verzoekt de autoriteiten om een officiële waarschuwing en dreigt bij verdere escalatie de politie in te schakelen. * **Toon:** De brief is geschreven in een zeer formele, bijna juridische stijl die kenmerkend is voor officiële correspondentie uit die tijd. De afzender benadrukt zijn eigen onschuld door te stellen dat hij op geen enkele wijze heeft geprovoceerd.

Archief 745 | 745-278 | Pagina 246 | 1939

Brief (verzoekschrift) gericht aan de Directeur van het Marktwezen te Amsterdam.

Dit document is een formeel verzoek van een marktkoopvrouw, A. Broekman-Blitz, om toestemming voor het inzetten van een hulpkracht bij haar marktkraam aan de Albert Cuypstraat in Amsterdam. De hulpkracht wordt geïdentificeerd als S. David (geboren 8 april 1902). Onderaan de brief staat een ambtelijke aantekening gedateerd op 30 oktober 1939. Hieruit blijkt dat de aanvraag later is uitgebreid of gespecificeerd voor B. Broekman (mogelijk haar echtgenoot of zoon). Er wordt verwezen naar een rapport van de 'Chef Marktopz.' (Marktopziener), wat duidt op een officiële controle of screening van de aanvraag.

Archief 745 | 745-288 | Pagina 284 | 1939

Document

De kern van deze brief is de **logistieke coördinatie van de voedselvoorziening** in Amsterdam aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog. Vanwege de naderende oorlogsdreiging zijn veel vrachtwagens van tuinders door het leger gevorderd (gerequireerd). Dinkgreve, als voorzitter van de tuinbouworganisaties, heeft een systeem opgezet waarbij tuinders wiens auto's nog *niet* gevorderd zijn, de producten van hun gedupeerde collega's mee naar de markt nemen. Hij vraagt de Directeur van het Marktwezen om medewerking en steun voor dit noodplan. De focus ligt hierbij op het belang van de Amsterdamse consument: de aanvoer van verse producten mag niet stagneren. De handgeschreven aantekeningen rechtsboven duiden op de ambtelijke verwerking van de brief binnen de gemeente (doorsturen voor advies/rapportage).

Archief 745 | 745-284 | Pagina 343 | 1939

Handgeschreven brief (verzoekschrift).

* **Inhoud:** De heer A. Kloot verzoekt de autoriteiten om een ontheffing of aanpassing van zijn aanwezigheidsplicht op de zondagsmarkt op Uilenburg (Amsterdam). Hij wil toestemming om deze marktplaats één keer per drie weken over te slaan of later te bezetten. * **Motivering:** Zijn echtgenote is opgenomen in een sanatorium in Renkum (Gelderland). Vanwege de grote afstand en de noodzaak om haar elke zondag te bezoeken, is hij op die dagen niet in staat zijn handel op de markt te drijven. * **Opmerkelijke details:** * De schrijver gebruikt consequent "mij vrouw" in plaats van "mijn vrouw". * De locatie "Uilenburg" duidt op de bekende Joodse markt in Amsterdam. * Het postscriptum verwijst naar de Nieuwe Achtergracht 100, waar destijds het Consultatiebureau voor Tuberculosebestrijding was gevestigd, ter verificatie van zijn verhaal.

Archief 745 | 745-282 | Pagina 391 | 1939

Handgeschreven brief (verzoekschrift).

In deze brief verzoekt Arie Goedhart, een Amsterdamse vishandelaar, om een tijdelijke aanpassing van zijn marktvergunning. Hij heeft een vaste standplaats op de Leidsegracht, maar wil daar nog maar één of twee keer per week staan in plaats van de gebruikelijke frequentie. De reden die hij aanvoert is direct verbonden met de internationale politieke situatie: door "oorlogsomstandigheden" is er onvoldoende aanvoer van vis. Hierdoor is hij gedwongen tijdelijk ander werk te zoeken om in zijn levensonderhoud te voorzien. Om zijn felbegeerde vaste plek op de markt niet te verliezen, benadrukt hij expliciet dat hij zijn financiële verplichtingen (het marktgeld) gewoon zal blijven doorbetalen. In het postscriptum vraagt hij daarnaast of hij een oude "lossen plaats" (een plek om goederen te lossen) die voorheen door zijn vader (G. Goedhart) werd gebruikt, weer in gebruik mag nemen. De toon van de brief is formeel en beleefd, wat gebruikelijk was voor correspondentie met overheidsinstanties in die tijd.

Archief 745 | 745-300 | Pagina 407 | 1939

Document

* **Taal en Spelling:** De tekst is geschreven in een zakelijke, ietwat verouderde spelling (bijv. "zy", "gekochtte", "vöör", "tyd"). Opmerkelijk is het gebruik van een trema op de 'o' in "vöör" en een accent op "á contant". * **Vormgeving:** Het betreft een doorslag of kopie van een getypte brief op voorgedrukt verenigingspapier. Er zijn handmatige correcties aangebracht (onderstreping van "Ten slotte" en een verbetering in de laatste alinea). * **Inhoudelijke punten:** 1. De brief stelt voorwaarden aan kooplieden die eigen materiaal willen gebruiken: ze moeten voorheen bij dezelfde verhuurder hebben gehuurd en de aankoop moet contant en bewijsbaar zijn geschied. 2. Er wordt aangedrongen op afhandeling van vergunningsaanvragen uit juli 1939. 3. In de P.S. wordt geklaagd over een specifieke kaashandelaar genaamd Kemper, die voor overlast zorgt door de opstelling van kramen te verstoren. 4. Er wordt kritiek geuit op de belastingcontrole en administratieve fouten waarbij kramen onterecht op de rekening van verhuurders worden gezet. ---

Archief 745 | 745-278 | Pagina 419 | 1939

Handgeschreven brief (correspondentie met een officiële instantie).

* **Inhoud:** De afzender, H. Melkman, informeert een instantie (vermoedelijk de marktwezen-administratie van de gemeente Amsterdam) over zijn aanstaande huwelijk op 13 december 1939. * **Doel:** De melding is gerelateerd aan zijn "voorkeurskaart no. 493" voor de Albert Cuypstraat. Dit duidt erop dat Melkman een marktkoopman was met een vaste staanplaats of een voorkeursrecht op de Albert Cuypmarkt. Een wijziging in de burgerlijke staat of adres moest aan de betreffende instantie worden doorgegeven om rechten te behouden. * **Taalgebruik:** De brief is gesteld in formele maar ietwat archaïsche taal met spellingkenmerken zoals "berichtten" en "Hoogachtten" (beide met dubbel 't'), wat vaker voorkwam in die periode. * **Adressen:** De afzender is verhuisd naar het Sarphatiepark. Zijn oude adres was "p/a Saphier" aan de 2e Jan Steenstraat 121-hoog. Beide locaties bevinden zich in de wijk De Pijp, nabij de Albert Cuypmarkt. De aanduiding "p/a" (per adres) suggereert dat hij inwoonde bij de familie Saphier.

Archief 745 | 745-321 | Pagina 26 | 1940

Handgeschreven brief (verzoekschrift).

* **Inhoud:** De schrijver, H. Ter Voort, wendt zich tot Dr. Van der Laan met een dringend verzoek om hulp. Ter Voort is zijn standplaats op de vismarkt kwijtgeraakt door een besluit van de geadresseerde (of diens afdeling). Hierdoor is hij in financiële nood gekomen. Eerdere aanvragen voor sociale steun en bedrijfskrediet ("handelsgeld") zijn afgewezen. Hij vraagt Dr. Van der Laan nu om te bemiddelen bij het "B.A." voor een voorschot en vraagt of er een regeling mogelijk is om zijn marktplaats terug te krijgen. * **Taalgebruik:** Het document is geschreven in een eerbiedige maar wanhopige toon. Het handschrift en het taalgebruik (zoals "uw" in plaats van "u", "staan ik" en "begginen") wijzen op een schrijver met een beperkte formele opleiding, wat typerend is voor de sociaaleconomische klasse van kleine marktkooplieden in die tijd. * **Instellingen:** Er wordt verwezen naar het "B.A.", wat zeer waarschijnlijk staat voor het *Bureau voor Arbeidsbemiddeling* of een vergelijkbare gemeentelijke instantie in Amsterdam die destijds belast was met steunverlening en werkverschaffing.

Archief 745 | 745-335 | Pagina 163 | 1940

Handgeschreven zakelijke notitie/bijlage.

* **Handschrift:** Het betreft een vlot, hellend cursief handschrift (lopend schrift) met karakteristieke lussen. De tekst is zakelijk en bondig geformuleerd. * **Inhoud:** De tekst bestaat uit twee delen. Het eerste deel bevestigt de retourzending van monsters ("stalen") en een vrachtbrief. Het tweede deel (P.S.) is een administratieve herinnering over een financiële kwestie: de opbrengst van een specifieke wagonlading winterpeen is nog niet overgemaakt of verrekend. * **Kerngegevens:** * Wagonnummer: 37095 * Betrokken personen: H. Jansen (verkoper) en A. Karseboom (opdrachtgever). * Goederen: 3 ton winterpeen.

Archief 745 | 745-317 | Pagina 185 | 1940

Brief / Verzoekschrift betreffende een marktplaats.

Het document is een formeel verzoek van C. Rustenburg (mogelijk namens een familielid of medewerker, gezien het gebruik van "hij") aan een marktmeester of gemeentelijke instantie. De kern van het verzoek is om uitstel van drie weken voor het innemen van een toegewezen marktplaats op de Albert Cuypmarkt. De reden voor dit uitstel is dat de betreffende persoon op dat moment nog werkzaamheden heeft in de handel van gerookte aal. Om de plek niet te verliezen, biedt de schrijver aan om de wekelijkse marktgelden ("door betalend voor zijn plaats") gewoon te blijven voldoen tijdens deze overbruggingsperiode. De toon is uiterst beleefd en respectvol, wat typerend is voor de correspondentie met overheidsinstanties in die tijd.

Archief 745 | 745-315 | Pagina 253 | 1940

Handgeschreven brief (verzoekschrift).

* **Inhoud:** De briefschrijver, E. Süssenwein, verzoekt de gemeente Amsterdam (dienst Marktwezen) om formeel te worden gelijkgesteld met andere marktkooplieden. Hij voert hiervoor twee argumenten aan: zijn twaalfjarige verblijf in Nederland en het feit dat hij al enige tijd een kraam op de markt heeft. * **Schrijfstijl:** De brief is geschreven in een formele en beleefde stijl, kenmerkend voor zakelijke correspondentie uit die tijd (bijv. "Mijne Heeren", "ten Uwent"). Het gebruik van "nogmaals" en de verwijzing naar een eerder gesprek met een inspecteur suggereert dat de schrijver volhardend is in zijn poging om zijn status te regulariseren. * **Locatie:** Uit het postscriptum blijkt dat het specifiek gaat om een standplaats op de Albert Cuypmarkt, een van de belangrijkste markten van Amsterdam. * **Taalgebruik:** Er staan enkele kleine grammaticale eigenaardigheden in de brief (zoals "Naar aanleiding het onderhoud" in plaats van "van het"), wat mogelijk wijst op een schrijver wiens moedertaal niet Nederlands is.

Archief 745 | 745-311 | Pagina 284 | 1940

Factuur / Nota.

* **Inhoud:** De nota betreft de huur van diverse pakhuizen op het terrein van de Centrale Markt in Amsterdam. Er is sprake van een "gereduceerde" huurprijs van 25 gulden per maand. * **Opmerkelijke details:** * De meeste handelaren betalen voor drie maanden (februari t/m april), behalve C.F. Helms (M 2), die voor twee maanden aangeslagen wordt. * Er is een handgeschreven correctie bij de eerste post (M 1), waarbij de naam "G. v. Es" is toegevoegd aan G.P. Stam. * In de getypte tekst is een spelfout zichtbaar: "pakhuihuur" in plaats van "pakhuis-huur" of "pakhui**s**huur". * Onderaan wordt vermeld dat één firma (L. Hoogesteeger) de huur al rechtstreeks heeft voldaan, wat verklaart waarom deze niet in de optelsom van 500 gulden is opgenomen. * **Fysieke staat:** Het document vertoont de typische kenmerken van administratie uit die periode: het gebruik van doorslagpapier, stempels voor betalingsbevestiging en archiveringsnotities in de kantlijn.

Archief 745 | 745-357 | Pagina 56 | 1941

Getypt slotwoord/nawoord van een voorstel of rapport.

De tekst fungeert als een afsluiting van een onbekend voorstel betreffende de reorganisatie van de voedselvoorziening. De toon is stellig en revolutionair; de auteurs wijzen elke verbetering van het bestaande systeem ("het Oude Stelsel") radicaal af met de bewering dat dit "te rot" is. Er is sprake van een sterke overtuiging dat elke verandering per definitie een verbetering is ("alles is beter als het bestaande"). De auteurs presenteren zich als hervormers die streven naar "gezonden toestanden" binnen de distributieketen.

Archief 745 | 745-359 | Pagina 464 | 1941

Handgeschreven brief (slot en postscriptum).

Het document is een fragment van een brief waarin Klaas R. Jansen klaagt over "misstanden", vermoedelijk gerelateerd aan de distributie of handel van vis. De toon is direct en "openhartig". Jansen suggereert dat er veel meer mis is, maar bewaart die informatie voor een eventueel volgend schrijven. Interessant is het postscriptum (P.S.), waarin hij een zekere heer M. Pootjes als voorbeeld stelt. Pootjes, werkzaam bij de "vakgroep" (een term die tijdens de bezetting veelvuldig werd gebruikt voor de gelijkschakelde beroepsorganisaties), deed afstand van zijn eigen toewijzing van mosselen ten gunste van minder bedeelde handelaren. Dit duidt op de schaarste en de afhankelijkheid van officiële toewijzingen ("toewijzing in de afslag") in die periode. Onderaan de brief staan ambtelijke aantekeningen in een ander handschrift, waaruit blijkt dat de brief serieus is genomen: de toewijzing van de schrijver (of de betreffende groep) is verhoogd naar 40 kg.

Archief 745 | 745-384 | Pagina 61 | 1942

Handgeschreven brief (verzoekschrift).

In deze brief beklaagt de afzender zich over het feit dat hij (of zij) herhaaldelijk is gepasseerd bij de distributie van gerookte paling. De reden voor de schrapping van de lijst was de beschuldiging dat de afzender met aardbeien op de Jan van Galenstraat (hier geschreven als Jan Evertschestr., waarschijnlijk bedoeld als Jan Evertsenstraat) had gestaan, wat duidt op ongeoorloofde straathandel. De schrijver stelt dat dit op een persoonsverwisseling berust met een zekere W. Meijer. Hoewel de afzender eerder bij een ambtenaar (de heer Ter Laan) zijn recht heeft gehaald, blijft de levering nu wederom uit. De ambtelijke notitie "afwijzen" in de marge suggereert dat de commissie geen gehoor heeft gegeven aan dit verzoek, ondanks de aangevoerde bewijslast van persoonsverwisseling.

Archief 745 | 745-371 | Pagina 158 | 1942

Wekelijks werkverslag / Logboekpagina.

* **Inhoud:** Dit document geeft een overzicht van technische onderhoudswerkzaamheden en reparaties uitgevoerd gedurende één week. De werkzaamheden variëren van complex onderhoud aan compressoren en koelsystemen tot kleine klussen zoals het repareren van sloten en het schilderen van het ketelhuis. * **Terminologie:** * **p. koeler:** Mogelijk "pekelkoeler", een veelvoorkomend onderdeel in industriële koelinstallaties. * **v/d temp:** Afkorting voor "van de temperatuur". * **dienstgang:** Een gang gebruikt door personeel of voor technische doeleinden. * **v. T.:** Onduidelijk; mogelijk een verwijzing naar een persoon of een technische afkorting (bijv. Ventilatie Toestel). * **hieron.:** Een term die vaker voorkomt in oude logboeken, mogelijk een verbastering van "horren" of een specifieke technische benaming voor ventilatieonderdelen. * **Organisatie:** De letters in de linkermarge (K, J, H, A, C, E) lijken te verwijzen naar specifieke gebouwdelen, afdelingen of systemen. De Romeinse cijfers (I, VII, IX, XIX, XX) duiden waarschijnlijk specifieke ruimtes of units aan. * **Samenwerking:** Er wordt expliciet onderscheid gemaakt tussen eigen werkzaamheden en "Werk v derden" (uitbesteed werk), in dit geval uitgevoerd door "G.W.P.".

Archief 745 | 745-382 | Pagina 244 | 1942

Handgeschreven brief (slotstuk van een verzoekschrift of brief).

* **Inhoud:** De schrijver, H. Failé, zet uiteen dat zijn inkomsten ontoereikend zijn. Hij verzoekt de geadresseerde om een onderzoek in te stellen zodat hij (mogelijk verwijzend naar zichzelf in de derde persoon of naar een specifieke aanvraag) alsnog in aanmerking komt voor een 'toewijzing' (bijvoorbeeld een standplaats, vergunning of uitkering). In het postscriptum biedt hij aan om bewijsstukken te overleggen, zoals namen van leveranciers en kwitanties van de visafslag. * **Toon en Stijl:** De brief is geschreven in een zeer formele, bijna onderdanige stijl die gebruikelijk was bij officiële correspondentie met autoriteiten in die tijd. Termen als "Uw dienstwillige dienaar" en de beleefdheidsformules onderstrepen de hiërarchische verhouding tussen de burger en de instantie. * **Handschrift:** Het betreft een geoefend, regelmatig lopend handschrift in inkt. De spelling (bijv. "vischafslag") duidt op een periode van vóór de spellinghervormingen van de jaren 30 en 40.

Archief 745 | 745-386 | Pagina 313 | 1942

Handgeschreven brief met administratieve aantekeningen en stempels.

* **Taalgebruik:** De brief is geschreven in een volks-Nederlands met diverse grammaticale onjuistheden, met name in de vervoeging van het hulpwerkwoord "hebben" (gebruik van "heeft" waar "heb" of "hebben" vereist is, bijv. "dat ik [...] gekookt heeft"). * **Inhoud:** De schrijver, H. Hemrika, verzoekt om een schriftelijk bewijs van de marktmeester of het "Marktwezen". Hij wil aantonen dat hij het voorgaande jaar (1941) gekookte mosselen verkocht op standplaats No. 59 op de Amsterdamse Nieuwmarkt. * **Kernpunt:** Het postscriptum is essentieel; Hemrika corrigeert nadrukkelijk de informatie dat hij *verse* mosselen zou hebben verkocht. Hij benadrukt dat hij uitsluitend *gekookte* mosselen verkocht. Dit onderscheid was in oorlogstijd waarschijnlijk van groot belang voor specifieke vergunningen of toewijzingen van grondstoffen. * **Administratieve verwerking:** De potloodnotities en het stempel wijzen op een actieve behandeling door de bureaucratie. De opmerking "Hemrika heeft vorig jaar gekookte mosselen verkocht!" met een datum (4/11 '42) suggereert dat zijn bewering werd nagetrokken of bevestigd.

Archief 745 | 745-379 | Pagina 317 | 1942

Getypt afschrift van een brief.

In dit document beklaagt A. Veldman, een mosselventer uit de Albert Cuypstraat, zich over de vermeende onrechtvaardige distributie van mosselen op de Amsterdamse vismarkt. De kern van zijn klacht is dat een "mosselcommissie" de schaarse handelstier toewijst op basis van vriendjespolitiek in plaats van een eerlijke verdeling. De schrijver maakt gebruik van de antisemitische tijdgeest door de nadruk te leggen op de Joodse achtergrond van commissielid Presser. Hij probeert de autoriteiten te prikkelen door te wijzen op een (in zijn ogen) schandelijke samenwerking tussen een Jood en een aanhanger van de "Nieuwe Orde" (waarschijnlijk een NSB-lid of sympathisant). De terminologie ("jodenman", "geen opbouw maar afbraak") is typerend voor de collaboratieretoriek van die tijd, ingezet om eigen economisch gewin of rechtvaardigheid af te dwingen.

Archief 745 | 745-382 | Pagina 404 | 1942

Handgeschreven brief of verzoekschrift (mogelijk een fragment).

De tekst is een formeel verzoek van Th. Stubbe om zijn vooroorlogse beroep als vishandelaar weer te mogen uitoefenen. De schrijver legt uit dat hij een contract bij de "Duitsche weermacht" heeft voltooid. Nu hij niet meer aan dat contract gebonden is, wenst hij terug te keren naar de handel in "visch enz." om in zijn levensonderhoud te voorzien. Om zijn geloofwaardigheid en de schaal van zijn eerdere onderneming te onderbouwen, voegt hij een P.S. toe waarin hij stelt dat zijn wekelijkse omzet in de periode 1939-1940 ongeveer 150 manden mosselen bedroeg. De afsluiting "u.d.w.d." is een afkorting voor "uw dienstwillige dienaar", een in die tijd gebruikelijke uiting van beleefdheid en onderdanigheid aan een autoriteit.

Archief 745 | 745-382 | Pagina 406 | 1942

Getypte brief (afschrift).

Deze brief is een formeel beklag over de wijze waarop de verkoop van verse paling (aal) op het Mosplein in Amsterdam-Noord is georganiseerd. De kernpunten zijn: * **Toegankelijkheid:** De schrijver, R. Beins, kaart aan dat ouderen en invaliden fysiek niet in staat zijn om urenlang in de rij te staan. Hierdoor vissen zij letterlijk en figuurlijk achter het net. * **Onrechtvaardigheid:** Er wordt geklaagd over "enigszins bemiddelden" die de tijd en middelen hebben om dagelijks uren te wachten en zo grote hoeveelheden (2 pond) paling te bemachtigen, wat als onbillijk wordt ervaren. * **Verzoek om overheidsingrijpen:** Beins vraagt de burgemeester om een andere regeling, bijvoorbeeld via de Dienst Sociale Zaken of de N.V.D. (Nederlandse Volksdienst). * **Politieoptreden:** In de postscriptum wordt gemeld dat de politie weigerde voorrang te verlenen aan mensen met een "invaliditeitsboekje", wat de wanhoop van de doelgroep vergroot.

Archief 745 | 745-383 | Pagina 539 | 1942

Getypt afschrift van een verzoekschrift/brief.

* **Kern van het probleem:** H. Failé, een professionele visventer met een staat van dienst sinds 1932, klaagt over het feit dat hem een vergunning (toewijzing) voor de verkoop van aal wordt geweigerd door de marktcommissie. * **Argumentatie:** Failé voert aan dat hij een gevestigde vakman is, terwijl "gelegenheidsventers" (gelukszoekers of minder ervaren handelaren) wel toewijzingen krijgen. Hij benadrukt de economische noodzaak: door de algemene schaarste aan vis (oorlogsomstandigheden) kan hij zonder de handel in aal niet meer in zijn levensonderhoud voorzien. * **Bewijsvoering:** Hij biedt aan om zijn professionaliteit aan te tonen middels kwitanties van de Gemeentelijke Vischhal en verklaringen van groothandelaren. * **Toon:** De brief is geschreven in de formele, onderdanige stijl die gebruikelijk was in correspondentie met overheidsinstanties in die tijd ("Uw dienstwillige dienaar").

Archief 745 | 745-411 | Pagina 324 | 1943

Handgeschreven brief (verzoekschrift).

In deze brief verzoekt P. Schenk, woonachtig aan de Elandsgracht 86 in Amsterdam, om per april 1943 officieel op de lijsten voor de verkoop van zowel zee- als zoetwatervis te worden geplaatst. De schrijver voert aan dat hij deze producten in het verleden altijd al verkocht en daarom meent recht te hebben op een plek op deze distributie- of vergunningslijsten. Schenk verwijst naar bewijsstukken die reeds op het kantoor van de geadresseerde zouden liggen en noemt specifieke personen die zijn bewering kunnen staven: de heren M. ter Voort (voor zeevis), S. Sijmonsbergen (voor zoetwatervis) en keurmeester Leering. In het postscriptum benadrukt hij dat hij de vis niet alleen gebakken verkocht, maar ook in "verse toestand", wat waarschijnlijk relevant was voor de specifieke categorie van de vergunning die hij aanvroeg.

Archief 745 | 745-412 | Pagina 355 | 1943

Getypte toevoeging (P.S.) op waarschijnlijk een doorslag van een brief of rapport.

* **Inhoud:** De schrijver (K.C.J.) beklaagt zich over het mislopen van een toewijzing voor zoetwatervis. Volgens een nieuwe instructie van de heer ter Haar zou men een toewijzing op maandag kunnen ophalen als men op zaterdag dienst had. De schrijver vraagt zich af waarom dit niet met terugwerkende kracht is toegepast op een eerdere keer dat hij/zij vanwege "verplichte W.A. dienst" afwezig was, terwijl daar toestemming voor was gegeven. * **Taalgebruik:** Het document is opgesteld in zakelijk, ietwat verongelijkt Nederlands. De spelling is conform de vroege 20e eeuw (bijv. "zoetwatervisch", "Maandag" met hoofdletter). * **Afkortingen:** "w.g." staat voor "was getekend". "W.A." verwijst zeer waarschijnlijk naar de *Weerbaarheidsafdeling*, de paramilitaire tak van de NSB.

Archief 745 | 745-417 | Pagina 521 | 1943

Ambtelijk rapport/memo.

* **Problematiek:** Het document schetst een grimmig beeld van de voedselschaarste tijdens de bezetting. Mensen staan vanaf 4 uur 's ochtends in de rij voor vis die pas om half tien arriveert. De fysieke en mentale tol is zo hoog dat mensen bezwijken ("bezwijmd neergevallen"). * **Terminologie:** De term "knoiers" wordt gebruikt voor mensen die de orde verstoren of proberen voor te dringen, wat leidt tot handhavingsproblemen voor de marktmeesters. * **Maatregelen:** De schrijver pleit voor striktere regulering van de wachtrijen (niet voor 7 of 9 uur 's ochtends) en een eerlijkere distributie (maximaal 2 pond vis en slechts eenmaal per drie weken in de rij staan). Dit duidt op een poging om de chaos en de zwarte handel te beperken. * **Administratieve afhandeling:** De notitie "Opbergen 12-5-'43 de Haan" laat zien dat het rapport ruim twee weken later is gearchiveerd door een ambtenaar genaamd De Haan.

Archief 745 | 745-418 | Pagina 649 | 1943

Handgeschreven brief (verzoekschrift).

* **Kern van de brief:** C. Mossel vraagt om een verplaatsing van zijn standplaats van het Stadionplein naar de Albert Cuypstraat in Amsterdam. De reden hiervoor is medisch ("ernstig ziekte verschijnsel aan mijn onderlichaam"). Hij wil graag bij zijn vader staan, die daar ook vis verkoopt, voor fysieke ondersteuning. * **Medische bewijsvoering:** De afzender heeft een doktersverklaring bijgevoegd (niet aanwezig in dit beeld) om zijn verzoek kracht bij te zetten. * **Administratieve afhandeling:** Uit de kanttekeningen blijkt dat de ambtelijke molen direct in werking trad. Er wordt gesuggereerd dat Mossel zijn huidige plek op het Stadionplein mag laten waarnemen door een vervanger, Jan Snoek (een typische Volendamse achternaam). * **Besluitvorming:** Er is op 8 april 1943 een oproep verzonden en op 16 april 1943 is de zaak persoonlijk met Mossel besproken door een zekere 'de Haan'.

Relevante Archieffragmenten

Archief 745 | 745-283 | Pagina 81 | 1939

# TRANSCRIPTIE denk u er dus om S. v. p.

Relevantie: 83%
Archief 745 | 745-370 | Pagina 20 | 1942

# TRANSCRIPTIE Mw af p z & Fr. Centrale schrijven.

Relevantie: 82%
Archief 745 | 745-283 | Pagina 59 | 1939

# TRANSCRIPTIE N.B. Beleefd vraag uw s.v.p. antwoord hier op

Relevantie: 81%
Archief 745 | 745-408 | Pagina 303 | 1943

# TRANSCRIPTIE De betreffende vrachtbrieven zijn inder- tijd door een Uwer employé's medegenomen. [Signatuur: SD.]

Relevantie: 81%
Archief 745 | 745-416 | Pagina 19 | 1943

# TRANSCRIPTIE deze stukken waren bij brief van mej. M. v. d. Sprong huis.

Relevantie: 81%