de Boer
Bekijk Verhaal ➔AI-Synthese 42
De Boer was actief in de Amsterdamse marktsector tussen 1939 en 1944, waarbij documenten verwijzen naar diverse rollen zoals ambtenaar, inspecteur, melder, ondertekenaar, behandelaar, afzender en verstuurder. Hij was geassocieerd met markten zoals Amstelveld, Dapperstraat, Albert Cuypstraat, Westerstraat, Ten Katestraat, Lindengracht, Nieuwmarkt en Waterlooplein, en ook met het Mosplein. De archiefdata omvatten onderwerpen als de Joodsche Raad & Distributie, Bloemenmarkt & Marktwezen, Waterlooplein & Joodse Buurt, Verduistering & Brandweer, en Lindengracht & Groentehandel. Er zijn geen specifieke producten, jaartallen van lotgevallen of adressen vermeld in de beschikbare jaarsamenvattingen.
Relaties
Handel
Bron-evidence
Deze gebeurtenissen staan op documenten die aan deze persoon gekoppeld zijn, maar zijn nog niet als hard persoonsfeit bevestigd.
m.i. oproepen en informeeren of zoon op eigen initiatief of in werkverschaffing naar Duitschland is gegaan
Is niet in werkverruiming naar Duitschland. Plaats moet worden ingetrokken.
K. zal zich z.z.t. opnieuw laten inschrijven.
Kennisgenomen J Renz zie c:w: 24 - 29-11-'41
Archiefdocumenten
Administratief bijblad/minuut van een overheidsinstantie (Algemene Zaken).
Dit document betreft de administratieve afhandeling van een klacht ingediend door een zekere C.J. Pouw in augustus 1939. Het procesverloop is als volgt: 1. **Aanzet (16 augustus):** Een ambtenaar (HD) vraagt om inlichtingen bij "Chef Veerhuizen". Er wordt specifiek gevraagd of er op "de markt" klachten bekend zijn, wat suggereert dat de klacht van Pouw betrekking heeft op marktactiviteiten of handel. 2. **Advies (29 augustus):** De Boer stelt voor om de klager (Pouw) simpelweg te berichten dat er "nota is genomen" van zijn klacht. Dit is een formele manier om een klacht te erkennen zonder direct actie te beloven. 3. **Besluit (31 augustus):** De uiteindelijke conclusie, waarschijnlijk door een inspecteur of afdelingshoofd (getekend "Whaas"), luidt dat de klacht niet gegrond lijkt. De afkorting "Opb" zou kunnen staan voor "Openbare [Werken/Orde]" of een specifieke afdeling.
Document
Het document is een samengestelde notitie waarin verschillende stadia van een administratieve kwestie rondom een persoon genaamd v.d. Molen zichtbaar zijn. 1. **De blauwe laag:** Een eerste vaststelling dat een officiële oproeping is genegeerd. 2. **De inkt-laag:** Een gedateerde (29-06-1939) en ondertekende verklaring van De Boer, waarin een toezegging van v.d. Molen wordt genoteerd over het stopzetten van de verhuur van bakfietsen aan marktkooplieden. 3. **De potlood-laag:** Een interne vraag of controle, gericht aan "Van de Boer", waarin wordt getwijfeld aan een telefonische bewering van v.d. Molen dat hij de zaak reeds op het hoofdkantoor zou hebben opgelost. Het handschrift in inkt is het meest formeel en diende waarschijnlijk als de definitieve vastlegging van de afspraak op die dag.
Document
Dit document is een administratief "bijblad" dat werd gebruikt om mutaties en interne instructies door te geven binnen een ambtelijke organisatie in Nederland. * **Persoon:** Het betreft een dossier over ene "Meulenburg" (mogelijk met dossiernummer of plaatsnummer 68). * **Instructie:** De kerntekst "Th. uitvliegt per 15/1 '39 afvoeren aub" wijst op het vertrek van deze persoon uit een register, inrichting of gemeente. De term "uitvliegt" werd in die tijd vaak gebruikt voor personen die een verblijfplaats verlieten. * **Procesgang:** * **13 januari 1939:** De eerste instructie voor afvoer wordt genoteerd en doorgezonden. * **16 januari 1939:** Ambtenaar De Boer neemt kennis van het feit dat de persoon is "uitgevlogen". * **19 januari 1939:** Een tussenstap of extra paraaf (T.C.M.). * **6 februari 1939:** Het document wordt definitief afgehandeld, "gezien" door De Boer en gearchiveerd ("opbergen").
Credit-nota (administratief bewijsstuk).
* **Inhoud:** Het document betreft een financiële correctie (credit-nota) voor "rentezegels". Dit waren zegels die door werkgevers in de zogenaamde "rentekaart" van werknemers moesten worden geplakt als onderdeel van de sociale verzekeringen (Ouderdomswet 1919). * **Fouten:** De specificatie toont verschillende soorten administratieve fouten: zegels die dubbel zijn geplakt (2 x geplakt) op specifieke data in augustus 1938, of zegels voor periodes die "vervallen" waren of "vervallen" zijn (september 1938). * **Bedragen:** De bedragen zijn klein, vaak f 0.12½ per post, wat duidt op de waarde van de sociale premies in die tijd. Het symbool '½' staat voor een halve cent. Het totaalkrediet is f 3.13. * **Personen:** Het document bevat een namenlijst van personen (Vredenburg, Brinkman, Leurink, Peyzel, Wertheym, De Boer, Jansen, Cooper, Van Ree, Van Lunteren) met bijbehorende registratienummers. Dit zijn waarschijnlijk werknemers of aangesloten telers. * **Validatie:** De vinkjes (v) achter de eerste zeven regels suggereren dat deze posten handmatig zijn gecontroleerd tegen de administratie.
Officieel handgeschreven controle-rapport op een voorgedrukt formulier ("Alg. Zaken Model No. 14").
* **Handschrift:** Het document is geschreven in een vlot, vooroorlogs cursief handschrift. De controleur gebruikt enkele informele grammaticale vormen (zoals "nimmer tegenkomen" in plaats van "tegengekomen" en een slordig gespeld "overtreders"). * **Inhoud:** Het rapport betreft een onderzoek naar aanleiding van een klacht over de "Gebroeders v. d. Horst" (lezing van de naam is waarschijnlijk, gelet op de beginletter 'H' elders in de tekst). Deze broers zouden op specifieke dagen actief zijn in diverse Amsterdamse wijken. De controleur merkt kritisch op dat de klager, Sjouwerman, nu pas officieel klaagt over een situatie die al een jaar zou duren, terwijl hij regelmatig gecontroleerd wordt. * **Administratieve verwerking:** Het document toont de gelaagde bureaucreatie van die tijd. Een initiële melding wordt gedaan, een controleur rapporteert, en een leidinggevende (De Boer) accordeert de afhandeling ("nota is genomen"). De diverse data (4/1, 16/1, 17/1, 19/1) laten de voortgang van de procedure zien.
Administratief bijblad / ambtelijke notitie (Alg. Zaken Model No. 14).
* **Inhoud:** Het document betreft de administratieve afhandeling van een aanvraag of status van marktkoopman F.A. Eeldert. Hij was op 10 maart 1939 van de sollicitantenlijst voor de markt op het Mosplein verwijderd omdat hij zijn "voorkeurskaart" te weinig gebruikte. * **Regelgeving:** Er wordt verwezen naar "Art 10 R % M", wat zeer waarschijnlijk staat voor het *Reglement op de Markten*. Volgens dit artikel gold er een uitsluitingstermijn van zes maanden na schrapping. * **Besluitvorming:** Ambtenaar De Boer stelt op 6 juli voor om de betrokkene te berichten dat herinschrijving pas vanaf 10 september 1939 mogelijk is. Deze notitie is op 13 juli 1939 geaccordeerd (geparafeerd). * **Correcties:** In de onderste tekst is "tot 6" (waarschijnlijk een eerdere foutieve datum of maand) doorgehaald en vervangen door de expliciete instructie "niet vóór 10 September".
Administratieve kaart/oproepingsformulier van de Dienst der Markten (Amsterdam).
Het document is een officiële administratieve registratie van een handhavingsactie door de Amsterdamse marktinsectie. De kern van de zaak is de overtreding van het marktreglement door de heer L. de Rooij. Hij bezette zijn vaste standplaats (nummer 303) op de Westerstraatmarkt niet regelmatig genoeg, wat volgens de regels kon leiden tot het intrekken van de marktvergunning. Uit de chronologie blijkt een stapsgewijze aanpak: 1. **15 oktober 1940:** Een eerste formele waarschuwing. 2. **12 en 20 november 1940:** Oproepen voor een gesprek met de inspectie. 3. **20 november 1940:** Inspecteur De Boer noteert dat de koopman beterschap belooft en zijn plek voortaan weer trouw zal bezetten. 4. **2 december 1940:** De zaak wordt administratief afgehandeld ("ter kennisneming") en gearchiveerd.
Ambtelijke notitie/memo op een voorgedrukt formulier (Bijblad).
Het document betreft een formele goedkeuring van een beleidsvoorstel. Een hoge ambtenaar (De Boer) geeft akkoord op een rapport van de heer Stam betreffende "grossiers" (groothandelaren). De instructie is om deze grossiers een brief te sturen zoals door Stam is voorgesteld. Interessant is de kantlijnnotitie over het "Reglement op de centr. markt". Dit duidt erop dat de correspondentie deel uitmaakt van de bredere regulering van de handel en distributie in Nederland aan het begin van de Tweede Wereldoorlog. De administratieve precisie (met stempels, doorzenddata en dossiernummers) is kenmerkend voor de Nederlandse bureaucratie in deze periode.
Ambtelijke notitie / Rapportage
Het document is een intern verslag of een reeks instructies binnen een opsporings- of controle-instantie (mogelijk de Crisis Controle Dienst of een lokale politieafdeling). De kern van de zaak is de verklaring van een opzichter genaamd De Wolff. Er wordt getwijfeld aan de juistheid van de informatie over Mevrouw van Eck (of haar echtgenoot), die een groentehandel drijft. Mevrouw Van Eck beweert dat zij haar aardappelen betrok van de grossiers Ruhe en Greidanus. De schrijver, Broerse, ondersteunt haar verklaring door te stellen dat het onwaarschijnlijk is dat een groenteman met paard en kar geen aardappelen zou verkopen. Er wordt opdracht gegeven om bij de genoemde grossiers te verifiëren of zij inderdaad aan de familie Van Eck leverden.
Administratieve notitie/dossierstuk betreffende marktwezen.
Dit document is een ambtelijke notitie over de marktkoopman H. ten Brink, die een plek had op de varkensmarkt aan de Albert Cuypstraat 527 in Amsterdam. Uit de aantekeningen blijkt een disciplinair of administratief proces: 1. **Verzuim:** Ten Brink is op 27 november 1940 officieel gewaarschuwd omdat hij niet regelmatig op de markt verscheen. 2. **Negatief advies:** Naar aanleiding van een verzoek van Ten Brink (waarschijnlijk voor behoud of uitbreiding van zijn vergunning) adviseert een ambtenaar (mogelijk de Boer of M. v. Maanen) om dit verzoek af te wijzen. 3. **Grondslag:** De afwijzing is gebaseerd op een rapport van de "chef marktopz" (marktopzicht of marktopziener). 4. **Besluitvorming:** Het proces loopt over verschillende schijven tussen eind november en half december 1940, wat blijkt uit de opeenvolgende data en parafen.
Administratieve notitie/dossierkaart betreffende marktgeld.
Het document betreft een administratieve afhandeling van een verzoek tot vrijstelling van marktgeld door een koopman genaamd Ofbergh. Deze was actief op de markten van het Waterlooplein en de Uilenburg in Amsterdam. De kern van de casus is als volgt: 1. Ofbergh claimde "in de steun" (een werkloosheidsuitkering) te zitten om onder betaling van marktgeld uit te komen. 2. Ambtenaar De Boer controleerde dit op 16 februari 1940 en stelde vast dat Ofbergh onbekend was bij de 'm.s.' (Maatschappelijke Steun). Hij stelde voor de man op te roepen voor verhoor. 3. Op 19 februari 1940 volgt de conclusie: Ofbergh heeft wel degelijk inkomsten uit handel ("handelsgeld") gehad en ontvangt geen steun. Hij heeft toegezegd zijn schuld in te lossen en voortaan tijdig te betalen. 4. Op 20 februari is het dossier als afgehandeld opgeborgen ("opb").
Administratief voorblad/dossierstuk (Algemene Zaken Model No. 14).
Dit document fungeert als een 'loopblad' voor een administratieve procedure binnen een overheidsinstelling (afdeling Algemene Zaken). Het dossiernummer is 30/20/1 uit het jaar 1940. Uit de verschillende handgeschreven data en parafen valt een chronologisch proces af te leiden: 1. **22 februari 1940:** Het stuk wordt doorgezonden. 2. **23 februari 1940:** Ambtenaar De Boer geeft advies. 3. **5 maart 1940:** De Boer noteert dat er iemand (waarschijnlijk Milenburg) opgeroepen moet worden. 4. **8 maart 1940:** De Boer tekent de zaak af. 5. **9 maart 1940:** De zaak wordt definitief administratief verwerkt ("afgedaan") door een andere functionaris. De opmerking "Zal verder door marktambtenaar worden geregeld" suggereert dat de inhoud van de zaak te maken heeft met markttoezicht, standplaatsen of handel.
Ambtelijke notitie / intern adviesblad (Algemene Zaken Model No. 14).
Het document is een ambtelijk advies betreffende een verzoek van een zekere F. van Oers. De essentie van het document is de afwijzing van dit verzoek op basis van de Algemene Plaatselijke Verordening (A.P.V.). * **Eerste besluit (24-10-1940):** Inspecteur De Boer adviseert het verzoek af te wijzen op grond van Artikel 75 van de A.P.V. Dit artikel in een APV heeft doorgaans betrekking op vergunningen voor openbare vermakelijkheden of het gebruik van de openbare weg. * **Tweede opmerking (26-10-1940):** Er is een latere notitie toegevoegd (later doorgehaald) waarin een andere functionaris zich afvraagt of er wel overleg is geweest met de politie en of de activiteit van Van Oers wel juridisch gekwalificeerd kan worden als een "vertoning" onder artikel 75a. Dit duidt op interne juridische twijfel over de juiste grondslag voor de afwijzing. * **Formulier:** Het gebruik van "Model No. 14" van Algemene Zaken wijst op een gestandaardiseerde gemeentelijke administratie uit de vooroorlogse periode (drukdatum 1937).
Archiefkaart/formulier van de Inspectie van het Marktwezen.
Dit document is een officiële oproep van de Amsterdamse marktinspectie aan de heer Th. S. de Boer. * **Aanleiding:** De heer De Boer wordt op het matje geroepen omdat hij zijn standplaats op de Ten Katemarkt (een bekende dagmarkt in Amsterdam-West) niet regelmatig bezet. In die tijd was het behoud van een marktvergunning strikt gebonden aan de daadwerkelijke exploitatie van de plek. * **Tijdlijn:** De kaart is verzonden op 4 januari 1940 voor een afspraak op maandagochtend 8 januari. * **Inspecteursnotitie:** Op 5 januari 1940 (één dag na verzending en vóór de eigenlijke afspraak) noteert de inspecteur "Opgenomen in steun". De eerdere notitie over de oproep is doorgehaald. Dit duidt erop dat de situatie van de heer De Boer is gewijzigd: hij is in de werkloosheidsvoorziening (de 'steun') terechtgekomen. Dit verklaart waarschijnlijk waarom hij zijn marktkraam niet meer kon of mocht bemannen.
Handgeschreven ambtelijke notitie / memo op een systeemkaart.
Het document is een interne correspondentie, waarschijnlijk binnen een gemeentelijk apparaat of een marktwezen-instantie in november 1940. De kern van het bericht is een voorstel van een zekere 'de Boer' om een persoon genaamd M. Mullens een schadevergoeding van 10 gulden te laten betalen. Er is sprake van een administratieve controle: de auteur vraagt zich af of Mullens nog een standplaats inneemt op de "oude markten". Het antwoord daarop is negatief: Mullens heeft geen vaste plaats en staat niet op de sollicitantenlijst. De verschillende data en initialen onderaan (15, 18 en 27 november) wijzen op de circulatie van dit document langs verschillende ambtenaren voor akkoord of verwerking. De afkorting "Z.O.Z." (Zie Ommezijde) onderaan rechts duidt aan dat er op de achterkant van de kaart nog verdere informatie staat.
Administratieve registratiekaart / Oproepingskaart (Amsterdamse Marktwezen).
Het document is een officiële kaart van de Amsterdamse marktinsectie betreffende een verzuim door een marktkoopman. De handelaar, de heer G. G. Asbacher, wordt aangesproken op het feit dat hij zijn toegewezen standplaats (nummer 53a) op het Waterlooplein niet regelmatig bezet. De tijdlijn op de kaart toont een snelle escalatie: 1. **25 september 1940:** Er wordt een eerste waarschuwing gegeven. 2. **Oktober 1940:** Asbacher wordt opgeroepen voor een verhoor of gesprek om 9:00 uur. 3. **28 oktober 1940:** Inspecteur De Boer noteert dat de betrokkene niet is verschenen ("geen gevolg gegeven") en besluit de marktvergunning in te trekken ("intrekken"). 4. **31 oktober 1940:** Het dossier wordt gearchiveerd ("Opbergen"), met de vermelding dat de formele waarschuwing/beschikking per 1 november is verzonden.
Handgeschreven ambtelijke rapportage.
Het document betreft een klacht over de Amsterdamse marktkoopman P.A. Seljer. De kern van het conflict is dat Seljer weigert zich te houden aan de officiële sluitingstijd van de markt (17:30 uur). De rapporteur, controleur De Boer, benadrukt dat er al vele eerdere waarschuwingen zijn gegeven. Opvallend is de geciteerde reactie van Seljer, die blijk geeft van een recalcitrante en tartende houding. Hij negeert het gezag van de controleur met de opmerking dat hij zijn klanten zal blijven helpen en eindigt met een sarcastische groet ("dag mijnheer!"). De controleur merkt op dat dit gedrag voor scheve gezichten zorgt bij andere kooplieden die wél op tijd inpakken conform de besluiten van Burgemeester en Wethouders (B & W). Als sanctie wordt voorgesteld om Seljer voor één zaterdag zijn standplaatsrecht te ontnemen.
Administratief bijblad/notitie van de Marktinspectie Amsterdam.
Dit document betreft een ambtelijk advies over een verzoek van de marktkoopman Isaac Italiaander. Hij verzoekt om zijn standplaats op de Albert Cuypmarkt gedurende zes weken niet te hoeven bezetten. De reden hiervoor is seizoensgebonden: hij verkoopt uitsluitend gloeilampen, een product waarvoor in de zomermaanden (juli) vrijwel geen markt is. De marktambtenaren (waaronder de heer De Boer en Theodore van Meerkerken) adviseren positief over dit verzoek, op voorwaarde dat Italiaander het wekelijkse marktgeld gewoon blijft doorbetalen om zijn rechten op de standplaats te behouden.
Ambtelijke notitie / bijblad betreffende marktvergunningen.
Dit document betreft een administratieve afhandeling van een verzoek door een Amsterdamse marktkraamhouder, M. Waas. Hij had een staanplaats (nummer 333A) op de Albert Cuypmarkt en verzocht om assistentie door zijn vader, W. Waas. Uit de verschillende ambtelijke krabbels blijkt het volgende traject: 1. **21 juli:** Het bijblad wordt aangemaakt of doorgezonden. 2. **23 juli:** Ambtenaar De Boer adviseert positief ("kan m.i. worden toegestaan"), maar stelt de uitdrukkelijke voorwaarde dat het om *assistentie* gaat en niet om *vervanging*. Dit wijst op een streng toezicht op de persoonlijke aanwezigheid van de vergunninghouder. 3. **24 juli:** Een inspecteur merkt op dat het oorspronkelijke verzoek blijkbaar zowel de vader als de moeder betrof, maar dat de goedkeuring enkel voor de vader geldt. Hij ziet geen bezwaar. 4. **31 juli:** De definitieve machtiging voor assistentie ("macht. assistentie") wordt genoteerd. De gedetailleerde registratie van de geboortedatum van de vader (30-06-1900) is typerend voor de verscherpte administratieve controle in deze periode.
Registratiekaart van de Gemeentelijke Marktdienst Amsterdam betreffende marktplaatsbeheer.
Dit document is een officiële administratieve kaart van de Amsterdamse marktdienst. Het betreft een procedure tegen de heer **A. Keizer** vanwege het "niet geregeld bezetten" van zijn toegewezen marktplaats (nummer 62) op de **Uilenburg-markt**. Uit de kaart blijkt de volgende chronologie: 1. **19 november 1940:** Keizer ontvangt een eerste officiële waarschuwing voor het niet gebruiken van zijn marktplaats. 2. **15 januari 1941:** Hij wordt officieel opgeroepen om te verschijnen tussen 10:00 en 12:00 uur. 3. **15 januari 1941 (aantekening):** Inspecteur De Boer noteert dat Keizer telefonisch heeft laten weten zijn marktplaats "af te geven" (afstand doen van de vergunning). 4. **19 januari 1941:** De administratieve verwerking volgt waarbij hij officieel uit het register wordt geschrapt ("af te voeren").
Administratieve kaart/bijblad van een gemeentelijk dossier.
Het document is een administratieve registratie van de marktinspectie of de afdeling marktwezen van de gemeente Amsterdam. Het betreft de marktkoopman W. Taal, die standplaats 91 op de Dapperstraat bezette. Uit de aantekeningen blijkt een proces van invordering van achterstallig marktgeld: 1. **20 juli:** Het dossier wordt doorgezonden. 2. **23 juli:** Een officiële waarschuwing wordt gegeven. 3. **Taal's reactie:** Hij geeft aan niet te kunnen betalen en doet afstand van zijn standplaats ("geeft plaats op"). Dit wordt genoteerd door Th. de Vries. 4. **Opvolging:** Ambtenaar De Boer neemt de zaak verder in behandeling, verstuurt een schrijven op 30 juli en roept de betrokkene op. Op 1 augustus wordt geconstateerd dat er nog steeds geen betaling is verricht.
Ambtelijk dossierstuk of memo, waarschijnlijk afkomstig van een gemeentelijke of gewestelijke arbeidsinstantie (bijvoorbeeld het Arbeidsbureau).
Dit document betreft een administratieve navraag naar de verblijfplaats en werksituatie van de zoon van W.F. Koedijk, wonende aan de Dapperstraat 198 (vermoedelijk Amsterdam). Inspecteur De Boer geeft op 17 november 1941 de opdracht om uit te zoeken of de zoon vrijwillig of via de officiële werkverschaffing naar Duitsland is vertrokken. Uit de latere aantekeningen blijkt dat de zoon niet via de "werkverruiming" naar Duitsland is gegaan. Er wordt geconcludeerd dat zijn inschrijving op de huidige plaats moet worden ingetrokken en dat hij (Koedijk) zich zo spoedig mogelijk (z.z.t.) opnieuw moet laten inschrijven. Verschillende functionarissen, waaronder J. Renz, hebben het stuk voor kennisgeving aangenomen en voorzien van instructies voor archivering ("opbergen").
Archiefkaart / Administratief bijblad (Algemene Zaken Model No. 14).
Dit document is een administratief verslag betreffende de arbeidssituatie van een individu genaamd **H. Schaap** in april 1942. Uit de aantekeningen kunnen we het volgende afleiden: 1. **Medische afkeuring:** H. Schaap is medisch afgekeurd voor uitzending naar een "Rijkswerkkamp". Dit waren kampen waar werklozen werden ingezet voor zware arbeid (ontginning, infrastructuur). Tijdens de oorlog werden deze kampen steeds dwingender van karakter. 2. **Financiële status:** Er wordt expliciet vermeld dat hij geen "rentvergoeding" heeft ontvangen, wat duidt op een onderzoek naar zijn recht op sociale uitkeringen of steun. 3. **Huisvesting/Werkplek:** Een eerdere toewijzing of plan in de **Joubertstraat** is ingetrokken. In plaats daarvan wordt hij voorgedragen voor een "sollicitantenlijst" voor de **Gaasbeekstraat**. 4. **Bureaucratische gang:** Het dossier wordt binnen twee weken door drie verschillende personen (Smit, de Inspecteur en Bergen) gezien en afgetekend, wat wijst op een strakke ambtelijke controle op de arbeidsinzet.
Administratief bijblad / dossierkaart.
Dit document is een administratief bijblad dat fungeert als logboek voor de behandeling van een specifieke zaak gedurende één week in juni 1942. * **Onderwerp:** De kern van de zaak lijkt te draaien om een "toewijzing" van goederen (gemeten in ponden). In de context van 1942 duidt dit vrijwel zeker op het distributiesysteem waarbij grondstoffen of levensmiddelen door de overheid werden toegewezen aan ondernemers of burgers. * **Communicatie:** Er is overleg geweest met een jurist of functionaris ("Mr. Vlekke"). Er is sprake van onduidelijkheid over de hoogte van de toewijzing van een persoon genaamd Bamberger, wat schriftelijk bevestigd moet worden. * **N.V.C.:** Dit acroniem verwijst waarschijnlijk naar de *Nederlandsche Voedingsmiddelen Commissie* of een vergelijkbare sectororganisatie die toezicht hield op de distributie. * **Handelingen:** Het document registreert het oproepen van betrokkenen (Bamberger en Jansen) voor gesprekken op 26 en 29 juni. De ambtenaar "de Boer" lijkt de zaakbehandelaar te zijn.
Handgeschreven brief met ambtelijke aantekeningen.
In deze brief rapporteert Jhr. Stam aan Inspecteur De Boer over een onregelmatigheid bij een levering vis. Op 10 juni 1942 ontving de keuringsdienst in Amsterdam 15 kistjes gerookte paling van de bekende vishandel Joh. Sterk uit Lemmer. Hoewel elk kistje 12 pond zou moeten wegen, bleken ze bij nameting allemaal lichter te zijn, met een totaaltekort van 8 pond. De brief is opgesteld om de officiële constatering van dit ondergewicht vast te leggen, mede namens drie andere getuigen (Hobbes, Huisman en Block). Stam merkt op dat de leverancier, Sterk, de klacht ontkent, maar Stam houdt voet bij stuk en oppert een logische verklaring: de paling is na het roken en verpakken waarschijnlijk verder ingedroogd, waardoor het gewicht is afgenomen. Hij voegt de correspondentie en de nota van Sterk toe als bewijsstukken. De ambtelijke aantekeningen in het rood onderaan duiden op de verdere afhandeling van de zaak binnen het bureau van het Marktwezen; er wordt verwezen naar een opvolgend rapport van 15 juni 1942.
Document
Dit document is een ambtelijke afhandeling van een verzoek van standhouder M.J. van den Hoek. Vanwege zijn gezondheidstoestand vraagt hij toestemming om zich op de Amsterdamse Bloemenmarkt (plaats 28) te laten bijstaan of, indien nodig, volledig te laten vervangen door J. de Vries. De ambtelijke weg is als volgt te herleiden: 1. **25 maart 1942:** Het verzoek wordt geregistreerd en voor advies doorgezonden naar Inspecteur Bakker. 2. **1 april 1942:** Ambtenaar De Boer keurt het verzoek voorwaardelijk goed ("geen bezwaar"). De voorwaarden zijn dat de toestemming "tot wederopzegging" geldt en dat er een medische verklaring van de huisarts moet worden ingeleverd. 3. Er worden persoonsgegevens genoteerd van de beoogde assistent J. de Vries (geboren in 1907 en wonend in de Daniel Stalpertstraat in de Pijp). 4. **20 april 1942:** Er wordt bevestigd dat de benodigde stukken (waarschijnlijk de doktersverklaring) zijn ingeleverd.
Getypte bijlage bij een officiële brief.
* **Economische Controle:** Het document getuigt van de strikte regulering van de voedseldistributie tijdens de Tweede Wereldoorlog. De Groente- en Fruitcentrale trad op als controlerend orgaan. * **Aard van de Straffen:** Handelaren werden voor periodes van zes maanden tot een jaar uitgesloten van deelname aan veilingen. De reden voor deze straffen wordt niet expliciet vermeld, maar in deze periode ging het vaak om overtredingen zoals zwarte handel, prijsopdrijving of administratieve onregelmatigheden. * **Logistiek Netwerk:** De lijst geeft een gedetailleerd inzicht in de logistieke lijnen van de Amsterdamse Centrale Markt. Het toont hoe handelaren via commissionairs (tussenpersonen) goederen betrokken van veilingen door het hele land (van Noord-Holland tot Limburg en Zeeland). * **Terminologie:** "Punten hebben" op een veiling verwijst waarschijnlijk naar de registratie of het recht om op die specifieke locaties in te kopen.
Administratieve notitie/memo (waarschijnlijk van het Bevolkingsregister).
* **Onderwerp:** Het document betreft een verzoek om een administratieve wijziging in een kaartsysteem (waarschijnlijk de woningkaarten of het persoonsregister). Het gaat om het verplaatsen ("uitlichting en overschrijving") van gegevens van specifieke personen van het hoofdarchief ("kerngedeelte") naar een secundair systeem ("schuifgedeelte"). * **Terminologie:** De term "schuifgedeelte" duidt op een specifiek deel van een archiefkast of kaartsysteem waar mutaties of tijdelijke dossiers werden bewaard. De term "uitlichting" is de standaard archiefterm voor het fysiek verwijderen van een kaart uit een lade. * **Procesgang:** Het document toont een hiërarchische ambtelijke afhandeling. Moeskerken doet het verzoek op 9 oktober. "De Boer" (mogelijk een afdelingshoofd) geeft op 13 oktober akkoord. Op 30 oktober wordt de opdracht aan de heer Van Moerkerken gegeven ter uitvoering, waarna op 16 en 20 november de uiteindelijke verwerking in de registers wordt aangetekend.
Zakelijke handgeschreven notitie/brief.
Het document betreft een interne instructie over de afhandeling van een klacht of geschil met een klant genaamd Wynbelt uit Woudrichem. De kern van het geschil draait om drie punten: 1. **Ondergewicht:** Er is 37 pond vis geleverd terwijl er 40 pond in rekening is gebracht (of verwacht). De afzender weigert dit verlies te dragen. 2. **Diefstal:** De afzender wijst elke aansprakelijkheid voor diefstal tijdens het transport af. 3. **Logistieke aansprakelijkheid:** De afzender stelt dat eventuele tekorten direct op de vervoerder (de spoorwegen) verhaald moeten worden door de ontvanger. De spelling "onderwicht" (in plaats van ondergewicht) en "visch" duiden op de gangbare schrijfwijze van die tijd. De toon is zakelijk en beslist. De toevoeging in rode inkt is een juridische of beleidsmatige vraag, waarschijnlijk van een superieur, die vraagt naar de exacte aansprakelijkheidsverdeling bij transport per spoor.
Handgeschreven ambtelijke notitie/rapport op een velletje gelinieerd papier.
Het document is een verslag van een onderzoek naar de handelswijze van een zekere v. d. Wal (vermoedelijk een vishandelaar). De centrale kwestie is de kwaliteit van de geleverde vis ("merchbaars", mogelijk een lokale of verouderde term voor een type baars). De buiken van de vis waren "slap", wat duidt op beginnend bederf. Van der Wal verdedigt zich door te stellen dat hij handelde uit angst voor bederf en in het belang van de volksgezondheid ("het publiek"), ook al leverde dit hem financieel verlies op. De rapporteur, De Boer, adviseert aanvankelijk om de zaak te archiveren ("m.i. opbergen"). Dit advies wordt echter niet direct opgevolgd: de betrokkene wordt op 9 juli bij de directeur ontboden en op 13 juli volgt een definitieve berisping ("ernstig gewaarschuwd").
Ambtsedig rapport / Verklaring.
Het document is een verslag van een controleur van de **Centrale Controledienst (CCD)** tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het betreft een onderzoek naar de handel in schar (vis) en garnalen. De kern van de zaak is dat een zekere Slipman een kist schar heeft verkocht op 26 december 1942, naar eigen zeggen in opdracht van de heer De Boer. Een belangrijk detail is de staat van de vis: Slipman voert aan dat de vis direct verkocht moest worden omdat deze al twee dagen zonder ijs onderweg was en de houdbaarheid (van 23 tot 28 december) in gevaar was. De betaalde prijs was 35 cent per kilo. In de aanvullende aantekening onderaan (gedateerd 11 januari 1943) reageert De Boer op het rapport. Hij stelt dat hij weliswaar toestemming gaf voor de overdracht van garnalen, maar dat dit niet automatisch betekende dat er ook schar geleverd mocht worden. Bovendien merkt hij op dat er geen melding is gemaakt bij de vismarkt, waardoor er geen **aanvoergeld** (belasting/marktgelden) is betaald, wat duidt op een illegale of buiten-markt om gepleegde transactie.
Getypte verklaring/verslag van een onderzoek (pagina 2).
Dit document is een verslag van een onderzoek naar onregelmatigheden en mogelijke corruptie binnen de vishandel tijdens de Tweede Wereldoorlog. De kern van het conflict draait om de handel in vis voor het *Marinelazaret* (een Duits militair hospitaal). De belangrijkste punten uit de analyse zijn: 1. **Clandestiene Handel:** Er is sprake van handel buiten de officiële kanalen van de *Nederlandsche Visscherij Centrale* om. Zwarts wordt beschreven als iemand die probeert ambtenaren (Uitvlugt) om te kopen met "filé sprot". 2. **Bureaucracy en Vergunningen:** De constructie waarbij De Boer (een tuinman) vis levert via de papieren (*Wehrmachtsbescheinigungen*) van De Kort toont aan hoe men probeerde de distributieregels te omzeilen. 3. **Politieke Spanningen:** De beschuldiging dat Zwarts en Bootsma N.S.B.'ers zouden zijn, is in deze periode zeer zwaarwegend. Het document toont een "woord-tegen-woord" situatie: De Boer beweert dat een ambtenaar deze uitspraak deed, terwijl de ambtenaar (Uitvlugt) ontkent De Boer zelfs maar te kennen. 4. **Integriteit:** De rapporteur sluit af met een krachtig pleidooi voor de betrouwbaarheid van controleur Uitvlugt.
Handgeschreven ambtelijke brief of intern memorandum (waarschijnlijk een concept of afschrift).
De brief is een formeel verzoek voor de toewijzing van nieuwe fietsbanden voor twee ambtenaren, de heren Engelkes en Dijkema. De schrijver verwijst naar een eerdere telefonische afspraak met Inspecteur De Boer. Een cruciaal argument voor de aanvraag is dat de fiets van de heer Engelkes gestolen is ("ontvreemd"), een feit waarvan de politie reeds op de hoogte is gesteld. De noodzaak voor de banden wordt gemotiveerd door de dagelijkse controlewerkzaamheden die de ambtenaren buiten de deur moeten verrichten. De tekst breekt onderaan de pagina af midden in een zin ("Ik zou het derhalve zeer..."), wat gebruikelijk is bij concepten of kopieën die op meerdere vellen zijn geschreven.
Handgeschreven ambtelijke notitie / dossierstuk.
Het document betreft een interne administratieve afhandeling met betrekking tot de toewijzing van visserijproducten aan een zekere heer Schalm (genoemd als H. Th. Schalm en J.C. Schalm). In eerste instantie (in 1942) was een aanvraag blijkbaar afgewezen, waarbij verwezen wordt naar een vergelijkbaar dossier ("geval Klapmuts"). Echter, in februari 1944 wordt deze beslissing herzien. Er wordt voorgesteld om Schalm in aanmerking te laten komen voor specifieke rantsoenen of toewijzingen: gerookte aal, gepelde garnalen en gerookte vis. De laatste toevoeging van 11 februari 1944 breidt dit advies uit: de "commissie mosselen-combinatie" adviseert dat Schalm ook voor een toewijzing van mosselen in aanmerking komt. Het document toont de gelaagde besluitvorming aan, waarbij verschillende commissieleden (Sliphorst, de Boer, de K.) hun goedkeuring of aanvullingen geven.
Relevante Archieffragmenten
# TRANSCRIPTIE [Handgeschreven rechtsboven:] Zie. Hr. de Boer. [Getypt linksboven:] vP/HG. [Getypt:] 26/64/2 M. [Handgeschreven midden:] Verzonden 24/10-'39 [Getypt rechts:] 24 October 1939. [Adresblok:] den Heer S. Boer, Wagenaarstraat 103, <u>Amsterdam-Oost.</u> Wijk 18. [Inhoud:] Naar aanleiding van Uw brief d.d. 5 dezer verleen ik U hierbij gedurende vier weken na dato dezes uitstel van...
# TRANSCRIPTIE [Rechtsboven, handgeschreven:] Z.u. Hr. de Boer. [Linksboven, getypt:] vP/HG. 26/64/2 M. [Midden boven, handgeschreven:] Verzonden 24/10-'39 [Rechtsboven, getypt:] 24 October 1939. [Adresblok, getypt:] den Heer S. Boer, Wagenaarstraat 103, <u>Amsterdam-Oost.</u> Wijk 18. [Body tekst, getypt:] Naar aanleiding van Uw brief d.d. 5 dezer verleen ik U hierbij gedurende vier weken ...
# TRANSCRIPTIE Zie Mr. de Boer. HG. 25/192/2 M. Verzonden 21/10 - ’39 19 October 1939. den Heer B.Schelvis, Albert Cuypstraat 146 II inw. <u>Amsterdam-Zuid.</u> Wijk 14. Mij is gerapporteerd, dat U zich op 6 October jl. op de markt Albert Cuypstraat heeft laten assisteeren, terwijl U dezerzijds daartoe geen toestemming is verleend. Ik waarschuw U hierbij, dit voortaan na te laten. De Direc...
# TRANSCRIPTIE [Handgeschreven, rechtsboven:] M. de Boer [Handgeschreven, middenboven:] verzonden 25/9 [Getypt, rechtsboven:] vP/HG. den Heer Secretaris van den Kooplieden- en Marktkramersbond "Mercurius", Nwe.Achtergracht 101, <u>Amsterdam-Centrum.</u> Wijk 10. 29/8/2 M. [links] 23 September 1940. [rechts] Naar aanleiding van Uw brief d.d. 15 dezer bericht ik U, dat het daarin vervatte ver...
# TRANSCRIPTIE [Rechtsboven, handgeschreven:] Rez. Mr. de Boer. [Linksboven, getypt:] VP/DV. [Midden links, getypt:] 24/8/4 M. [Handgeschreven toevoeging bij kenmerk:] Verzonden 30/4 - '40. [Rechts, getypt:] 30 April 1940. [Adresgegevens, getypt:] den Heer C. van Starkenborg van Straten, Naarderstraat 71, L A R E N (N.H.). [Inhoud brief, getypt:] Naar aanleiding van Uw brieven d.d. 6 en 22 ...