M. de Haan
Bekijk Verhaal ➔AI-Synthese 51
M. de Haan, geboren in 1915, was actief als marktkoopman in Amsterdam tussen 1939 en 1944. Hij was geassocieerd met de Joodsche Raad & Distributie en de Groep 21, en had betrekkingen met de Bloemenmarkt & Marktwezen, Amstelveld & Markthoofdmannen, Mosplein & Noord. Zijn activiteiten vonden plaats op de Vischmarkt, Albert Cuypstraat, Dapperstraat, Ten Katestraat, Lindengracht, Westerstraat, Waterlooplein, Noordermarkt en Amstelveld. Hij woonde in 1939 op Lennepkade 211.
Lotgevallen
Handel
Bron-evidence
bericht ik U, dat dezerzijds geen bezwaar bestaat U voor ten hoogste drie maanden na dato dezes toestemming te verleenen Uw plaats op de markt Albert Cuypstraat niet te bezetten
U is derhalve sedert 12 October jl. markt-geld schuldig
U is verplicht, om ook in de toekomst, het tijdens Uw afwezigheid verschuldigde marktgeld regelmatig te betalen
Indien U een en ander niet voldoet zal de U verleende plaats moeten worden ingetrokken
den Heer L. Groenteman, Jodenbreestraat 67 II, Amsterdam-Centrum. Wijk 2.
toestemming te verleenen Uw plaats op de markt Albert Cuypstraat niet te bezetten
U is verplicht, om ook in de toekomst, het tijdens Uw afwezigheid verschuldigde marktgeld regelmatig te betalen
bericht ik U, dat dezerzijds geen bezwaar bestaat U voor ten hoogste drie maanden na dato dezes toestemming te verleenen Uw plaats op de markt Albert Cuypstraat niet te bezetten
U is derhalve sedert 12 October jl. markt-geld schuldig
Indien U een en ander niet voldoet zal de U verleende plaats moeten worden ingetrokken
Deze gebeurtenissen staan op documenten die aan deze persoon gekoppeld zijn, maar zijn nog niet als hard persoonsfeit bevestigd.
In aansluiting op mijn brief d.d. 21 dezer (No.25/51/8 M.) deel ik U mede, dat de U daarin opgelegde straf is gewijzigd. U wordt thans <u>voorwaardelijk</u> gestraft met ontneming van het recht om op de markten hieryter stede een plaats in te nemen voor den tijd van één week
Archiefdocumenten
Officiële brief/beschikking.
Dit document is een formele goedkeuring van een verzoek om assistentie op de markt. De heer M. Gootjes, een marktkoopman op de Albert Cuypmarkt, heeft toestemming gekregen om zich te laten bijstaan door de heer of mevrouw C. Bonnier (geboren op 19 april 1907). Een cruciaal detail in de tekst is de toevoeging **"niet vervangen"**. In deze periode was de marktregelgeving in Amsterdam zeer streng: een vergunninghouder was verplicht persoonlijk op de markt aanwezig te zijn. Het was verboden om de standplaats door iemand anders te laten exploiteren zonder uitdrukkelijke toestemming. Door de formulering "bijstaan - niet vervangen" stelt de directeur vast dat de heer Gootjes zelf aanwezig moet blijven en dat Bonnier slechts als hulp fungeert. De toestemming is verleend "tot wederopzegging", wat de gemeente de vrijheid gaf de regeling op elk moment te herzien.
Officiële brief (doorslag/kopie voor archief)
* **Inhoud:** De brief is een formele afwijzing van een verzoek om uitstel van betaling. De heer Kroon had per briefkaart verzocht om meer tijd voor het betalen van zijn marktgeld. De directeur weigert dit en voegt een ernstige waarschuwing toe: bij het niet (regelmatig) betalen van de schuld zal Kroon zijn vaste standplaats op de Dapperstraatmarkt verliezen, conform het vigerende marktreglement. * **Toon:** De toon is strikt zakelijk, bureaucratisch en onverbiddelijk. Er is geen ruimte voor coulance. * **Vorm:** Het document betreft een doorslag van de verzonden brief voor het administratieve archief. Dit is te zien aan de handgeschreven aantekening "Verzonden 8/2", wat aangeeft dat de originele brief op die datum is uitgegaan.
Getypte officiële waarschuwingsbrief (doorslag of archiefkopie).
De brief is een formele berisping aan een marktkoopman, de heer D. Hofman, wegens twee specifieke overtredingen van het marktreglement op de Ten Katemarkt in Amsterdam: 1. **Onreglementair gebruik van materiaal:** Het aanbrengen van een zeil achter de kraam ("stal"). 2. **Ongeoorloofde vervanging:** Het laten bemannen van de marktplaats door zijn zoon zonder de vereiste officiële toestemming. De toon van de brief is ambtelijk en streng. Het dient als een laatste waarschuwing ("Ik waarschuw U hierbij ernstig"), waarbij expliciet gedreigd wordt met "bestraffing" (waarschijnlijk een boete of tijdelijke ontzegging van de marktplaats) bij een volgende overtreding. De administratieve codes en de handgeschreven krabbel "Verzonden 19/10 -’39" duiden op een zorgvuldige archivering van gemeentelijke handhaving.
Getypte brief (doorslag of kopie).
In deze zakelijke brief uit juli 1939 reageert een directeur van een ongenoemde instelling (waarschijnlijk de Amsterdamse Marktdienst) op een verzoek van de heer J. Jonker. De heer Jonker verzoekt blijkbaar om vrijstelling van het betalen van marktgeld. De voorwaarde die de directeur stelt is opmerkelijk: de heer Jonker moet een "verklaring van insluiting" overleggen van de directeur van de inrichting waar hij op dat moment verblijft. Dit impliceert dat de heer Jonker gedetineerd is of in een andere vorm van gedwongen opname verblijft. Daarnaast moet hij zijn legitimatiekaart voor de markt Uilenburg inleveren. Pas als aan deze administratieve eisen is voldaan, kan de gevraagde vrijstelling voor het betalen van het staangeld (marktgeld) worden verleend.
Officiële brief (doorslag of kopie).
Deze brief is een zakelijke afwijzing van een betalingsregeling. De heer Cupedoo heeft verzocht om zijn verschuldigde "ventgeld" (de leges voor een vergunning om goederen op straat te verkopen) in kleine termijnen van 1 gulden per week te mogen betalen. De directeur gaat hier niet mee akkoord. Hij biedt een beperkt alternatief: betaling in twee gelijke delen van 2,50 gulden (wat duidt op een totaalbedrag van 5 gulden). De belangrijkste voorwaarde is echter repressief: de geadresseerde mag absoluut niet werken ("venten") totdat het volledige bedrag is voldaan en de vergunning officieel is vernieuwd. Dit schetst een beeld van de strikte bureaucreatie waarmee kleine zelfstandigen in de jaren '30 te maken hadden.
Officiële waarschuwingsbrief (doorslag/minuut).
* **Inhoud:** Het document is een formele waarschuwing aan twee marktkooplieden wegens het overtreden van het marktreglement. De specifieke overtredingen zijn het blokkeren van het zicht op woningen door middel van een zeil en het onrechtmatig bezetten van de openbare weg (trottoir) met een handkar. * **Juridische grondslag:** Er wordt expliciet verwezen naar *artikel 26 van het Reglement op de Markten*. * **Administratieve verwerking:** De onderste sectie geeft aan dat dit een standaardtekst was die naar meerdere personen werd verzonden. De letter 'L' fungeert als invoegteken voor een specifieke aanvullende klacht (de handkar) die voor beide genoemde personen gold. * **Toon:** De toon is ambtelijk en streng ("waarschuw U hierbij ernstig").
Officiële waarschuwingsbrief (doorslag/archiefkopie).
Deze korte zakelijke brief dient als een officiële berisping aan het adres van de heer H. Slomp, die blijkbaar werkzaam was als marktkoopman op de Albert Cuypmarkt in Amsterdam. De kern van de overtreding is dat de heer Slomp zich op 6 oktober 1939 heeft laten helpen ("assisteeren") door een derde partij zonder dat hij daarvoor de vereiste toestemming had van de marktautoriteiten. De toon van de brief is formeel en direct. Het document eindigt met een expliciete waarschuwing om dergelijke overtredingen in de toekomst na te laten, wat duidt op een streng handhavingsbeleid met betrekking tot de marktreglementen. De handgeschreven aantekening "Verzonden 21/10-'39" laat zien dat de administratieve verwerking twee dagen na het opstellen van de brief plaatsvond.
Officiële brief (doorslag of origineel op briefpapier zonder voorgedrukt logo).
* **Inhoud:** Het document betreft een officiële toestemming aan een marktkoopman (D. Wendel) om assistentie te krijgen op zijn standplaats. De assistent is de heer J. Visser, op dat moment bijna 67 jaar oud. * **Juridische bepaling:** Er wordt een scherp onderscheid gemaakt tussen "bijstaan" en "vervangen". J. Visser mag de heer Wendel helpen terwijl deze aanwezig is, maar hij mag de kraam niet zelfstandig runnen als vervanger zonder nadere regeling. * **Spelling en taal:** Opvallend is het gebruik van de 'y' in plaats van 'ij' in de woorden "hierby" en "bystaan". Dit kwam in die tijd vaker voor bij bepaalde ambtelijke schrijfmachines of als overblijfsel van oudere spellingsgewoonten. De term "tot wederopzegging" geeft aan dat de toestemming op elk moment door de directie ingetrokken kan worden. * **Locatie:** De Albert Cuypmarkt is de meest iconische markt van Amsterdam. Het adres van de ontvanger (1e Jan van der Heijdenstraat) bevindt zich in De Pijp, op loopafstand van de marktplaats.
Getypte brief (doorslag of kopie) met handgeschreven kanttekeningen.
* **Inhoud:** Het betreft een korte, zakelijke afwijzing van een verzoek dat twee dagen eerder (22 juni 1939) was ingediend door de heer G. de Jong. De aard van het verzoek wordt niet gespecificeerd, wat gebruikelijk is bij interne dossierkopieën waarbij de context in het hoofdarchief zit. * **Vormgeving:** De brief is opgesteld in een formele, bureaucratische stijl. Het gebruik van gespatieerde letters in "H i l v e r s u m" was in die tijd een gangbare methode om de plaatsnaam te benadrukken. De onderstreping van het woord "niet" (hier weergegeven met cursief/onderstreping) duidt op een nadrukkelijke afwijzing. * **Administratieve sporen:** De codes "vP/HG" verwijzen waarschijnlijk naar de initialen van de opsteller (vP) en de typiste (HG). De handgeschreven notitie "Verzonden 24/6" is een administratieve bevestiging dat de brief op de dag van datering daadwerkelijk de deur uit is gegaan.
Getypte brief (doorslag of archiefkopie) op officieel papier.
* **Inhoud:** De brief dient als officiële afwijzing van een verzoek dat door de heer J. Nol is ingediend op 26 mei 1939. Hoewel de aard van het verzoek niet expliciet wordt genoemd, kan uit de context worden opgemaakt dat Nol heeft gevraagd om een toewijzing van een vaste standplaats op de markt, mogelijk buiten de standaardprocedure om. De directeur stelt dat alle vrijkomende plaatsen strikt volgens het ‘Reglement op de Markten’ worden verdeeld en dat er geen uitzonderingen op de regels worden gemaakt. * **Taal en Stijl:** De tekst is geschreven in de formele, zakelijke en ietwat afstandelijke stijl die kenmerkend was voor de ambtelijke correspondentie in het interbellum. Het gebruik van afkortingen zoals ‘d.d.’ (de dato) en ‘jl.’ (jongstleden) en het voegwoord ‘weshalve’ zijn typisch voor deze periode. * **Administratieve sporen:** De handgeschreven tekst "Verzonden 17/6" duidt op de datum van verzending en administratieve verwerking. De naam "M. de Haan" rechtsboven verwijst waarschijnlijk naar de behandelend ambtenaar of de persoon die verantwoordelijk was voor het archiveren van deze kopie.
Dienstbrief / Officiële kennisgeving.
* **Inhoud:** De brief informeert de hoofdcommissaris van politie over een wijziging in de sluitingstijd van de wekelijkse maandagmarkt op het Amstelveld. Gedurende de wintermaanden (half november tot eind februari) wordt de eindtijd verschoven van 17:00 uur naar 18:00 uur. * **Opmerkelijke details:** * **Spelling:** Het document gebruikt de verouderde spelling "Amsteldveld" (met een extra 'd'). * **Terminologie:** De afkorting "n.m." staat voor "namiddag", de toen gebruikelijke aanduiding voor de uren na 12:00 uur 's middags. * **Toon:** De brief is opgesteld in de toen gangbare, uiterst hoffelijke ambtelijke stijl ("Hiermede heb ik de eer U te berichten", "Ik moge U beleefd verzoeken"). * **Functie:** De mededeling is noodzakelijk zodat de politie de handhaving en het toezicht op de markt kan aanpassen aan de nieuwe tijden.
Getypte doorslag van een officiële brief.
* **Inhoud:** De brief is een formeel antwoord op een verzoek van de heer Groenteman om zijn marktplaats tijdelijk niet te hoeven bezetten. De directie gaat hiermee akkoord voor een periode van maximaal drie maanden. * **Juridische/Financiële implicaties:** Er wordt een strikt onderscheid gemaakt tussen de toestemming tot afwezigheid en de vrijstelling van betaling. Vrijstelling van marktgeld wordt enkel verleend voor dagen van ziekenhuisopname. Voor de overige tijd van afwezigheid blijft de betalingsverplichting van kracht. Bij wanbetaling dreigt intrekking van de standplaatsvergunning conform het marktreglement. * **Toon:** De toon is ambtelijk, zakelijk en vermanend wat betreft de financiële verplichtingen.
Getypte brief met handgeschreven kanttekeningen.
Dit document is een officiële, bureaucratische afwijzing. De heer Faber, die nota bene aan de Lindengracht zelf woonde, had verzocht om uitstel voor het ophalen van zijn 'voorkeurskaart'. Deze kaarten waren essentieel voor marktkooplieden om aanspraak te kunnen maken op een felbegeerde vaste standplaats. De toon van de brief is formeel en onverbiddelijk. Het verzoek wordt niet alleen afgewezen op basis van het "Reglement op de Markten", maar de consequentie is direct de zwaarst mogelijke: de aanvrager wordt onmiddellijk van de sollicitantenlijst geschrapt. Dit duidt op een zeer strikte handhaving van de regels, vermoedelijk omdat de wachtlijsten voor de Amsterdamse markten in die tijd zeer lang waren en men geen uitzonderingen wilde (of kon) maken. De handgeschreven notitie "Verzonden 1/8" dient als administratieve verificatie dat de brief op de dag van datering de deur uit is gegaan.
Ambtelijke correspondentie (brief of intern advies).
Dit document is een formeel positief advies van een gemeentelijk directeur aan de bevoegde wethouder. De kernpunten zijn: * **De aanvrager:** De heer H. Schijff had reeds een vergunning (verleend op 28 februari 1939) om met het schip "Relina" tuinplanten en tuinbenodigdheden te verkopen vanaf het water. * **Locatie:** De ligplaats bevindt zich aan de Jacob van Lennepkade 211 in Amsterdam. Dit was een locatie waar vaker handel vanaf het water plaatsvond. * **De wijziging:** Schijff wenst zijn activiteiten voort te zetten, maar met een ander, kleiner schip: de "Nooit Gedacht" (22 ton in plaats van de 46 ton van de "Relina"). * **Beoordeling:** De directeur geeft aan dat er "geen bezwaar" is tegen deze wijziging, wat in de ambtelijke wereld de weg vrijmaakt voor de definitieve goedkeuring door de wethouder.
Doorslag van een officiële brief/aanmaning.
* **Kernboodschap:** De brief is een officiële berisping en aanmaning aan een marktkoopman die zich niet houdt aan de hygiënevoorschriften. Concreet ontbreekt er een afgedekte afvalbak bij de kraam. * **Juridische grondslag:** Er wordt direct verwezen naar "artikel 25 van het Reglement op de Markten". * **Dringendheid:** De ontvanger krijgt minder dan een week (tot 25 januari) om de situatie te corrigeren. Het gebruik van termen als "aanmaan" en "ten spoedigste" onderstreept de autoritaire toon van de overheid in die tijd. * **Administratieve sporen:** De aantekening "Verzonden 20/1" laat zien dat de administratieve verwerking één dag na het opstellen van de brief plaatsvond.
Officiële kennisgeving/brief (typschrift met handgeschreven aantekeningen).
* **Kernboodschap:** De brief betreft een officiële berisping en het opleggen van een voorwaardelijke straf aan een marktkoopman. * **Overtreding:** De heer J. van Delft heeft op zaterdag 22 juli 1939 op de Albert Cuypmarkt zijn goederen te ver uitgestald, waardoor hij over de reglementaire rode streep (de grens van de standplaats) heen kwam. * **Sanctie:** Een voorwaardelijke schorsing van één dag. De straf wordt alleen effectief als de ontvanger binnen een proeftijd van één jaar opnieuw een overtreding begaat op een Amsterdamse markt. * **Taal en Stijl:** Het document is geschreven in een formele, ambtelijke stijl die kenmerkend is voor de vroege 20e eeuw (gebruik van "My", "zoodat", "ter stede"). De correctie van "diep" naar "ver" suggereert een nauwkeurige controle van de feitelijke weergave van de overtreding.
Officiële brief (getypt)
* **Inhoud:** De brief is een formeel verzoek aan de Dienst der Publieke Werken om infrastructurele aanpassingen te doen aan de Prinsengracht in Amsterdam. Er wordt gevraagd om vier 'meerpotten' (zware bevestigingspunten aan de kade om schepen af te meren) te plaatsen. * **Locatie:** De specifieke locatie is de "brandstoffenmarkt" aan de Prinsengracht, ter hoogte van de huisnummers 196, 218, 226 en 228. * **Taalgebruik:** Het taalgebruik is uiterst formeel en ambtelijk ("heb ik de eer U beleefd te verzoeken"), passend bij de tijd en de hiërarchische verhoudingen binnen het gemeentebestuur van die periode. * **Administratieve sporen:** De handgeschreven notitie "Verzonden 27/6" dient als bewijs van verzending op de dag van datering. De naam "M. de Haan" verwijst waarschijnlijk naar de behandelend ambtenaar of degene die de uitgaande post controleerde.
Ambtsbrief (doorslag/kopie)
In deze brief wordt de heer M. IJzerman formeel op de hoogte gesteld dat zijn verzoek om uitstel voor het bezetten van zijn marktplaats is afgewezen. Hij had hierover twee keer gecorrespondeerd (op 3 en 11 oktober). De directie van de betreffende dienst stelt nu aan de Wethouder voor de Levensmiddelen voor om zijn standplaats op de markt Uilenburg definitief in te trekken. De toon is kort en zakelijk, kenmerkend voor ambtelijke correspondentie uit die tijd. De vermelding "Wijk 11" bij het adres duidt op de oude administratieve indeling van Amsterdam. De "Wethouder voor de Levensmiddelen" was een cruciale functie, zeker in 1939, aangezien deze verantwoordelijk was voor de voedselvoorziening en marktregulering in de stad.
Ambtelijke correspondentie (doorslag of getypte kopie).
* **Kernboodschap:** De brief is een formele afwijzing van een verzoek van de heer Droogendyk. Hij wilde een vaste standplaats op de Albert Cuypmarkt direct voor zijn eigen winkelpand (nummer 221). * **Juridische grondslag:** De weigering is gebaseerd op het 'Reglement op de Markten'. De directeur benadrukt dat standplaatsen strikt worden toegewezen op basis van 'anciënniteit' (hoe lang iemand al een voorkeurskaart heeft). * **Toon:** De toon is ambtelijk, zakelijk en onverbiddelijk. De onderstreping van het woord "niet" versterkt het definitieve karakter van de beslissing. * **Taalgebruik:** Het document hanteert de spelling van vóór de wijziging van 1947 (bijv. "wyzen" en "zyn" met een y in plaats van ij).
Getypte brief (doorslag) met handgeschreven kanttekeningen.
In deze korte ambtelijke mededeling wordt de Hoofdcommissaris van Politie in Amsterdam op de hoogte gesteld van gewijzigde sluitingstijden voor de markten. De kernpunten zijn: * **Periode:** Van 15 november 1940 tot eind februari 1941. * **Nieuwe regel:** Markten mogen doorlopen tot uiterlijk 18:00 uur (voorheen 17:00 uur), maar met een belangrijke beperking: ze moeten in elk geval een half uur vóór zonsondergang gesloten zijn. * **Communicatie:** De exacte wekelijkse tijden worden via openbare kennisgevingen vanuit het college van Burgemeester en Wethouders gecommuniceerd. * **Terminologie:** Het document gebruikt de destijds gangbare spelling met 'y' in plaats van 'ij' (tydsomstandigheden, uiterlyk, tydstip).
Dienstbrief (doorslag of kopie).
* **Inhoud:** Het document is een officiële afwijzing van een verzoek. De heer Zandvoort had gevraagd of hij op zijn marktplaats op de Lindengracht hulp mocht krijgen van een 13-jarig meisje. * **Besluit:** Het verzoek wordt resoluut afgewezen. Het woord "niet" is in de getypte tekst onderstreept om de nadruk te leggen op de weigering. * **Taalgebruik:** Formeel en ambtelijk ("naar aanleiding van", "vervatte verzoek", "inwilliging"). * **Handgeschreven toevoegingen:** De notitie "Zie M. de Haan" verwijst waarschijnlijk naar een relevante ambtenaar of een gerelateerd dossier. De notitie "extra" zou kunnen wijzen op een specifieke administratieve afhandeling of status van de brief.
Officiële waarschuwingsbrief/correspondentie.
Deze brief is een formele, schriftelijke waarschuwing aan een marktkoopman genaamd J.A. Pitters. De toon is zakelijk en berispend. De kern van de klacht is dat de heer Pitters op 30 maart 1940 zijn twee karren te ver in de "doorloop" (het gangpad voor het publiek) had geplaatst op de Lindengrachtmarkt. De brief dient als een officieel dossierstuk, wat blijkt uit de administratieve kenmerken en de handgeschreven aantekening dat er twee exemplaren zijn gemaakt en dat de brief op 6 april daadwerkelijk is verzonden. Het gebruik van "ernstig" in de waarschuwing duidt erop dat dergelijke overtredingen niet lichtvaardig werden opgevat, waarschijnlijk vanwege de veiligheid en de doorstroming op de markt.
Getypt afschrift (doorslag) van een officiële brief.
Dit document is een officiële beschikking waarin uitstel wordt verleend aan een markthandelaarster voor de 'bezetplicht' van haar marktplaatsen. * **Kern van de zaak:** Mevrouw Den Heyer-Taal heeft verzocht om haar standplaatsen op de Amsterdamse markten (Lindengracht en Westerstraat) tijdelijk niet te hoeven bemannen. * **Besluit:** De directeur staat dit voor een periode van maximaal drie maanden toe. * **Voorwaarde:** Het marktgeld moet ondanks haar afwezigheid wekelijks voldaan worden. Dit duidt erop dat het behoud van de vergunning strikt gekoppeld was aan zowel fysieke aanwezigheid als financiële afdracht. * **Administratieve kenmerken:** De handgeschreven aantekening "Verzonden 22/11" bevestigt de daadwerkelijke verzending van het origineel op de dag van datering.
Brief (doorslag/kopie van een officiële waarschuwing).
* **Inhoud:** De brief betreft een officiële, ernstige waarschuwing aan een marktkoopman, de heer I. Pam. Hem wordt verweten dat hij op 2 april 1940 zijn kar op de Dapperstraatmarkt heeft laten staan nadat hij zijn waren al had uitgestald. Dit was een overtreding van artikel 26, sub d, van het toenmalige Marktreglement. * **Toon:** De toon is strikt formeel en bureaucratisch, kenmerkend voor gemeentelijke correspondentie uit die tijd. Er wordt direct gedreigd met gevolgen bij herhaling ("waarschuw U hierbij ernstig"). * **Administratieve context:** De codes "26/28/2 M." en "HG." zijn archief- en/of medewerkersreferenties. De handgeschreven notitie "extra" en een naam (mogelijk een dossierbeheerder) wijzen op interne verwerking binnen de gemeentelijke dienst.
Typoscript (doorslag van een uitgaande brief) met handgeschreven kanttekeningen.
De brief is een formeel administratief besluit gericht aan de heer J.G. Runneburg. De kern van de boodschap is dat een eerdere beslissing om zijn vaste marktplaats op het Mosplein in Amsterdam-Noord in te trekken, is herroepen ("ongedaan gemaakt"). Dit gebeurde op verzoek van de betrokkene zelf via een brief van 26 september 1940. Uit de handgeschreven notitie bovenin blijkt dat de brief feitelijk is verzonden op 11 oktober 1940.
Getypte ambtelijke brief (doorslag) met handgeschreven kanttekeningen.
* **Kernboodschap:** De brief bevat een concept-persbericht waarin de sluitingstijd van de markten wordt vervroegd. Kooplieden moeten voortaan 30 minuten vóór zonsondergang weg zijn. * **Handgeschreven wijzigingen:** Er is een opvallende handgeschreven correctie van de tijd: "19.10 uur" is handmatig aangepast naar "18,50 uur". Dit wijst op een last-minute correctie op basis van de exacte astronomische gegevens voor de zonsondergang op die specifieke dag. * **Administratieve links:** Er wordt verwezen naar een dossiernummer (20/31/5 M) en een vorig rapport van 11 september, wat duidt op een lopend proces rondom de regulering van de openbare ruimte onder bezettingstijd. * **Terminologie:** "Wethouder voor de Levensmiddelen" was een cruciale post tijdens de oorlog in verband met de distributie en voedselvoorziening.
Doorslag van een ambtelijke brief/correspondentie.
De brief is een officiële reactie op een klacht van de heer C.v. Bavel, een koopman gevestigd in de Raamsteeg. Uit de tekst blijkt dat Bavel (en mogelijk anderen) heeft geprobeerd of de wens heeft geuit om 'bokking' (gerookte haring) buiten het officiële marktterrein van de Vischmarkt in te kopen. De directeur wijst dit verzoek resoluut af op basis van "overwegende bezwaren". De brief heeft een dwingende toon: de ontvanger wordt gesommeerd zich strikt te houden aan de aanwijzingen van de "halopzichter-afslager". De sanctie op het niet naleven van deze regels is zwaar: ontzegging van de toegang tot het marktterrein, wat voor een viskoopman in die tijd het einde van zijn nering kon betekenen.
Ambtelijke brief / doorslag van een uitgaand schrijven.
De brief is een formeel verzoek aan de Wethouder voor de Levensmiddelen om een persbericht (communiqué) namens het college van Burgemeester en Wethouders (B&W) te laten publiceren. De kern van de mededeling is een wijziging in de regels voor marktkooplieden en marktbezoekers in Amsterdam. De belangrijkste punten zijn: * **Verduisteringsmaatregelen:** De aanleiding voor de wijziging is de verduisteringsplicht die door de bezetter was opgelegd. * **Ontruimingstijd:** Markten moeten voortaan uiterlijk een half uur vóór zonsondergang leeg zijn. * **Concrete deadline:** Voor zaterdag 19 oktober 1940 wordt een specifiek tijdstip genoemd: 18:10 uur. * **Administratieve opvolging:** Het document verwijst naar een eerdere brief van 8 oktober, wat aantoont dat de praktische invulling van de verduisteringsregels voor de markthandel een punt van aanhoudende zorg en planning was.
Brief (administratieve correspondentie).
* **Kernboodschap:** De brief is een officiële bevestiging dat de heer L. Drukker is vrijgesteld van het betalen van marktgeld. * **Belangrijke data:** * **10 februari 1940:** De datum van het verzoekschrift van de heer Drukker ("brief d.d. 10 dezer"). * **23 december 1939:** De datum waarop de vrijstelling met terugwerkende kracht is ingegaan. * **21 februari 1940:** De datum van verzending van deze beslissing. * **Vorm:** Het betreft een standaard zakelijke mededeling. Het gebruik van "p/a" (per adres) geeft aan dat de heer Drukker op dat moment verblijf hield bij de heer J.W. Jenken in Horssen.
Ambtelijke waarschuwingsbrief / Dienstbrief.
Het betreft een formele waarschuwing aan een marktkoopman wegens het overtreden van de marktverordening. De heer Yu Yen Wang wordt berispt omdat hij op zaterdag 23 november 1940 zijn staanplaats op de Albert Cuypmarkt niet tijdig had ontruimd. De brief hanteert een dwingende toon ("Ik maan U hierbij aan"), wat gebruikelijk was voor ambtelijke correspondentie in die tijd, zeker waar het de handhaving van de openbare orde en marktregels betrof. Het document weerspiegelt de nauwgezette administratieve controle op straathandelaren in Amsterdam.
Doorslag van een ambtelijke brief (typschrift).
Deze brief is een formeel antwoord van een gemeentelijke instantie aan de heer W. Vierra. Vierra had een verzoek ingediend (op 29 augustus 1940) om een zekere heer Waterman bij te staan op zijn marktplaats. De directeur verleent hiervoor toestemming, maar stelt een strikte voorwaarde: Vierra mag Waterman alleen *helpen* en niet *vervangen*. Dit houdt in dat de vergunninghouder (Waterman) te allen tijde zelf bij zijn kraam aanwezig moet zijn. Dergelijke administratieve besluiten waren typerend voor de strenge regulering van marktplaatsen in Amsterdam, waarbij standplaatsvergunningen strikt persoonsgebonden waren.
Officiële brief/kennisgeving.
Dit document is een officiële beschikking van de gemeente Amsterdam betreffende een marktvergunning op de Albert Cuypmarkt. De kernpunten zijn: * **Verzoek:** De heer M. Koekenbier heeft op 20 augustus 1940 verzocht om een wijziging in zijn assistentie op de markt. * **Besluit:** De directeur verleent toestemming (tot wederopzegging) dat de heer Koekenbier op zijn standplaats wordt bijgestaan door A. Rol (geboren in 1915), in plaats van door de eerdere assistent J. Koekenbier. * **Belangrijk voorbehoud:** Er wordt expliciet vermeld dat het gaat om "bijstaan" en "niet vervangen". In de marktomstandigheden van die tijd betekende dit dat de vergunninghouder zelf aanwezig moest blijven en de assistent slechts als hulp mocht fungeren, niet als zelfstandig exploitant van de plek. * **Locatie:** De ontvanger woonde op de Albert Cuypstraat 249, wat direct aan de marktlocatie ligt.
Doorslag van een officiële brief (typefout-correcties en papierstructuur duiden op een kopie voor het archief).
In deze brief reageert de directeur van de marktdienst op een verzoek van de heer A. Velleman om tijdelijk zijn standplaats op de markt aan het Mosplein (Amsterdam-Noord) niet te hoeven bezetten. De toestemming wordt verleend voor een periode van twee weken. Opvallend is de administratieve strengheid: hoewel Velleman niet op de markt aanwezig hoeft te zijn, blijft hij verplicht het marktgeld wekelijks te betalen aan de dienstdoende ambtenaar. Dit document illustreert de doorgaande bureaucratische processen in Amsterdam tijdens de eerste maanden van de Duitse bezetting.
Getypte officiële brief (waarschijnlijk een doorslag of archiefkopie op roze papier).
Dit document is een formele waarschuwing aan een marktkoopman, de heer G.H. Pelgrim. De kern van de berisping is een overtreding van de marktverordening: Pelgrim heeft zich op de markt aan het Mosplein (Amsterdam-Noord) laten vervangen door zijn zoon zonder de vereiste officiële toestemming van de marktdirecteur. De toon van de brief is streng ("Ik waarschuw U hierbij ernstig"). In die tijd was het marktwezen streng gereguleerd; standplaatshouders waren persoonlijk verantwoordelijk voor hun plek en mochten deze niet zomaar aan derden (zelfs familieleden) overdragen zonder bureaucratische goedkeuring. De handgeschreven toevoeging "extra" suggereert dat er mogelijk spoed bij de verzending was of dat dit een specifieke status binnen het dossier had.
Getypte brief (doorslag/archiefkopie) met handgeschreven notities.
In deze zakelijke correspondentie reageert de directeur van de betreffende gemeentelijke dienst op een verzoek van de heer M. Dresden. Dresden heeft op 7 augustus 1940 verzocht om tijdelijk niet aanwezig te hoeven zijn op zijn marktplaats aan de Dapperstraat in Amsterdam. De directeur verleent hiervoor toestemming voor een periode van maximaal twee maanden. De voorwaarde voor dit uitstel van de bezettingsplicht is dat het wekelijkse marktgeld (stageld) zonder onderbreking doorbetaald wordt. De handgeschreven aantekeningen wijzen op administratieve verwerking door het archief of de betreffende ambtenaar.
Doorslag van een officiële brief/kennisgeving.
De brief is een officiële waarschuwing aan de heer L. Papegaay betreffende zijn marktplaats op de Albert Cuypmarkt in Amsterdam. * **Aanleiding:** De heer Papegaay heeft op 29 oktober 1940 een brief geschreven, waarschijnlijk als bezwaar tegen het feit dat zijn vaste standplaats was ingetrokken. * **Besluit:** De directeur van de marktdienst besluit de intrekking "nog eenmaal" ongedaan te maken. Dit wijst op een laatste kans of een coulance-besluit. * **Voorwaarde:** Er wordt een strikte voorwaarde gesteld: de standplaats moet voortaan minimaal twee keer per week effectief bezet worden. * **Sanctie:** Indien hier niet aan wordt voldaan, volgt "onherroepelijke intrekking". De toon is zakelijk en autoritair, kenmerkend voor de gemeentelijke administratie in die periode.
Doorslag van een getypte brief met handgeschreven correcties en annotaties.
In deze brief wordt de heer D. Zwaan geïnformeerd over een vrijstelling van het betalen van 'marktgeld'. De heer Zwaan was blijkbaar werkzaam op de dagmarkt in de Dapperstraat (Amsterdam-Oost). Omdat hij is opgenomen in de **Opbouwdienst**, hoeft hij gedurende die periode geen staangeld te betalen, mits hij een bewijs van zijn commandant aanlevert. De brief hanteert de toenmalige spelling (vrygesteld, blykt, mynen) en de administratieve indeling van Amsterdam in wijken (Wyk 18). De handgeschreven correcties en de paraaf "M. de Haan" duiden op de interne administratieve verwerking van het document.
Officiële brief/waarschuwing.
Deze brief betreft een formele waarschuwing aan een marktkoopman, de heer S.L. Hangjas. De aanleiding is een overtreding van de marktreglementen: op 16 maart 1940 heeft hij zich op zijn vaste standplaats op de Albert Cuypmarkt laten vervangen door iemand anders zonder dat daar vooraf officiële toestemming voor was gevraagd of verkregen. De toon van de brief is ambtelijk en streng ("Ik waarschuw U hierbij ernstig"). Dit duidt op een strakke handhaving van de regels rondom persoonlijke aanwezigheid op de Amsterdamse markten in die tijd. De afkorting "HG." bovenin staat waarschijnlijk voor 'Hooggeachte' of is een administratieve aanduiding.
Doorslag van een officiële brief/besluit.
* **Inhoud:** De brief is een formele kennisgeving aan de heer M. Polak betreffende een disciplinaire maatregel. Een eerder opgelegde straf (van een dag eerder, 21 maart) wordt omgezet in een voorwaardelijke straf. * **De straf:** Het verbod om gedurende één week een standplaats in te nemen op de Amsterdamse markten. * **Voorwaarde:** Er geldt een proeftijd van één jaar. Als de heer Polak binnen dit jaar opnieuw een "laakbare handeling" begaat, wordt de week schorsing alsnog uitgevoerd, bovenop de straf voor het nieuwe vergrijp. * **Administratieve context:** Het document is een doorslag voor het archief, wat blijkt uit de typemachine-letter en de handgeschreven notitie "Verzonden 22/3-'40". Het gebruik van "Wijk 17" en specifieke dossiernummers wijst op een strak georganiseerde gemeentelijke administratie.
Getypte doorslag van een officiële waarschuwingsbrief.
Dit document is een administratieve berisping gericht aan vijf marktkooplieden. De kern van de klacht is dat zij op zaterdag 21 september 1940 hun staanplaats op de Albert Cuypmarkt in Amsterdam niet op tijd hadden ontruimd. De toon is formeel en gebiedend ("Ik maan U hierbij aan"). Onderaan staan de namen en adressen van de vijf kooplieden die dezelfde brief hebben ontvangen, voorzien van dossiernummers. Opvallend is dat de brief is opgesteld in de vroege fase van de Duitse bezetting van Nederland.
Getypte brief (doorslag op roze papier).
Deze korte zakelijke brief is een officiële intrekking van een eerder opgelegde sanctie. Uit de tekst valt het volgende op te maken: 1. **Aanleiding:** Op 19 april 1940 was er een brief gestuurd (met kenmerk 25/70/3 M.) waarin de heer Locher een straf kreeg opgelegd. 2. **Overtreding:** De vermeende overtreding betrof de bezetting van een marktplaats. Het leek er aanvankelijk op dat een 'knecht' (werknemer) van de heer Locher hem onrechtmatig verving op de markt. 3. **Correctie:** Na nader onderzoek bleek dat de heer Locher de marktplaats al correct had ontruimd. De knecht had dus slechts de schijn gewekt van vervanging, terwijl er feitelijk geen sprake meer was van het bezetten van de plek. 4. **Resultaat:** De directeur trekt de straf volledig in ("als niet geschreven beschouwen").
Officiële brief (doorslag).
Deze brief is een zakelijke afwijzing van een verzoek. De heer D. Hofman, die marktplaatsen bezat op de Westerstraat-markt (Jordaan) en de Ten Katestraat-markt (Oud-West), had op 12 maart 1940 gevraagd of hij mocht worden bijgestaan door een zekere E. Hagenaar. De directeur (waarschijnlijk van de gemeentelijke marktdienst) wijst dit verzoek af zonder opgaaf van redenen. Opvallende details: * **Datum:** 6 april 1940 is slechts een maand voor de Duitse inval in Nederland. * **Locatie:** De President Brandstraat ligt in de Transvaalbuurt in Amsterdam-Oost, een buurt die in 1940 een grote Joodse bevolking kende. Ook de naam Hofman kan Joods zijn. * **Handtekening/Kenmerken:** De brief is een doorslag (copy), herkenbaar aan de paarsige inkt van het typelint. De afkorting "VP/HG" verwijst waarschijnlijk naar de initialen van de behandelend ambtenaar en de typist(e).
Ambtelijke notitie op een voorgedrukt bijblad (Alg. Zaken Model No. 14).
Het document is een interne ambtelijke notitie betreffende de administratie van marktplaatsen. De kern van de zaak is een verzoek tot ruiling van een marktplaats door een handelaar ("Klant m/ Reis-pas"). Er wordt specifiek verwezen naar locaties zoals "Rottenberg" (of Ratfenberg) en de "Fleischhal" (vleeshal). Het proces van afhandeling is zichtbaar door de verschillende data: van de eerste melding op 2 mei, de bespreking op 5 mei, de oproep van de betrokkene op 7 mei, tot de uiteindelijke afwikkeling op 19 mei na overleg met een collega (Jansen). De ambtenaar "Deltaer" lijkt de verantwoordelijke voor dit dossier te zijn.
Doorslag van een officiële waarschuwingsbrief/dienstmededeling.
Dit document is een formele, collectieve waarschuwing gericht aan vier marktkooplieden die op de Albert Cuypmarkt werkzaam waren. De overtreding was het innemen van te veel "plaatsruimte" op de marktdag van 19 augustus 1941. De toon van de brief is streng ("Ik waarschuw U hierbij ernstig"), wat duidt op een strikte handhaving van de marktreglementen door de Amsterdamse autoriteiten. De administratieve nummers voor de namen (bijv. "No.25/100/6 M.") verwijzen zeer waarschijnlijk naar de specifieke vergunningsnummers of dossiernummers van de betrokkenen in de administratie van de Marktdienst. De handgeschreven notities bovenin zijn routeringsinstructies of parafen voor het archief.
Getypte brief op doorslagpapier (copie).
De brief is een officiële beschikking waarin de ontvanger, de heer A. Bartels, tijdelijk wordt vrijgesteld van de plicht om zijn marktkraam op de Westerstraatmarkt in Amsterdam persoonlijk te bezetten. Dit uitstel wordt verleend voor een periode van drie maanden, naar aanleiding van een verzoek dat hij op 29 juli 1941 had ingediend. Hoewel hij niet fysiek aanwezig hoeft te zijn, blijft de financiële verplichting bestaan: het wekelijkse marktgeld moet doorbetaald worden aan de dienstdoende ambtenaar. De toon van de brief is strikt zakelijk en bureaucratisch.
Doorslag van een officiële kennisgeving/lijst van verzending.
Dit document is een administratieve doorslag van een besluit van de Directeur van het Marktwezen in Amsterdam. De kern van de boodschap is een drastische beperking van de handelsvrijheid voor de genoemde personen: zij mogen hun staanplaats op de Ten Katemarkt nog slechts één dag per week innemen, voor een periode van drie maanden. De lijst bevat negen namen met hun respectievelijke adressen. Opvallend is dat meerdere adressen zich in de Kinkerbuurt bevinden (Kinkerstraat, Vasco da Gamastraat, Columbusplein), wat logisch is gezien de nabijheid van de Ten Katemarkt. De nummering (27/48/1 t/m 9) duidt op een dossier- of volgnummering binnen de gemeentelijke administratie. De toevoeging "M" achter het dossiernummer staat waarschijnlijk voor "Marktwezen".
Getypte brief (doorslag/carbonkopie).
* **Doel van de brief:** De afzender vraagt om specifieke informatie over de ingangsdatum van de financiële ondersteuning ("onderstand") van een inwoner van Volendam, genaamd D. Visser. * **Kerninhoud:** De brief is een vervolg op eerdere correspondentie van 10 februari 1941. Er wordt gevraagd naar de exacte datum waarop de heer/mevrouw D. Visser is begonnen met het ontvangen van steun van het Bureau voor Maatschappelijk Hulpbetoon in Edam. * **Toon:** De brief is gesteld in de formele, zakelijke stijl die gebruikelijk was voor ambtelijke correspondentie in die tijd ("verzoek ik U beleefd mij te willen berichten").
Doorslag of archiefkopie van een officiële zakelijke brief.
* **Inhoud:** De brief is een korte, formele ontvangstbevestiging van een klacht die door de heer I. Beesemer op 24 juli 1941 is ingediend. De directeur van de betreffende instantie laat weten dat er "goede nota" van de klacht is genomen, wat een ambtelijke manier is om te zeggen dat de klacht in behandeling is of is geregistreerd, zonder direct een inhoudelijke uitspraak te doen. * **Administratieve annotaties:** De handgeschreven notitie "beantwoord 4/8" duidt op een efficiënte kantoorvoering waarbij de datum van verzending op de kopie is genoteerd. De naam "M. de Haan" rechtsboven verwijst waarschijnlijk naar de behandelend ambtenaar of de persoon die de brief heeft geaccordeerd. * **Toon:** De toon is strikt zakelijk en afstandelijk, typerend voor de Nederlandse bureaucreatie van die tijd.
Administratief bijblad / Dossierkaart.
* **Inhoud:** Het document is een korte ambtelijke instructie of mededeling betreffende een procedure waarbij een "B.G." (mogelijk Burgemeester of een specifieke afkorting voor een overheidsinstantie) betrokken is. Er wordt geconstateerd dat er niet met iedere individuele verzoeker overleg gepleegd kan worden als de stukken al ter voorlegging bij de hoofdinspecteur liggen. Er is echter wel een welwillende instructie ("zooveel mogelijk rekening te houden") voor de afhandeling van het verzoek. * **Schrijver/Ontvanger:** De naam "M. de Haan" staat bovenaan, wat duidt op de geadresseerde of de verantwoordelijke ambtenaar. De afkorting "W/" aan het begin van de tekst staat waarschijnlijk voor "Wilt" (als in: "Wilt u aan B.G. mededelen"). * **Taalgebruik:** Het betreft zakelijk, telegramstijl-achtig Nederlands uit de oorlogsjaren, inclusief de toen gebruikelijke spelling ("Afdeeling", "zooveel").
Document
* **Inhoud:** Het document bevat een administratieve afhandelingsinstructie. De kernboodschap is "Opbergen", wat betekent dat de betreffende stukken gearchiveerd mogen worden. De reden hiervoor is dat de "zaken" op een "verdeellijst" zijn geplaatst, wat duidt op een verdere formele distributie of registratie. * **Procesgang:** De chronologie is zichtbaar via de data: 1. 9 april 1942: Doorgezonden naar een volgende afdeling of ambtenaar. 2. 13 april 1942: Gezien of behandeld door M. de Haan (in rood genoteerd). 3. 22 mei 1942: Definitieve opdracht tot opbergen door De Haan. * **Vormgeving:** Het betreft een standaardformulier (Model No. 14), gedrukt in 1937 (gezien de code 10-1937). De tekst is geschreven in een gangbaar 20e-eeuws cursiief handschrift.
Handgeschreven ambtelijke notitie en conceptbrief.
Het document is een typisch voorbeeld van een interne administratieve afhandeling. Het bestaat uit drie delen: 1. **De besluitvorming:** Een leidinggevende of dossierbehandelaar stelt vast dat de schade vergoed moet worden op basis van een rapport van 'Stam'. Er wordt specifiek vermeld dat het bedrag niet uit 'het potje' (een specifiek budget of fonds) mag komen. 2. **De uitvoering:** Er wordt een instructie gegeven aan de boekhouding en er is een concepttekst geschreven voor de brief aan de heer Visser. 3. **De evaluatie:** De onderste krabbel (waarschijnlijk gericht aan M. de Haan) duidt erop dat het incident aanleiding geeft tot procesverbetering om herhaling te voorkomen.
Administratieve afrekening / Rapport van ontvangst en distributie van goederen.
Dit document is een kwantitatief overzicht van binnengekomen goederen (waarschijnlijk vis, gezien de referentie naar de "Vischmarkt") in Amsterdam gedurende twee dagen in april 1943. De eenheden worden genoteerd als vermenigvuldigingen (bijv. aantal kisten x inhoud of gewicht), wat resulteert in een totaal aantal "stuks" of kilo’s. Opvallend is de nauwgezette boekhouding: 1. **Transportmiddelen:** Er wordt onderscheid gemaakt tussen aanvoer per spoor (wagons) en per weg (auto's). 2. **Verantwoording:** Er is een post voor "Afgekeurd" materiaal, wat wijst op kwaliteitscontrole. 3. **Financiële afwikkeling:** Er wordt een vergelijking gemaakt tussen de berekende waarde/hoeveelheid en wat er daadwerkelijk door de kassen is geïnd. Het "Verschil" van 326 eenheden wordt onderaan verklaard als verstrekkingen aan personeel (kruiers, spoorwegmensen) en openstaande betalingen door het Marktwezen.
Handgeschreven ambtelijke of zakelijke notitie op papier met een geperforeerde rand (mogelijk uit een notitieblok).
Het document bevat twee concrete actiepunten die waarschijnlijk betrekking hebben op een lopend dossier of bezwaarschrift: 1. **Verificatie:** Er moet contact worden opgenomen met de personen die een bepaald stuk hebben ondertekend om te controleren of hun klachten nog actueel en ongewijzigd zijn. 2. **Locatieonderzoek:** Er dient gezocht te worden naar alternatieve loodsruimte in de nabijheid. Hierbij wordt specifiek gezocht naar een ruimte met een "blinde muur" (een muur zonder ramen of openingen), wat vaak wijst op eisen voor veiligheid, isolatie of specifieke opslag. Onderaan staat een opmerking van 14 mei waaruit blijkt dat M. de Haan de opdracht voor dit onderzoek formeel heeft gegeven of dat de zaak in onderzoek is genomen.
Handgeschreven administratieve notitie / dossierstuk.
Het document is een interne ambtelijke notitie uit de periode van de Duitse bezetting in Nederland (februari/maart 1944). De kern van de tekst betreft de selectie of screening van bepaalde personen. 1. **Personen:** Er worden drie namen genoemd: J. Klapmuts, zijn broer (niet bij naam genoemd, maar behorend tot de familie Klapmuts), en J.C. Schalm. 2. **Inhoud:** De schrijver stelt vast dat deze drie personen "in aanmerking zijn gekomen" voor een niet nader genoemde regeling of status. Een zekere "M. de Haan" (mogelijk een meerdere of een rapporteur) heeft bevestigd dat er na onderzoek geen andere personen zijn gevonden die zich in "overeenkomstige omstandigheden" bevinden. 3. **Proces:** * **21-2-44:** Inspectie-bespreking (rode inkt). * **23-2-44:** Vaststelling van de lijst met namen en de conclusie dat de groep compleet is. * **1-3-44:** De opdracht tot "opbergen" (archiveren) door De Haan.
Relevante Archieffragmenten
M. de Haan.
# TRANSCRIPTIE Th: de Haan. [onderstreept]
# TRANSCRIPTIE Den Heer. Directeur v/h. Marktwezen Jan van Galenstraat Amsterdam (W.)
# TRANSCRIPTIE Den Heer Directeur v/h Marktwezen. Jan van Galenstraat. AMSTERDAM W. ===========
# TRANSCRIPTIE Mr. de Haan t. k. Model briefje aan Slaby & Baars, volgens den ed. Jager. Daarna Woon v. Beek Hr. v. Mourikkerke v. Heem met drie kopische Baars brieven ter kennis- plaats doorbetalen 2-4-'42 gewijz. Inspecteur i. v. m. plaats maakt. )