Dit document is een boekhoudkundig overzicht van openstaande saldi van een koelhuis. Opvallend is de datum: 30 april 1940, slechts tien dagen voor de Duitse inval in Nederland. De lijst bevat namen van individuen en bedrijven (zoals fruitdistributeurs) die gebruikmaakten van koude opslag. Enkele opmerkelijke punten: * **Hoge posten:** De grootste debiteuren zijn H.J.v. Nieuwkerk (f. 1073.36) en P. Versluis (f. 1187.01). Deze bedragen zijn met een rode streep gemarkeerd, wat kan duiden op een controle of een bijzonder risico. * **Creditposten (CR):** B. Polak en H.G. Ruhé hebben een negatief saldo (tegoed), wat in de boekhouding met rood is omkaderd. * **Samenstelling debiteuren:** De lijst bevat veel Joodse familienamen (bijv. Agsteribbe, Blik, Hakker, Mok, Moffie, Ossedrijver, Presser). Dit suggereert dat het koelhuis een belangrijke rol speelde in de (vaak Joodse) handel in groenten, fruit of vleeswaren, vermoedelijk in de regio Amsterdam.
In de jaren '30 en '40 was het gebruik van een centraal koelhuis cruciaal voor handelaren in bederfelijke waren. De lijst geeft een inkijkje in het economische netwerk van die tijd. Gezien de vele Joodse namen op de lijst, krijgt dit document een extra historische lading; na de bezetting in mei 1940 zouden veel van deze ondernemers en handelaren te maken krijgen met anti-Joodse maatregelen, onteigening van hun zaken en uiteindelijke deportatie. De 'Saldistaat' is daarmee niet alleen een financieel overzicht, maar ook een momentopname van een gemeenschap aan de vooravond van de vernietiging.